Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Hoogleraar Manfred Kets de Vries: ‘Mensen die topprestaties leveren zitten vol tegenstrijdigheden’

Twijfelen en knopen doorhakken, dat staat op gespannen voet met elkaar. En die tegenstrijdigheden ziet Manfred Kets de Vries, hoogleraar leiderschapsontwikkeling aan Insead, vaker bij mensen die topprestaties neerzetten. Wie daarmee leert schakelen, heeft meer veerkracht en bereikt betere resultaten, schrijft hij.

schakelen-tegenstrijdigheden
Foto: Getty Images

We denken al snel dat mensen die topprestaties neerzetten daadkrachtig, gefocust en zelfverzekerd zijn. Bij nader inzien blijkt het tegendeel: ze worstelen vaak met innerlijke tegenstrijdigheden. Ze zijn zelfverzekerd, maar twijfelen vaak. Ze zijn gedisciplineerd, maar improviseren net zo gemakkelijk. Ze zijn competitief en blijven tegelijkertijd sterk afgestemd op anderen.

Wat deze toppers onderscheidt, is niet de afwezigheid van spanning, maar juist hun vermogen om daarmee om te gaan. Ze zijn in feite managers van paradoxen. Zo’n vaardigheid ontstaat niet vanzelf: ze wordt gevormd door ervaring, feedback en de situaties waarin mensen actief zijn. Daarbij leren ze niet alleen omgaan met innerlijke spanning. Ze gebruiken die ook om hun beoordelingsvermogen aan te scherpen en genuanceerd te reageren.

Wat is een topprestatie?

Wat als een topprestatie geldt, hangt af van de context. Organisaties hebben verschillende verwachtingen, hebben niet dezelfde tolerantie voor risico’s en een eigen definitie van succes. Bij de ene organisatie worden nauwkeurigheid en betrouwbaarheid beloond, de andere hecht meer waarde aan snelheid, initiatief nemen en experimenteren.

Bij sommige organisaties staan individuele prestaties voorop, bij andere is presteren onlosmakelijk verbonden met het vermogen om samen te werken. Deze verschillen zijn van belang, omdat ze bepalen welk gedrag in de loop van de tijd wordt versterkt.

Toppresteerders zijn buitengewoon gevoelig voor deze signalen. Ze letten scherp op hoe beslissingen worden genomen, wat wordt beloond en wat wordt ontmoedigd. Zo leren ze hun aanpak aan te passen zonder aan effectiviteit in te boeten.

De mensen die goed reageren op externe veranderingen, blijken vaak ook het beste in staat om met de tegenstrijdige eisen die ze aan zichzelf stellen om te gaan. Dat brede innerlijke bereik maakt hen alleen maar veerkrachtiger wanneer de omstandigheden veranderen.

Lees ook: Je doet als leider meestal niet wat je zegt

Denken en doen

Toppresteerders in actie stralen zelfvertrouwen uit. Ze nemen beslissingen, verdedigen hun standpunten en blijven doorgaan, zelfs als ze niet over alle informatie beschikken. In complexe omgevingen is deze bereidheid om te handelen van groot belang. Dat zorgt voor momentum waar aarzeling anders de boel zou vertragen.

Achter dat zelfvertrouwen zit ook bezinning. Ze blijven alert op hun eigen blinde vlekken. Via hun interne dialoog, onzichtbaar voor de buitenwereld, zoeken ze actief naar bewijs dat hun aannames tegenspreekt. Ze blijven bereid om van gedachten te veranderen.

Minder sterke presteerders willen spanning juist te snel oplossen. Sommigen klampen zich vast aan zekerheid, ze worden star en wijzen alternatieve standpunten af. Anderen raken verstrikt in twijfel, stellen beslissingen uit en vermijden verbintenissen. Beide reacties ondermijnen op termijn de effectiviteit.

Vasthouden en loslaten

Discipline is een kenmerk van duurzame prestaties. Toppresteerders stellen doelen, bouwen er routines omheen en voeren die door, ook wanneer de motivatie tijdelijk wegzakt. Met deze consistente aanpak bouwen ze momentum op.

Maar discipline alleen is niet genoeg. Nieuwe omstandigheden, prioriteiten of informatie maken plannen soms snel achterhaald. Toppresteerders herkennen dat en passen zich daarop aan. Ze experimenteren met alternatieven en laten plannen los zodra die hun doel niet langer dienen.

Centraal in hun succes staat het vermogen om te schakelen tussen discipline en flexibiliteit. De keuze om door te zetten of van koers te veranderen, weegt vaak zwaarder dan welke eenzijdige strategische keuze dan ook.

Doorzettingsvermogen en empathie

Het is geen verrassing dat toppresteerders gedreven zijn. Ze stellen veeleisende doelen en gaan daar met de nodige energie en doorzettingsvermogen achteraan. Wat minder voor de hand ligt, is dat hun empathisch vermogen ook vaak goed is ontwikkeld.

Ze letten scherp op hoe anderen reageren, wat hen motiveert en waar spanningen kunnen ontstaan. Dat bewustzijn maakt dat ze ook uitblinken in het beïnvloeden van anderen.

Prestaties hangen in de meeste organisaties af van afstemming en de bereidheid van anderen om mee te werken. Een puur resultaatgerichte aanpak kan die twee voorwaarden op termijn ondermijnen. Omgekeerd kan een te grote nadruk op harmonie ze net zo goed verzwakken.

Toppresteerders houden beide risico’s in het oog. Ze gaan voor resultaten, maar blijven tegelijkertijd afgestemd op de mensen om hen heen. Zo weten ze precies wanneer ze druk moeten uitoefenen en wanneer ze een stapje terug moeten zetten.

Lees ook: Angst om te falen wordt gemakkelijk verward met angst om succes te hebben

Koers houden en bijsturen

Een goed gevoel voor strategische richting is een ander kenmerk van toppresteerders. Ze kunnen helder maken wat ze willen bereiken, dat duidelijk communiceren en er een ijkpunt van maken voor beslissingen. Dat geeft een team een gevoel van purpose.

Toch beseffen ze dat aannames niet altijd kloppen. Die twijfel zet ze ertoe aan aannames te toetsen en naar aanvullende perspectieven te zoeken. Flexibel denken dus, zonder dat de koers die ze hebben uitgezet daaronder lijdt.

De uitdaging zit in het combineren van visie en twijfel. Richting geven zonder openheid wordt dogmatisch. Openheid zonder de koers aan te geven, leidt tot afdwalen. Toppresteerders kiezen voor een pad, maar blijven bereid om bij te sturen.

Niet kiezen, maar integreren

Uit al deze voorbeelden komt één patroon naar voren. Toppresteerders lossen spanningen niet op door één kant te kiezen. Ze ontwikkelen de vaardigheid om er dwars doorheen te opereren.

Het is niet zozeer een balanceeroefening, maar integratie, het vermogen om in de breedte te blijven functioneren. Ze schakelen tussen tegengestelde eisen zonder in een van beide vast te lopen. Dat geeft ze meer manieren om na te denken, te beslissen en te handelen.

Dat schakelen geeft ze een doorslaggevend voordeel. In complexe omgevingen, waar omstandigheden voortdurend veranderen en afwegingen onvermijdelijk zijn, presteren zij die spanning kunnen vasthouden beter dan degenen die er zo snel mogelijk vanaf willen.

Wat organisaties verkeerd doen

In veel organisaties sturen prestatiebeoordelingen en leiderschapsmodellen mensen maar één kant op. Medewerkers worden in de ene context aangemoedigd om besluitvaardiger, gedisciplineerder of zelfverzekerder te zijn. In een andere situatie moeten ze dan weer meer samenwerken, flexibeler of opener zijn.

Het zijn goedbedoelde boodschappen, maar ze leggen vaak de nadruk op één dimensie ten koste van de andere. Op den duur versmalt daardoor het spectrum van leidinggevenden en dat kan weer een negatieve impact hebben op hun prestaties.

Een nuttigere aanpak is erkennen dat veel kwaliteiten die met topprestaties worden geassocieerd elkaar juist tegenspreken. Mensen moeten leren schakelen tussen tegengestelde eisen. Dat levert een grotere veerkracht op in complexe omgevingen.

Weerspiegelen, niet versimpelen

Topprestaties worden vaak toegeschreven aan duidelijkheid en consistentie. Die kwaliteiten zijn belangrijk, maar vertellen niet het hele verhaal. De meest effectieve mensen zijn zelden eenvoudig of voorspelbaar. Ze opereren in omgevingen die op zichzelf al complex zijn.

Hun kracht ligt in hun vermogen om die complexiteit te weerspiegelen in plaats van te versimpelen. Ze zoeken geen balans en harmonie in traditionele zin. Wel weten ze tegenstrijdige eisen steeds beter met elkaar te verzoenen, en dat levert nu juist die duurzame prestaties op.

Lees ook: Zeven manieren om je uitstelgedrag te tackelen