Aan de regeerperiode van de Britse premier Tony Blair komt na een decennium een einde. De 56–jarige Labour–leider staat het Lagerhuis vandaag nog eenmaal te woord tijdens het wekelijkse vragenuurtje. Daarna wordt hij opgevolgd door zijn twee jaar oudere partijgenoot Gordon Brown.
Nadat hij Downing Street heeft verlaten, geeft Blair naar verwachting ook zijn parlementszetel op. De regeringsleider gaat het evenwel niet rustig aan doen. Media melden dat Blair vandaag wordt benoemd tot speciaal gezant voor het Midden–Oosten van het zogenoemde Kwartet (de Verenigde Staten, de VN, de EU en Rusland). Blair duikt daarmee in een van de moeilijkste politieke kwesties ter wereld: het vormen van een levensvatbare Palestijnse staat.
Anthony Charles Lynton Blair begon in 1997 veelbelovend als een jonge Labour–premier na achttien jaar van Conservatieve regeringen. Met zijn Derde Weg liet hij zien dat een sociaaldemocratische regering een gezond economisch klimaat kon herstellen. Ook werd onder zijn leiderschap vrede bereikt in Noord–Ierland.
Het is de oorlog in Irak die Blair nog lang zal achtervolgen. In de aanloop naar de inval in 2003 leek hij meer te geven om de Amerikaanse president Bush, dan om de mening van de kiezers. De militairen brachten in korte tijd het regime van dictator Saddam Hussein ten val, maar de beleidsmakers in Londen en Washington bleken niet voorbereid op de bloedige burgeroorlog die daarop volgde.
Bron: Reformatorisch Dagblad



