Door torenhoge schulden dreigt KPN in het moeras te verdwijnen. Geen wonder dat het bedrijf als een van de slechtste ondernemingen uit de bus komt. Maar wie is er eigenlijk schuldig aan de neergang, Paul Smits of zijn voorganger, Wim Dik?
De schuld van KPN bedraagt 23 miljard euro, zo'n 13 procent van de staatsschuld aller Nederlanders. De staatsschuld (ruim 174 miljard euro) is in tientallen jaren opgebouwd, en is onder andere geïnvesteerd in wegen, spoorlijnen en havens. KPN's schuld is in korte tijd uitgegeven aan (onder andere) licenties voor UMTS, een techniek die zich nog helemaal niet heeft bewezen.
Bovendien zijn KPN's kredieten ook een soort 'staatsschuld'. De Staat der Nederlanden heeft nog een aanzienlijk belang in het bedrijf (30 procent). Eind 2000 was dat belang nog 20 miljard euro waard. Een jaar later was het vermogen van de Staat, door het inzakken van KPN's beurskoers, 15 miljard euro in waarde verminderd. Van de overgebleven 5 miljard was eind september nog eens 3 miljard euro verdwenen. Omgerekend naar alle Nederlanders is ons dus in die periode een bedrag van 1140 euro (2500 gulden) per hoofd van de bevolking door de neus geboord. 2,5 Mille! Per Nederlander een leuke vakantie!
Wie kunnen we daar verantwoordelijk voor stellen? Wim Dik, Paul Smits of een andere KPN-bestuurder?
Molensteen
Hoewel Smits het veld heeft moeten ruimen als bestuursvoorzitter na een harde actie van de banken ('Smits eruit of wij eruit'), is het opvallend hoe mild de commentaren over het handelen van de raad van bestuur in de afgelopen jaren zijn. Niemand legt de vinger op één bewijsbare fout. Niemand kan er immers wat aan doen dat de koersen ingezakt zijn? “Zelfs Onze-Lieve-Heer kan KPN niet in zijn eentje redden,” zoals NRC Handelsblad iemand citeerde.
Journalisten en analisten beschrijven zowel Smits als Dik als 'kundige' bestuurders. Het lijkt alsof men ervoor terugdeinst om in het kleine telecomwereldje met het vingertje naar elkaar te wijzen.
Daarnaast zijn de commentaren vaak tegenstrijdig. Tijdens de fusiebesprekingen met Belgacom werd er alom gesproken over het 'treuzelen' van KPN. Na afloop was ineens bijna iedereen het er over eens dat het goed was dat deze 'heilloze onderneming' voorbij was. Maar niet het afbreken van de fusie is de oorzaak van de problemen. Ook niet het opschorten van de beursgang van KPN Mobile en van de claimemissie eerder dit jaar. Bij een gekelderde koers bieden geen van deze oplossingen veel soelaas. De oorzaak is de molensteen die om de nek hangt: de schuld. De schuld berooft het management van elke manoeuvreerruimte. Ze slorpt de winst op, die omgezet wordt in rente. Ze maakt het bedrijf een speelbal van aandeelhouders en banken. Ze brengt een slechte reputatie met zich mee, waarmee de koers van het aandeel een verdere opdoffer krijgt. Ze brengt uiteindelijk zelfs het voortbestaan van de onderneming in gevaar. Na het aangaan van de schuld was het aantal strategische opties gereduceerd tot twee: aflossen of uitverkoop houden. Allebei waren ze bovendien bij de inzakkende aandelenkoers buitengewoon moeilijk te realiseren.
De vraag is dus, wiens naam kleeft aan de schuld van 23 miljard euro?
Cashflow
De grootste aankopen van de afgelopen jaren waren een belang van 77,5 procent in het Duitse mobiele netwerk E-Plus (9,1 miljard euro) en UMTS-licenties in Nederland en Duitsland (respectievelijk 0,4 en 6,5 miljard euro). Samen nemen deze uitgaven 16 van de huidige 23 miljard euro schuld voor hun rekening.
De overname van E-Plus is het werk van Wim Dik. KPN spande samen met Bellsouth en troefde zodoende France Telecom af. Met de investering van 9,1 miljoen euro verleende KPN Bellsouth bovendien het recht om een aanzienlijk belang in KPN te nemen. Daar hebben de Amerikanen tot nu toe weinig aan gehad.
Bij E-Plus was het erop of eronder. Blijft KPN een 'kleintje' in Europa, of speelt het mee met de grote jongens? Destijds werd de deal alom als een briljante zet van Wim Dik gezien. Bij de bekendmaking schoot de koers van het KPN-aandeel met 12 procent omhoog.
Bij de UMTS-licenties was er sprake van 'marktdwang'. Bijna elk telecombedrijf deed mee aan de veilingen. Je 'moet' zo'n licentie in de toekomst hebben, zo was de gedachte.
Waren het dus allebei onvermijdelijke uitgaven, om de toekomst van KPN veilig te stellen? Nee.
Wim Dik kocht met E-Plus een gezond bedrijf met een stevige cashflow, die opereerde in een sterk groeiende markt. KPN verzekerde zo zijn positie in Europa's grootste telecommarkt: Duitsland.
Medio 2000, toen Paul Smits de licenties kocht, was UMTS een technologie die zich nog niet had bewezen. Om een UMTS-bericht te ontvangen, had je nog een middelgroot Mercedes-busje volgestouwd met apparatuur nodig. Er werd voorspeld dat dat kon worden teruggebracht tot een handzaam toestel dat in de binnenzak past. Maar wanneer?
Intussen is duidelijk dat het nog vele jaren zal duren voordat UMTS geld gaat opleveren. Het 'uitrollen' van de netwerken gaat traag. De betrouwbaarheid is nog ver te zoeken. Intussen dienen zich bovendien steeds meer alternatieve technieken aan. De concurrentie wordt steeds heviger, en áls UMTS al ooit winstgevend wordt, zullen de marges klein blijven.
Beursklimaat
Achteraf praten is makkelijk. Maar Paul Smits had de gok met UMTS nooit mogen wagen. Ook al leek het op dat moment onvermijdelijk, omdat 'iedereen erin meeging'. Helaas voor Smits is dat geen voldoende rechtvaardiging. Je mag van KPN verwachten dat het bedrijf de mogelijkheden kan inschatten van de technieken waarin wordt geïnvesteerd. Dat het érg lang zou duren voordat er opbrengsten tegenover zouden komen te staan, had men kunnen voorzien. Bovendien was het beursklimaat in de zomer van 2000 al veranderd. De beursgang van KPN Mobile, waarvan de opbrengst bestemd was om de aankoop van E-Plus te betalen, moest al worden uitgesteld.
Paul Smits ging te ver met het nemen van risico's. Dat kostte hem zijn baan. Hopelijk niet ook die van de ruim 40.000 andere medewerkers.



