Winkelmand

Geen producten in je winkelmand.

Waarom nee zeggen meer oplevert

Laat je niet afleiden, de lockdown herinnerde Bas van der Veldt aan die belangrijke les. 'Voor je het weet ben je druk met wegwerken wat er allemaal op je bordje komt, in plaats van met diepgang doen wat je wilt.'

Bas van der Veldt
Je leest nu: Waarom nee zeggen meer oplevert

‘Ik ga niet de politiek in.’ Dat beloofde ik mezelf een jaar of twintig geleden, en schreef het op een briefje. Zodat ik deze afspraak met mezelf nooit zou vergeten – wat er ook zou gebeuren. Ik was student, werkte daarnaast bij Afas en vroeg me af hoe mijn leven eruit zou zien als het allemaal zou lukken met het bedrijf. Als het écht succesvol zou worden, wat zou dan slim zijn om te doen? In ieder geval niet de politiek in gaan. Je bereikt er te weinig en hebt er te weinig directe invloed. Wat ik wél wilde, was een netwerk. Want met een goed netwerk vergroot je je kennis, je mogelijkheden en de aandacht voor je onderneming.

Ik zei dus op alles ‘ja’.

En eerlijk is eerlijk: dat was niet alleen vanwege de zaak, maar ook omdat mijn ego dat lekker vond. Bovendien vind ik – net als elke ondernemer – zowat álles leuk. Maar stiekem dreef ik door al dat ja-zeggen soms af van wat echt belangrijk voor me is. Want hoe gaan die dingen? Ergens onderweg gingen Afas en de manier waarop we werken, opvallen. Ik deed mijn eerste interview voor een tijdschrift, mijn tweede, mijn eerste radio-interview, werd gevraagd voor een seminar, dat weer leidde tot een interview, werd gevraagd voor een raad van advies, dat weer zorgde voor een interview, waardoor een branchevereniging mij vroeg.

Lang verhaal kort: er ontstond een molen van vragen. Van de Rotary tot een wethouderschap, en van een schoolbestuur tot een voorwoord, een blogje, en wéér een interview. Het was ongelofelijk leren om nee te zeggen. Nog steeds. Ok, de politiek bleef buiten de deur, maar er zijn zo veel meer vragen. En voor je het weet ben je vooral druk met snel en secuur wegwerken wat er allemaal op je bordje komt, in plaats van met diepgang doen wat je wilt.

Thuiswerken gaf de ervaring opnieuw.

Vooral de eerste twee weken kwamen er minder verzoeken in de categorie interview-presentatie-voorzitterschap. Dat gaf ruimte om te herijken. En zelf te bepalen wat echt belangrijk is. Dat is niet alleen interviews geven, maar ook software maken. Ik ben geboren met een software-gen, heb gevoel voor wat lekker werkt, en voor wat klanten graag willen. Niet voor niets was mijn functie ooit directeur Productontwikkeling.

Inmiddels ben ik weer meer betrokken bij de ontwikkeling, en dat houd ik graag vast. Het geeft een heel ander soort brandstof. Die van creativiteit en echt iets maken, in plaats van praten óver wat we maken. En ja, dan ben ik ook een nerd. We hebben nu in de nieuwe versie van onze software bijvoorbeeld de mogelijkheid om meerdere e-mailadressen voor een klant in te voeren, en om de volgorde van die adressen te veranderen. Als je dat doet, verschuiven ze niet verticaal over elkaar heen, maar horizontaal óm elkaar heen. Ze dansen als het ware. En daar kan ik zó van genieten. Dat kan ik elke dag wel even aanklikken.

En dan de pijnlijke vraag.

Vooropgesteld: er is niks mis met interviews. Ze genereren aandacht voor je business en passen op die manier prima binnen marketing. Maar de echte vraag is: is het voor Afas het beste als ik al die interviews doe? Media vragen mij vaak omdat ik in hun boekje sta als de frisse ondernemer die geen blad voor de mond neemt. En de gesprekken zijn erop gericht om dát beeld te bevestigen. Veel meer dan op wat Afas doet en wat de meerwaarde daarvan is. Terwijl dat laatste juist zo belangrijk is om te vertellen.

En eerlijk? Er zijn collega’s die dat veel beter kunnen dan ik. Onze cfo over onze maatschappelijke taak, onze marketingdirecteur over onze visie op merkkracht en onze hr-manager over werkgeluk en digitaal werken, om maar eens wat te noemen.

‘Ik ga niet de politiek in.’ Dat briefje heeft me enorm geholpen om aan een waardevol netwerk te bouwen, maar geen wethouder of fractievoorzitter te worden. En de periode van thuiswerken helpt me om nog meer los te laten wat geen meerwaarde heeft voor Afas, én me te focussen op wat zo goed bij me past: software maken. Dat levert iedereen meer op.