1. Loslaten
Het is een valkuil waar veel ondernemers intrappen. Je geeft een opdracht uit handen, maar aan het einde van de dag zit je alsnog achter de computer het werk van je medewerker af te maken. Want je wilt immers niet dat het fout gaat. Als je iets delegeert, houd vervolgens ook je handen er van af. Probeer meer vertrouwen te hebben in feit dat medewerkers hun taken uitvoeren. Geef ze de ruimte om dat op hun manier te doen. Het resultaat telt.
2. Organisatie inrichten
Je hebt je vergezicht gedeeld met je collega’s en laat de uitvoer ervan aan anderen over. Dat kan heel goed, maar dan moet je daar wel de juiste organisatorische condities voor creëren. Je kunt niet zomaar een strategisch plan op de bureaus van je medewerkers gooien en vervolgens verwachten ze je de weg naar het paradijs tonen. Als ondernemer bedenk je de plannen, maar moet je je ook met de details van de uitvoer bezighouden. Dus stel een projectmanager aan, introduceer een managementmethodiek waarin duidelijk is wie op welk moment eigenaar is van een project, hoeveel capaciteit er voor nodig is om de mijlpalen te bereiken.
3. Macht gebruiken
Je bent niet voor niets de baas, maar aan die titel alleen heb je niets. Je moet je doen gelden. Een informele bedrijfscultuur is heel fijn, maar het schept soms ook verwarring. Je kunt je macht doen gelden door daar een duidelijke formele structuur voor in te richten. Overdrijf echter niet. Het belangrijkste is dat je als baas actief je bevoegdheden aanwendt om de hulpbronnen te controleren en beslissingen te forceren. Een leider/baas keurt plannen en budgetten goed van medewerkers, controleert of ze daar verstandig mee omgaan. Bemoei ook actief met loopbaanstappen en promotie van medewerkers.



