Ascensus is een typische Nederlandse informal investmentbedrijf. Deze kapitaalverstrekkers – die anoniem willen blijven – zagen sinds hun oprichting dit jaar zo’n vijftig proposities voorbij komen. Pas eind vorige maand staken zij voor het eerst geld in de oprichting van een bedrijf. “Er komt voldoende voorbij, maar we zijn kritisch”, aldus een Ascensus-investeerder. “Belangrijk is de persoon achter het bedrijf, die moet snel kunnen schakelen.” Daadwerkelijk investeren doen zij in principe twee tot drie keer per jaar, met bedragen tussen de 25.000 en 100.000 euro, via aandelenkapitaal en achtergestelde leningen. Absolute eis is dat de investering binnen vijf tot zeven jaar vertienvoudigd kan worden. Als het even kan moet de dienst of het product buiten Nederland kunnen worden vermarkt, zo leggen de mensen van Ascensus, beide ondernemers, uit.
Informele investeerders zijn in Nederland schaars: slechts 1,4 procent van de Nederlanders stopt geld in startende bedrijven. Dat zijn er internationaal gezien bijzonder weinig: gemiddeld ligt dat in de westerse wereld op 3 procent, in de Europese Unie op 2,4 procent. Zo is 8,8 procent van de IJslanders particulier kapitaalverstrekker en 4,9 procent van de Fransen.
Maar als een Nederlandse informele investeerder over de brug komt is hij gul. Eén op de vijf investeert meer dan 100.000 euro, iets minder dan de helft tussen de 10.000 en 100.000 euro en een derde 10.000 euro of minder. Alleen in Japan is het gemiddelde bedrag hoger. Het hoge bedrag per investeerder komt mogelijk, omdat het in Nederland relatief duur is een eigen bedrijf te starten. Een andere verklaring is dat Nederlandse informele investeerders vooral kapitaal verstrekken aan grote kansrijke starters.
Misschien kan de durfkapitaalregeling mensen over de streep trekken. Iedereen die meer dan 2.269 euro leent aan een startende ondernemer kan daarvan profiteren. De regeling omvat onder meer vrijstellingen van vermogensbelasting en aftrekbaarheid van verliezen. Bijna 80 procent van de informele investeerders maakt geen gebruik gemaakt van de regeling, 42 procent daarvan kent de regeling zelfs niet.
Informele investeerders in Nederland
- Zijn meestal zelf (oud-)ondernemer
- Denken mee en leveren kennis en netwerken
- Blijven vaak anoniem en zijn moeilijk te vinden
- Zijn in bijna de helft van de gevallen familie
- Doen meestal bedragen tussen de 50.000 en 500.000 euro
- 41 procent verwacht binnen 2 jaar de investering terug te verdienen, 12 procent in vijf jaar, 18 procent in tien jaar
- 38 procent verwacht geen rendement, 20 procent 1 keer de investering, 14 procent 10 keer de investering
- Alleen Japan en Portugal hebben een lager percentage informal investors dan Nederland



