Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Advertorial – ING Car Lease

ING Car Lease behoort tot de kopgroep van de Nederlandse leasemarkt. Het bedrijf baseert zijn merkonafhankelijke dienstverlening op de pijlers Passie, Relevantie en Ontzorgen – afgekort PRO. Door de vinger aan de pols te houden, scoorde het bedrijf wederom hoog in het Heliview-onderzoek naar klanttevredenheid.


Eigenlijk is iedere auto tegenwoordig wel goed. Wil een leasemaatschappij zich echt onderscheiden, dan moet deze uitblinken in haar dienstverlening. “Wij zetten ons enthousiast in voor oplossingen die een berijder onbezorgd onderweg houden”, beschrijft Managing Director John A. Spies de doelstelling van ING Car Lease. “Daarom kiezen we bijvoorbeeld heel bewust voor de dealer als het gaat om de service van onze auto’s. Deze partij wordt immers als beste ondersteund door de fabrikant en bij een eventuele recall zitten onze berijders daarom snel weer veilig achter het stuur. En uiteraard letten we heel erg op de kosten. Zo leveren we als enige in Nederland bij nieuwe dieselauto’s standaard een gratis Solodiesel-tankdop. De schade van verkeerd tanken bedraagt bij het wegrijden al snel enkele duizenden euro’s. Als je nagaat dat ongeveer twintig procent van de leaserijders minimaal één keer per jaar zo’n fout maakt, bespaart deze dop veel geld, tijd én ongemak.”

Negen plus

Passie. Daar begint het volgens Spies allemaal mee. “Die passie zit in de genen van onze medewerkers”, verklaart hij. “We doen er als directie alles aan om die gedrevenheid op een hoog niveau te houden. We informeren onze mensen ieder kwartaal uitgebreid over de status en strategie van ons bedrijf, zodat ze niet voor verrassingen komen te staan. Als je met veel plezier werkt en betrokken bent, is het makkelijker om net dat stapje extra te doen. Wij gaan dan ook voor een ‘negen plus’-ervaring bij de klant: een zeven beschouwen we als onvoldoende.”
Om relevante en comfortabele oplossingen te creëren, is echter meer dan passie nodig. De leasemarkt is altijd in beweging, dus is het van vitaal belang om de behoeften van de veelzijdige klant te kennen. “We zitten heel dicht op onze klant”, bevestigt Spies. “Onze periodieke klantbijeenkomsten bijvoorbeeld zijn uniek in onze branche. Als directie peilen we dan tijdens een informele lunch wat er leeft onder CEO’s, CFO’s en wagenparkbeheerders, hoe men de toekomst ziet en wat men verwacht van een leasemaatschappij. Ieder heeft toch zijn eigen behoefte. Of dit nu financieel of meer operationeel is: op alle niveaus nemen we de feedback serieus, zodat we onze strategie en service verder kunnen aanscherpen. Daarnaast beschikken we met Fleetagent, ons online-informatieplatform voor wagenparkbeheerders en berijders, over een geavanceerd automatiseringssysteem, waarmee we snel up-to-date informatie kunnen geven en bijvoorbeeld klachten goed kunnen monitoren. Dankzij deze automatisering zijn we overigens ook al in staat om onze beursgenoteerde klanten volgens de straks ingaande IFRS-standaard alle noodzakelijke gegevens elektronisch en overzichtelijk aan te leveren.”

Sterke milieudrive

Net als veel andere bedrijven spant ook ING Car Lease zich in om de uitstoot van CO2 zo veel mogelijk terug te dringen. Zo heeft het bedrijf zich via Cleaner Car Contracts, een initiatief van de Stichting Natuur & Milieu, gecommitteerd om voor eind 2012 alleen nog auto’s in te zetten die niet meer dan 120 gram CO2 uitstoten. Daarnaast attendeert de leasemaatschappij haar klanten op de verbruiksprestaties: minder tanken spaart milieu én de portemonnee. Spies ziet ook toekomst voor elektrisch rijden. “Als eerste in Nederland lieten we eerder dit jaar onze klanten al kennismaken met de eerste niet omgebouwde, maar door een autofabrikant ontwikkelde elektrische auto, de I-MiEV van Mitsubishi”, vertelt hij. “Momenteel onderhandelen we nog met Peugeot en Citroën over de aanschaf van hun elektrische auto’s. We zetten overigens alleen elektrische wagens in die speciaal voor deze vorm van aandrijving zijn ontwikkeld. Ze zijn door en door getest en voldoen aan alle veiligheidseisen, in tegenstelling tot omgebouwde benzineauto’s, waarvan de betrouwbaarheid nog niet bewezen is.”
Momenteel werkt ING Car Lease hard aan het verkrijgen van een ranking op de CO2-prestatieladder. “Deze score is van groot belang voor sommige van onze klanten”, zegt Spies. “Bij aanbestedingen worden niet alleen zij beoordeeld op hun CO2-voetafdruk, maar ook steeds vaker de bedrijven waarmee ze zakendoen. Als een van die dienstverleners dan slecht uit de bus komt, kost dit een onderneming haar tender. We hopen eind dit jaar de ranking binnen te halen – en daarmee weer een extra USP te hebben.”

Van deur tot deur

Door de congestie op de Nederlandse wegen experimenteren steeds meer bedrijven met zogenoemde mobiliteitsbudgetten. Hiermee mogen werknemers zelf bepalen hoe ze hun woon-werkverkeer regelen. “De meest ideale oplossing zou zijn als een werknemer slechts één pasje nodig heeft, waarmee hij de trein, taxi of fiets kan nemen, maar ook een leasewagen zou kunnen ophalen”, vindt Spies. “Misschien is daar eerst een omslag in het denken voor nodig. Iedereen praat over vervoer van A naar B, maar feitelijk willen veel werknemers gewoon comfort van deur tot deur. Op die wens proberen we innovatief in te spelen. Het thuiswerken mag dan toenemen, volgens de klanten van ING Car Lease zal de auto ook in de toekomst een belangrijke rol in het vervoer blijven spelen.”

ING Car Lease Nederland

Takkebijsters 59, 4817 BL Breda
Postbus 6890, 4802 HW Breda
Telefoon: (076) 579 32 00
Fax: (076) 578 00 30
E-mail: [email protected]
www.ingcarlease.nl
 

Met €100 miljoen wil betonrecycler SL Materials zijn duurzame betonproductie flink opschalen

Betonrecycler SL Materials scoort 100 miljoen euro om op te schalen. De technologie om betonpuin te recyclen tot hoogwaardig nieuw beton staat. Nu de hervorming van de bouwsector nog, zegt cco Sven Hiskemuller van der Zijden. ‘Als de regels veranderen, kan ons beton nóg duurzamer.’

SL Materials
In Zaandam wordt een paar honderd duizend ton betonpuin per jaar gerecycled. Foto: SL Materials

In Zaandam staat een fabriek die de bouwsector radicaal duurzamer kan maken. SL Materials − voorheen Urban Mine − reduceert daar betonpuin tot de oorspronkelijke ingrediënten: zand, grind en cement. Van deze grondstoffen kan nieuw beton gemaakt worden. Dat kan tot 80 procent CO2-besparing opleveren ten opzichte van gangbaar beton, belooft de scaleup.

Dat komt goed uit, want de bouwsector is een van de vervuilendste industrieën ter wereld. Vooral bij het verhitten van kalksteen tot klinker komt veel CO2 vrij. De Nederlandse bouwsector heeft weliswaar ambitieuze doelen voor verduurzaming, maar vorig jaar werd nog geen 15 procent van het sloopbeton gerecycled tot nieuw beton.

100 miljoen voor circulair beton

SL Materials, voortgekomen uit familiebedrijf Rutte Groep, heeft zijn technologie voor betonrecycling de afgelopen tien jaar ontwikkeld en geperfectioneerd. De ‘SL’ slaat op ‘Smart Liberator’, de naam van de machine waarmee het bedrijf zand, grind en cement uit betonpuin filtert. In Zaandam wordt op die manier een paar honderdduizend ton puin per jaar gerecycled.

Maar zo goed als de technologie werkt, zo langzaam gaat het opschalen ervan. SL Materials wil wel uitbreiden, maar de strenge stikstofnormen en het overvolle stroomnet gooien roet in het eten, zegt commercieel directeur Sven Hiskemuller van der Zijden. ‘Wij zijn een schoolvoorbeeld van die problemen in de praktijk. We hebben wel een dak vol zonnepanelen, maar de opwek daarvan is niet genoeg om in onze hele stroomvraag te voorzien.’

Toch gaat de opschaling er nu komen. Over een aantal maanden moet de bouw van een nieuwe fabriek beginnen, op een locatie die al een stikstofvergunning heeft. Daarnaast komt er een productiefaciliteit in het Verenigd Koninkrijk, waar SL Materials veel potentie ziet.

Maar zo goed als de technologie van SL Materials werkt, zo langzaam gaat het opschalen ervan, zegt cco Sven Hiskemuller van der Zijden. Foto: SL Materials

Een nieuwe financieringsronde maakt dat mede mogelijk. Het ABN AMRO Sustainable Impact Fund en de Britse verzekeraar Aviva steken samen 100 miljoen euro in SL Materials. Die miljoenen worden uitgekeerd op basis van prestaties. ‘En als we meer geld nodig hebben voor opschaling, is die mogelijkheid er ook’, zegt Hiskemuller.

Sneller opschalen in VK

De financiering van het Britse Aviva is geen toeval. SL Materials verwacht in het VK veel sneller te kunnen opschalen dan in Nederland, zegt Hiskemuller. Dat heeft alles te maken met de tegenwerking die hij hier ervaart. ‘In Nederland bepaalt de markt in grote mate de normen en richtlijnen rondom beton. Dat kan innovatie behoorlijk in de weg staan. Natuurlijk is het goed dat er strenge kwaliteitseisen zijn, maar niet dat die bepaald worden door vertegenwoordigers van grote marktpartijen. Dat is alsof je Shell en BP laat bepalen wat een duurzame brandstof is.’

Keurmerk Komo, waar Hiskemuller op doelt, ontkent dat het verduurzaming bewust zou tegenhouden om de gevestigde belangen te dienen. ‘De techniek van SL Materials is mooi en ze zijn er bijna, maar er is nog iets meer onderbouwing nodig dat het ook echt tegen dwarskrachten bestand is’, zei Edwin Vermeulen, voorzitter van het college van deskundigen van Komo, onlangs tegen de Volkskrant.

SL Materials weerspreekt dat en wijst als bewijs voor zijn prestaties naar onderzoek van Rijkswaterstaat en TU Delft.

Strengere duurzaamheidseisen voor gebouwen

Naast het Verenigd Koninkrijk wil SL Materials op termijn ook andere markten aanboren. Dicht bij huis, zoals België, maar ook verder weg, via licenties. Hiskemuller droomt van een stuk of tien productielocaties in binnen- en buitenland. Een omzetdoel zegt hij niet te hebben: ‘We willen vooral schalen, schalen, schalen.’

Nieuwe duurzaamheidseisen voor de bouwsector geven hem goede hoop. In Nederland zijn de milieuprestatie-eisen voor gebouwen recent aangescherpt en uitgebreid. ‘Dat is echt een katalysator.’ Hiskemuller ziet vooral de vraag naar zijn beton voor grote bouw- en infraprojecten toenemen. Grote bouwbedrijven worden niet alleen over de streep getrokken door de CO2-besparing, maar ook door de prijs van het materiaal. ‘Het is pas echt gaan lopen toen we ons beton voor een concurrerende prijs gingen aanbieden. Eerder hoopte ik nog dat duurzame voorlopers wel 10 procent meer wilden betalen, maar dat is echt een utopie.’

Door de prijsverlaging verdient SL Materials minder aan zijn producten. Het is soms ‘strijden’ om het verdienmodel rond te krijgen, zegt Hiskemuller. Hij hoopt dat een groter volume dat deels compenseert.

Wachten op nieuwe cementnormen

Hoewel de focus de komende jaren vooral ligt op professionalisering en opschaling, heeft ook de technologie meer potentie. Het beton van SL Materials zou nóg duurzamer kunnen als er meer gerecycled materiaal in wordt verwerkt, zegt Hiskemuller. ‘Het probleem is dat het dan niet meer aan de Europese richtlijnen voor beton voldoet. In het soort cement dat wij maken, moet 25 procent Portlandklinker zitten.’

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

De scaleup wacht dus met smart op vernieuwde Europese cementnormen. ‘Onder huidige normen kunnen we nog wel iets verduurzamen, maar we zijn bijna uit geïnnoveerd. Het is vooral wachten tot Europa eens met de vuist op tafel slaat en zijn normen aanpast aan de circulaire economie.’

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dit artikel verscheen eerder op Change Inc., dat net als MT/Sprout onderdeel is van MT MediaGroep.

Lees ook deze artikelen op Change Inc.: