Na jaren van ploeteren heeft het Damrak weer een prima jaar achter de rug. Maar voorzichtigheid is geboden: de olieprijs en de rente kunnen blijven een risicofactor. “Het totaalplaatje is minder gunstig dan vorig jaar.”
Het afgelopen jaar was een goed jaar voor de Amsterdamse effectenbeurs. Oké, de beurs loopt langzaam maar zeker leeg – het aantal noteringen daalde van 199 naar 145 in vijf jaar tijd – en een steeds groter deel van de AEX-fondsen komt in buitenlandse handen – van 86 procent in 2005 naar nu 88 procent. Maar deze ontwikkelingen lijken weinig effect te hebben op het beurssentiment.
Nee, het zijn andere externe factoren waar het Damrak zijn succes aan te danken heeft: de sterke dollar bijvoorbeeld, waardoor in het buitenland behaalde winsten omgerekend naar euro’s hoger uitkwamen. Ook de lage rentestand speelde mee, waardoor de financieringslasten voor het bedrijfsleven lager uitvielen en de risicopremies tot historisch lage niveaus daalden. De positieve effecten vielen – en dat is opmerkelijk – vooral de kleinere fondsen ten deel. De Midkap steeg met ruim 50 procent, de Smallcap met 49 procent en de AEX ‘slechts’ met 36 procent. De verschillen in de eerste maanden van 2006 waren nog sprekender: de AEX steeg met 7,3 procent tegen 21 procent voor de Midkap.
Hoe valt dit te verklaren? San Lie, hoofd beleggingsstrategie van het ABN Amro Investment Office, legt uit dat de grote AEX-fondsen gevoeliger zijn voor de dollarkoers dan de kleinere. Maar er is meer. “Beleggers keken een jaar geleden meer over de grens,” zegt hij. “Nu staan lokale fondsen weer in de belangstelling.” Beleggers gaan kortom bewuster om met beleggingsrisico’s.
Nee, het zijn andere externe factoren waar het Damrak zijn succes aan te danken heeft: de sterke dollar bijvoorbeeld, waardoor in het buitenland behaalde winsten omgerekend naar euro’s hoger uitkwamen. Ook de lage rentestand speelde mee, waardoor de financieringslasten voor het bedrijfsleven lager uitvielen en de risicopremies tot historisch lage niveaus daalden. De positieve effecten vielen – en dat is opmerkelijk – vooral de kleinere fondsen ten deel. De Midkap steeg met ruim 50 procent, de Smallcap met 49 procent en de AEX ‘slechts’ met 36 procent. De verschillen in de eerste maanden van 2006 waren nog sprekender: de AEX steeg met 7,3 procent tegen 21 procent voor de Midkap.
Hoe valt dit te verklaren? San Lie, hoofd beleggingsstrategie van het ABN Amro Investment Office, legt uit dat de grote AEX-fondsen gevoeliger zijn voor de dollarkoers dan de kleinere. Maar er is meer. “Beleggers keken een jaar geleden meer over de grens,” zegt hij. “Nu staan lokale fondsen weer in de belangstelling.” Beleggers gaan kortom bewuster om met beleggingsrisico’s.
Margedoelstelling
Het meest opmerkelijke herstel deed zich voor in de automatiseringssector. De grootste stijger van de AEX-index was dit jaar GetronicsPinkroccade (+632,5 procent). Het fonds staat er financieel een stuk beter voor dan drie jaar geleden, toen het bedrijf langs de rand van de financiële afgrond scheerde. Het lek is boven, maar de problemen zijn nog niet voorbij. Topman Klaas Wagenaar moest enkele weken geleden tegen de verwachting in melden dat de margedoelstelling voor 2005 niet is gehaald. Aandeelhouders mopperden verder over een lijk in de kast bij een Italiaanse dochter (de beschuldiging van creatief boekhouden) en de afvloeiingsregeling van bestuurslid Henny van Schaik, die vijftien maandsalarissen plus pensioen mee wil krijgen, terwijl hij nog geen jaar werkzaam is voor GetronicsPinkroccade.
De kleinste stijger van de AEX was overigens Unilever. Het levensmiddelenconcern presteert volgens VEB-directeur Peter Paul de Vries structureel minder dan concurrerende bedrijven als Nestlé en Danone. Een opmerking waarmee hij zich tijdens de aandeelhoudersvergadering begin deze maand de woede van topman Antony Burgmans op de hals haalde.
Het meest opmerkelijke herstel deed zich voor in de automatiseringssector. De grootste stijger van de AEX-index was dit jaar GetronicsPinkroccade (+632,5 procent). Het fonds staat er financieel een stuk beter voor dan drie jaar geleden, toen het bedrijf langs de rand van de financiële afgrond scheerde. Het lek is boven, maar de problemen zijn nog niet voorbij. Topman Klaas Wagenaar moest enkele weken geleden tegen de verwachting in melden dat de margedoelstelling voor 2005 niet is gehaald. Aandeelhouders mopperden verder over een lijk in de kast bij een Italiaanse dochter (de beschuldiging van creatief boekhouden) en de afvloeiingsregeling van bestuurslid Henny van Schaik, die vijftien maandsalarissen plus pensioen mee wil krijgen, terwijl hij nog geen jaar werkzaam is voor GetronicsPinkroccade.
De kleinste stijger van de AEX was overigens Unilever. Het levensmiddelenconcern presteert volgens VEB-directeur Peter Paul de Vries structureel minder dan concurrerende bedrijven als Nestlé en Danone. Een opmerking waarmee hij zich tijdens de aandeelhoudersvergadering begin deze maand de woede van topman Antony Burgmans op de hals haalde.
Risico’s
Vooruitkijkend zijn analisten voorzichtig positief over de nabije toekomst. Het blad Geld & Beleggen verzamelde de mening van zeven belangrijke spelers op de Nederlandse markt, waaronder ABN Amro, Van Lanschot en Theodoor Gilissen Bankiers. Conclusie: het wereldwijde rendement op aandelen zal naar verwachting rond de 10 procent liggen. Meer dan obligaties en vastgoed. “De meeste kansen zitten dit jaar in de aandelenmarkt,” beaamt Lie van ABN Amro. “De economie groeit wereldwijd heel fors, de bedrijfsresultaten zijn goed.” Wel ligt het risico van rentestijgingen op de loer, net als de onzekere Amerikaanse huizenmarkt en de olieprijs. Beleggers zouden zich volgens Lie niet al te defensief op moeten stellen. Flexibiliteit is zijn devies. “Een langetermijnbelegger zal zich weinig aantrekken van mogelijke rentestijgingen. Maar een tactische belegger doet er goed aan om zich vaker dan gemiddeld met zijn portefeuille te bemoeien. Dus snel uitstappen en winst nemen.”
Vooruitkijkend zijn analisten voorzichtig positief over de nabije toekomst. Het blad Geld & Beleggen verzamelde de mening van zeven belangrijke spelers op de Nederlandse markt, waaronder ABN Amro, Van Lanschot en Theodoor Gilissen Bankiers. Conclusie: het wereldwijde rendement op aandelen zal naar verwachting rond de 10 procent liggen. Meer dan obligaties en vastgoed. “De meeste kansen zitten dit jaar in de aandelenmarkt,” beaamt Lie van ABN Amro. “De economie groeit wereldwijd heel fors, de bedrijfsresultaten zijn goed.” Wel ligt het risico van rentestijgingen op de loer, net als de onzekere Amerikaanse huizenmarkt en de olieprijs. Beleggers zouden zich volgens Lie niet al te defensief op moeten stellen. Flexibiliteit is zijn devies. “Een langetermijnbelegger zal zich weinig aantrekken van mogelijke rentestijgingen. Maar een tactische belegger doet er goed aan om zich vaker dan gemiddeld met zijn portefeuille te bemoeien. Dus snel uitstappen en winst nemen.”



