Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Franchise rond je merk bouwen? Thijs Swinkels (Brownies & Downies) geeft 10 tips

Door franchisegever te worden, kun je jouw merk laten groeien. Brownies & Downies-oprichter Thijs Swinkels adviseert nu andere ondernemers over hoe je een succesvolle franchiseformule opzet. 'In feite op basis van de fouten die we zelf hebben gemaakt.'

franchisegever worden formule

Brownies & Downies kent iedereen. Oprichter Thijs Swinkels bouwde zijn sympathieke lunchroom waar mensen met een verstandelijke beperking werken in tien jaar tijd uit tot een keten met 56 vestigingen en 1.000 medewerkers.

Een belangrijke motor achter die groei was de franchiseformule die Swinkels en zijn compagnon maakten van hun zaak, toen die twee vestigingen had in Veghel en Sint-Oedenrode. ‘We gingen de wereld even veroveren, dachten we. Maar we hadden nog nooit gehoord van het begrip franchise.’

Franchisegever worden? Thijs Swinkels geeft advies

In 2022 verkocht Swinkels zijn bedrijf aan cateraar Albron. Dat maakt de tijd vrij om iets nieuws te beginnen. Met iets waar andere ondernemers die op zoek zijn naar groei nog veel plezier aan kunnen beleven.

Met The Franchise Club adviseert en ondersteunt Swinkels, samen met Philip Christiaans, ondernemers bij het opzetten, uitbreiden of aanscherpen van hun franchiseformule. ‘De kennis en ervaring die we hebben opgebouwd is gigantisch. We willen andere bedrijven behoeden voor de fouten die wij gemaakt hebben.’

Op verzoek van MT/Sprout zet Swinkels op een rij welke vragen je als ondernemer moet beantwoorden om franchisegever te worden.

1. Is je concept geschikt voor een succesvolle franchise?

Swinkels heeft zelf tien jaar ervaring in de horeca met Brownies & Downies, maar de lessen die hij er leerde zijn goed toe te passen op franchises in retail of adviesbureaus, zegt hij.

‘Als ik kijk naar de VS, dan is er in Nederland nog zó veel mogelijk op het gebied van franchises. Ik check weleens op mijn telefoon als ik een mooie zaak tegenkom: hoeveel vestigingen heeft die? Soms sta ik te kijken en zijn het er maar twee. Dan denk ik: dit zou best een landelijk franchiseconcept kunnen zijn.’

‘Als een concept een duidelijke identiteit heeft, goed is neergezet en goed loopt, is het wat mij betreft geschikt voor een franchisemodel. Het is een kwestie van uitstraling, de beleving, de producten. Al helemaal als het nog een duurzaam of sociaal randje heeft, dan heb je iets moois in handen waar wij blij van worden. Dat is het ook echt: wij willen aan de slag voor concepten waar we energie van krijgen.’

2. Welke strategie wil je volgen?

‘Je moet vooraf goed bespreken welke weg je volgt. Als je vooraf de belangrijkste keuzes maakt, word je onderweg niet overvallen als je aan het groeien bent. Typisch iets wat wij bij Brownies & Downies onvoldoende hebben gedaan, wat een paar keer tot flinke problemen heeft geleid. Natuurlijk verloopt nooit alles zoals je het hebt bedacht, maar je moet weten waar je naartoe wilt werken met je franchiseformule.’

3. Waar sta je op langere termijn?

‘Dit hadden wij ook niet bepaald, maar kan ik nu iedereen aanraden: stel voor jezelf vast waar je over vijf en tien jaar wilt staan met je concept. Een sterk concept dat goed staat, is op zich een kwestie van knippen en plakken naar volgende locaties. Maar ga ook weer niet te snel. De groei van je franchiseformule moet niet ten koste van alles gaan.’

‘Op die manier kun je ook telkens weloverwogen keuzes maken: waarin investeren we als formule? Welke functies wil ik toevoegen aan het team op mijn hoofdkantoor? Bovendien kun je op die manier ook met meer controle groeien op basis van je wittevlekkenplan en groeistrategie.’

4. Ga je voor een harde of zachte franchise?

‘Of je kiest voor een zachte franchise met veel vrijheid voor de ondernemer of een harde franchise waarin je zoveel mogelijk vooraf afspreekt, hangt af van je activiteiten. Maar ook van je persoonlijke voorkeur: wil je veel verantwoordelijkheid voor de bedrijfsvoering uit handen geven? Dan zou je je merk in licentie kunnen geven en de ondernemer lokaal lekker zijn gang laten gaan.’

‘Maar wij gingen van zacht naar hard en dat bleek echt het beste te werken. Een harde franchise betekent voor beide partijen heldere afspraken, en goed zicht op wat het oplevert als de ondernemer hard werkt en succes heeft. Je wilt zo weinig mogelijk discussie over bijzaken. Ik geloof er heilig in dat als je een mooi model neerzet naar ieders tevredenheid, je ook samen met elkaar succes kunt hebben.’

5. Welke afspraken maak je met de franchisenemers?

‘Welke afspraken je maakt met de franchisers is echt maatwerk. Hoe wil je ze belonen voor hun ondernemerschap en de risico’s die ze nemen? Als ze hard werken en groeien, mogen ze wat mij betreft allemaal goed verdienen. Dat is het bekende gegeven dat je moet kunnen delen om te kunnen vermenigvuldigen. Bij ons dragen ondernemers minder af naarmate ze meer omzet maken.’

‘Voor de panden moet je bepalen: huur je die zelf en verhuur je die door aan de franchisenemer? Bij kostbare A-locaties of supermarkten kan dat voor de hand liggen. Hoe je de inkoop regelt – centraal of niet – hangt ook sterk af van je concept. Vóór alles geldt ook hier: doe het werk aan de voorkant en zorg voor eenduidige afspraken. Anders krijg je ook scheve ogen onder franchisers. Wij hadden op een goed moment 25 verschillende franchiscontracten met 25 ondernemers. Inmiddels is alles gelijkgetrokken.’

Lees ook: Nieuwe Wet Franchise: hier moet je als franchisegever rekening mee houden

6. Hoe selecteer je je franchisers?

‘Daar moet je echt veel tijd in steken, hebben we geleerd. En wees niet te bang om de lat te hoog te leggen. Uiteindelijk gaan ze met jouw merk aan de slag. Bij Brownies & Downies kunnen ondernemers zich online aanmelden. Dan krijgen ze eerst een gesprek met onze franchisecoach. Als ze door de selectie komen, spreken ze met het management. Zo hebben we wel 10 tot 20 aanmeldingen per week. Er vallen veel mensen af.’

7. Welke locaties kies je voor je franchise vestigingen?

‘Wij openden onze eerste franchisevestiging in Asten. Daar kun je je achteraf van afvragen: is dat nou de ideale plek om een landelijke keten van lunchrooms te starten? Het liep goed hoor, daar niet van. Maar als Veghelse startup zou je misschien beter eerst in Den Bosch of Eindhoven een flagshiplocatie kunnen starten, als je wilt dat het grote publiek kennismaakt met je formule.’

‘Denk dus vooraf na over de strategie als het gaat om het scouten van locaties. Als je gaat voor hoofdsteden, wijk dan niet te snel uit naar regionale plaatsen. En pas op voor goedkope locaties op achterafplekken. Als dat 500 euro aan huur per maand scheelt, kan dat verkeerde zuinigheid zijn.’

‘Het is ook een kwestie van gevoel krijgen bij een dorp of stad. Heel simpel: ga eens op maandagochtend kijken, maar ook op vrijdagmiddag. Dat geeft je eigen indrukken. Die versterken de data die je ook kan gebruiken voor locatiekeuzes.’

8. Ga je voor pure franchise of een mix?

‘Het kan allebei natuurlijk: investeer je zelf in een aantal vestigingen en de formule en/of laat je alle nieuwe locaties over aan zelfstandige franchisenemers? Die mix kun je zelf vooraf bepalen. Er zijn ook merken die helemaal van franchising zijn teruggekomen, zoals Rituals.’

9. Hoe investeer je in de groei van de formule?

‘Wij hebben nooit bewust de tijd en middelen vrijgemaakt om de groei van de franchiseformule te financieren. Daardoor zijn we keihard tegen een muur aangelopen. De kosten liepen uit de hand. En wat de focus betreft: je kunt als ondernemer niet zomaar weglopen uit je eigen tent en alleen maar bezig gaan met de groei elders.’

‘Over het algemeen zul je de investering in de locaties zelf aan de ondernemer kunnen overlaten. Crowdfunding kan daarbij een heel goed instrument zijn. Wij hebben zelf goede banden met Collin Crowdfund opgebouwd. Maar als ondernemer moet je je eigen keuze maken. Vaak is het een combinatie van eigen geld en een financiering.’

Wekelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

10. Stel een raad van franchisenemers in

‘Dat hebben we na een paar jaar pas gedaan en werkt geweldig. Je kunt er ook een vereniging van maken, maar de bottomline is dat je regelmatig met je ondernemers om tafel gaat om te horen wat er misgaat en wat er beter kan. Bij ons ging het bijvoorbeeld over het kassasysteem. Dat beviel niet. Op zo’n moment kun je je franchisenemers betrekken in de selectie van een alternatief systeem, en ook in de extra investering die daarmee gemoeid kan zijn.’

‘De coronaperiode zijn we relatief goed doorgekomen, mede dankzij thuisbezorgen en de webshop. Maar het heeft onze raad wel aan het denken gezet: zou het niet mogelijk zijn om een gezamenlijke pot aan te leggen voor onvoorziene kosten waaraan elke ondernemer elke maand iets bijdraagt en wij als franchisegever ook? En stel je voor dat die pot groeit, dan zou je daaruit kunnen investeren in nieuwe franchisenemers, zodat het vliegwiel verder draait?’

Lees meer over franchisegever worden: