Winkelmand

Geen producten in je winkelwagen.

‘Er is op dit moment geen enkele visie, en nog veel te weinig kennis’

‘Er is op dit moment geen enkele visie, en nog veel te weinig kennis’
Je leest nu: ‘Er is op dit moment geen enkele visie, en nog veel te weinig kennis’

Hoe voorkom je fouten die al door andere bedrijven gemaakt zijn? Steek je licht op bij de sociale wetenschap.

De sociale wetenschap, het zal niet de eerste hulplijn zijn die ondernemers bellen voor hulp bij innovatie. Maar volgens Marko Hekkert, hoogleraar Innovatiewetenschappen aan de Universiteit Utrecht, kunnen bedrijven die circulair willen gaan ondernemen veel leren van sociale wetenschappers. En zo misstappen die door anderen gezet zijn voorkomen. ‘Wij trekken algemene lessen uit het verleden die je ook kunt toepassen op de circulaire economie.’ Hekkert is ook betrokken bij Het Groene Brein, een organisatie die het bedrijfsleven koppelt aan wetenschappers.

Langdurige relaties

Dat bètawetenschappers van groot belang zijn voor de circulaire economie is evident. Kern van deze duurzame economie is dat afval niet bestaat, en dat betekent dat er een grote rol is weggelegd voor de mensen die veel verstand hebben van onder meer materialen en chemische stoffen. Maar dat is slechts een klein deel van circulair ondernemen. ‘Zakendoen in de circulaire economie is volledig anders dan zakendoen in de lineaire economie’, zegt Hekkert. ‘In de lineaire economie verkoop je iets, en ben je daarna klaar met je klant en klaar met je product. In de circulaire economie draait het juist om samenwerkingen en langdurige relaties. Bijvoorbeeld omdat je later nog van je klant je product moet terugkrijgen. En omdat je met partijen moet werken die voor jou kunnen recyclen of onderhoud kunnen doen. Sociale wetenschappers hebben al veel onderzoek gedaan naar dit soort langdurige werkrelaties, de verschillen in benaderingen. Bedrijven kunnen veel van die onderzoeken leren. Wat werkt onder welke omstandigheden?’

Coopetition

‘Vertrouwensbanden worden belangrijker, het is een andere manier van relaties onderhouden, en daar zijn ook andere competenties voor nodig’, zegt Hekkert.
Samenwerken met concurrenten hoort daarbij. ‘Dat noemen we coopetition, een samentrekking van cooperation en competition. Zelfs de meest competitieve bedrijven zullen op een of andere manier met elkaar moeten samenwerken als ze circulair willen zijn.’ Ook in de niet-circulaire economie gebeurt dit al. Hekkert noemt de bruine bierflesjes als voorbeeld. Je koopt ze met een etiket erop van elkaar hevig concurrerende bedrijven. Maar leeggedronken lever je ze in bij een recyclepunt en daar werken die bedrijven samen. En kan een Heineken-flesje later weer gevuld worden met bier van AB Inbev.

Veel transacties

Nog iets wat anders wordt: het aantal transacties neemt toe. Tijdens de langdurige relatie met meerdere partijen gaan er continu diensten en goederen heen en weer. Spullen worden uitgegeven door partij A aan partij B. Partij C doet het onderhoud. Partij D neemt in. Partij E verwerkt. Om weer te leveren aan partij A, die altijd eigenaar bleef van de spullen, bijvoorbeeld. Het aantal transacties neemt, in vergelijking met de lineaire economie, dus toe. ‘Hoe kun je dat nou het meest efficiënt doen? Moet je een alliantie oprichten met je concurrenten? Of een zelfstandige organisatie oprichten voor de recycling? Voor welke transactie moet je welk bedrag leveren? Transactiekosteneconomen weten daar veel vanaf, hebben onderzoek gedaan naar vergelijkbare samenwerkingen in het verleden’, zegt Hekkert.

Parate kennis

Maar hoe vind je nou zo’n wetenschapper? ‘Dat kan onder meer via Het Groene Brein. Het Groene Brein kan je bijvoorbeeld koppelen aan zo’n transactiekosteneconoom. Misschien heeft die econoom dan nog helemaal niet gehoord van de circulaire economie, maar hij of zij zou je wel goed kunnen helpen met je vragen.’ Bedrijven die morgen een antwoord willen hebben, kunnen misschien beter een consultant bellen, geeft Hekkert lachend toe. ‘De wetenschap en het bedrijfsleven hebben soms een ander belang, en ook een ander idee van een goed antwoord. Maar met het Groene Brein proberen we ook snel een goed antwoord te geven. Bij wetenschappers is ook veel parate kennis die op veel situaties toepasbaar is.’

Dezelfde belemmeringen

Onderzoeken waar bedrijven ook veel aan kunnen hebben, gaan over hoe de gevestigde belangen de vooruitgang frustreren, hoe nieuwe betreders van de markt daarmee om zijn gegaan en welke effecten dat had. ‘We zien dat iedereen het in zijn eentje probeert en verschrikkelijk veel tijd stopt in het proberen te veranderen van het systeem, maar dat dat nauwelijks wat oplevert.’ Probeer als kleine partij maar geregeld te krijgen dat iemand geen belasting hoeft te betalen over stroom die hij zelf opwekt. ‘Versnelling vindt pas plaats als iedereen gezamenlijk optrekt. Ook de bedrijven die in eerste instantie denken niet veel met elkaar gemeen te hebben.’ Een verfproducent en een mestproducent denken misschien niks met elkaar te maken te hebben, maar lopen allebei aan tegen strenge afvalstoffenregelingen die hen belemmeren om op een slimme, nieuwe manier te recyclen. ‘Om erachter te komen hoe verschillende partijen dat in het verleden hebben georganiseerd, kun je de wetenschap gebruiken.’

Geen visie

Volgens Hekkert is het nu tijd voor de wetenschap om niet alleen de lessen uit het verleden in te zetten voor de circulaire economie, maar om ook de processen in de circulaire economie te bestuderen. Wat werkt? Wat niet? Waarom? Hij probeert de circulaire economie als interessant onderzoeksveld bij collega’s op de radar te krijgen. ‘Wat ik zelf een belangrijke vraag vind is: moet elk bedrijf een individueel circulair businessmodel maken of organiseren we dit per regio, per land of misschien wel in heel Europa? Gaat elke mobiele telefoonfabrikant straks ook zijn eigen telefoontjes weer inzamelen en blijven de telefoons dus van die fabrikant? Of is het slimmer en voordeliger om alle telefoons van alle merken in te laten zamelen door de gemeente, waarna een recyclebedrijf de mobieltjes verwerkt? En worden de producenten bijvoorbeeld verplicht om bepaalde kleuren te gebruiken voor bepaalde materialen? Er is op dit moment geen enkele visie, en nog veel te weinig kennis’, zegt Hekkert. ‘Mijn gevoel is nu: circulaire economie is een buzzword, maar we hebben geen idee wat het gaat inhouden.’

Hoewel de wetenschap kan helpen, ligt de bal dus bij de ondernemers. Die moeten, deels, het diepe in. Waarna de wetenschap weer kan leren, en hen die volgen verder kan helpen.

 

Meer weten over circulair ondernemen? Bezoek een evenement tijdens de week van de Circulaire Economie