Al het geld dat wordt gespendeerd aan de reïntegratie van werklozen, zorgt er niet voor dat meer mensen een baan vinden. De Volkskrant schrijft dat in 2004 41 procent na twee jaar werk vond, maar dat het merendeel die baan zonder hulp óók gevonden zou hebben. Donner: "Deze mensen komen wel dichter bij werk."
Besparingen op uitkeringen wegen niet op tegen de uitgaven aan reïntegratie, zo blijkt uit cijfers van het ministerie van Sociale Zaken. Meedoen aan een reïntegratietraject heeft volgens het rapport een "klein positief effect" op het vinden van werk. De uitgaven stegen tussen 2000 en 2002 naar 3 miljard euro. Sindsdien is het budget teruggelopen tot 2,2 miljard euro in 2006.
CDA-minister Donner geeft toe dat "het niet goed loopt", maar nuanceert de cijfers ook. "Het beeld dat we miljarden weggooien zou de verkeerde conclusie zijn. Deze mensen komen wel dichter bij werk. Niettemin kunnen we best zuiniger met het geld omspringen."
De minister zegt dat de situatie sinds 2005 is verbeterd, door de invoering van de nieuwe bijstandswet, de reïntegratiecoaches bij uitkeringsinstantie UWV en de marktwerking in de reïntegratiebranche. Bovendien dateren de cijfers uit een periode van recessie, aldus Donner. "De banen zijn er wel. We hebben vacatures, waarvoor we de werklozen gericht kunnen opleiden." Reïntegratie blijft volgens de minister een zinvolle manier om de kosten van de vergrijzing op te vangen en de sociale zekerheid betaalbaar te houden. "Het geld moet gerichter worden ingezet," aldus de minister.
De Tweede Kamer wil een parlementaire hoorzitting over de reïntegratiemarkt. CDA en ChristenUnie vinden het onacceptabel dat het nut van reïntegratie niet kan worden aangetoond. D66-Kamerlid Koser Kaya noemt de reïntegratie nog steeds vooral een verspilling van belastinggeld.



