Winkelmand

Geen producten in je winkelmand.

Arrogantie op de werkvloer blijkt gevaarlijk besmettelijk

Niks mis met een gezonde dosis zelfvertrouwen. Het kan echter desastreuze gevolgen hebben als dit omslaat in zelfoverschatting. En dat is nog niet alles. Uit nieuw onderzoek blijkt nu dat arrogantie aanstekelijk werkt.

Je leest nu: Arrogantie op de werkvloer blijkt gevaarlijk besmettelijk

De psychologie van zelfoverschatting is al vele jaren een geliefd onderzoeksgebied binnen de wetenschap. Zo wilde psycholoog James Reason in de jaren tachtig van de vorige eeuw meer weten over de manier waarop mensen denken over hun eigen rijgedrag en dat van anderen. Hij vroeg aan 520 Britse bestuurders in te schatten hoe vaak ze een verkeersovertreding hadden begaan. Vergaten  ze bijvoorbeeld regelmatig in de achteruitkijkspiegel te kijken? Of waren ze weleens op een verkeerde rijstrook terechtgekomen bij het naderen van een kruispunt? Ook werd aan de deelnemers gevraagd om hun eigen rijvaardigheid te vergelijken met die van anderen.

Nu zou je denken dat de meeste mensen wel enig besef hebben van hun eigen kunnen. Het tegendeel bleek waar. Reason ontdekte dat slechts vijf mensen van mening waren dat ze slechtere bestuurders waren dan gemiddeld. Minder dan 1 procent van de totale steekproefgrootte dus. De rest beschouwde zichzelf als een gemiddeld goede bestuurder of zelfs beter dan gemiddeld – ook de mensen die voortdurend fouten maakten in het verkeer. Volgens Reason hadden zij geen enkel benul van hun eigen tekortkomingen.

‘Better-than-average’ effect 

 De afgelopen dertig jaar hebben psychologen nog veel meer gevallen van zelfoverschatting ontdekt. Uit deze studies komt onder meer naar voren dat we de neiging hebben te denken dat we intelligenter, creatiever, atletischer, betrouwbaarder, eerlijker en vriendelijker zijn dan andere mensen. Dit fenomeen staat ook wel bekend als het ‘better-than-average’ effect.

In een artikel op de website van de BBC worden de nadelige gevolgen van dit effect besproken. Op de weg kan het  bijvoorbeeld leiden tot riskant rijgedrag en ernstige ongevallen, in de geneeskunde tot fatale diagnostische fouten en binnen de rechtsspaak tot valse beschuldigingen en gerechtelijke dwalingen. Bovendien is gebleken dat overmoedige mensen in leidinggevende posities het bedrijf waar ze voor werken tot op de rand van de afgrond kunnen brengen.

Overmoedige mensen in leidinggevende posities kunnen het bedrijf waar ze voor werken tot op de rand van de afgrond  brengen

Het is dan ook niet verwonderlijk dat zelfoverschatting bekend staat als een van de meest hardnekkige cognitieve vooroordelen. Nobelprijswinnaar Daniel Kahneman merkte in een interview met The Guardian zelfs op dat hij, als hij één ding aan de menselijke psychologie zou mogen veranderen, direct ons superioriteitscomplex zou elimineren.

Besmettelijk

Nieuw onderzoek van sociaal psycholoog Joey Cheng toont nu aan dat zelfoverschatting ook nog eens besmettelijk kan zijn. ‘Als je bent blootgesteld aan een overmoedig persoon, is de kans groter dat je je eigen positie vervolgens overschat’, zegt ze. Dit kan ervoor zorgen dat gevaarlijke en misleidende gedachten zich snel binnen een team verspreiden.

Cheng geeft aan dat ze geïnspireerd werd door anekdotes over het gedrag van mensen die op Wall Street werkten. Volgens die verhalen komen arrogantie en zelfoverschatting hier namelijk veelvuldig voor. In andere sectoren, zoals het onderwijs, hoor je dergelijke verhalen juist veel minder. Cheng vroeg zich daarom af of de ontwikkeling van een ‘opgeblazen ego’ in bepaalde groepen of teams extra gestimuleerd werd.

Meer bescheiden deelnemers schatten zichzelf hoger in nadat zij een taak hadden uitgevoerd met een overmoedige partner

De deelnemers voerden tijdens deze studie verschillende taken uit. Eerst individueel, daarna samen met een van de andere deelnemers. Tussendoor werd hun zelfvertrouwen gemeten aan de hand van verschillende vragenlijsten. Wat bleek? De in eerste instantie meer bescheiden deelnemers schatten zichzelf hoger in nadat zij een taak hadden uitgevoerd met een overmoedige partner.

In een tweede experiment waren de resultaten nog opmerkelijker. Zelfs als de deelnemers werden blootgesteld aan fictieve reacties van mensen die het overduidelijk ‘te hoog in de bol’ hadden, schatten zij hun eigen prestaties gemiddeld 17 procent hoger in. Als ze daarentegen een meer realistische persoon te zien kregen, onderschatten ze hun eigen kunnen met ongeveer 11 procent. Precies het tegenovergestelde resultaat dus.

Grote gevolgen

 Ook latere experimenten bevestigden dat mensen werden aangestoken door de overmoedige houding van personen waar zij contact mee hadden. Volgens Cheng zou dit effect zich via één enkele bron door een hele groep kunnen verspreiden. Bovendien hadden zelfs korte interacties met overmoedige personen gevolgen: de deelnemers die slechts een paar minuten waren blootgesteld aan een arrogant persoon schatten hun eigen prestaties dagen later nog hoger in.

Cheng waarschuwt voor de risico’s van dit effect op de werkvloer. Als voorbeeld noemt ze het schandaal rond het energiebedrijf Enron, ooit een van de machtigste bedrijven in Amerika. In 2001 werd het failliet verklaard, na meldingen van grootschalige fraude en corruptie. Hebzucht en zelfverrijking speelden hierbij een grote rol en de ‘cultuur van arrogantie’ binnen Enron is tot op de dag van vandaag berucht. Een voormalige medewerker vertelde: ‘De mensen binnen Enron dachten allemaal dat ze slimmer waren dan alle anderen.’

Volgens Cheng toont haar studie aan dat een deel van de arrogante sfeer binnen Enron te wijten was aan het ‘sociale besmettingseffect’. Op basis van deze bevindingen adviseert ze organisaties  eens goed na te denken over het gedrag dat zij in hun werknemers aanmoedigen: ‘Managers en ceo’s moeten zich bewust worden van de invloed die overmoedige en zichzelf overschattende medewerkers op hun collega’s kunnen hebben.’

Ook bij het aannemen van nieuw personeel zou er meer rekening moeten worden gehouden met dit effect. ‘Mensen met een evenwichtige en realistische houding helpen zelfoverschatting binnen een team te beteugelen. Daardoor heeft het team als geheel meer kans met beide benen op de grond te blijven’, aldus Cheng.