Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Sociaal ondernemerschap hielp dit bedrijf weer relevant worden in een ‘cowboymarkt’

In samenwerking met ImpactCity - Als hij geen sociaal ondernemer was geworden, waren belangrijke klanten naar een concurrent gegaan, denkt Corné Baldwin. 'Het is serieus veel werk om mensen te begeleiden, maar uiteindelijk snijdt het mes aan twee kanten.'

Een ‘cowboymarkt’. Zo noemt Corné Baldwin de markt voor bedrijfskleding. Hij ziet drukkerijen die T-shirts gaan bedrukken zonder verstand van textiel, en bouwmarkten die werkkleding verkopen die helemaal niet lekker zit. ‘Er is een wildgroei aan ondernemingen die helemaal geen kennis van kleding hebben.’

Daartussen is het moeilijk standhouden, weet Baldwin. Hij is directeur van Dutch’n Decent, ontwerper en producent van bedrijfskleding voor onder meer hotels, restaurants, retail en beveiligingsbedrijven. Op de technische school voor mode en kleding leerde hij: bedrijfskleding komt nauw. De stof moet niet alleen comfortabel zitten en lang meegaan, maar de kleding moet ook makkelijk te wassen zijn, liefst niet kreuken en voor langere tijd beschikbaar zijn voor nieuwe medewerkers.

Kijk naar Amare, het Haagse theater waarvoor zijn bedrijf de kleding ontwierp. ‘Hun vorige ontwerper had een prachtige collectie gemaakt, maar van compleet de verkeerde materialen. Daardoor was de pasvorm niet geschikt voor elk type lichaam én lagen de wasserijkosten heel hoog. Met onze nieuwe kleding besparen ze ruim op wasserijkosten.’

Duurzame bedrijfskleding

Dutch’n Decent zet hoog in op kwaliteit om zich te onderscheiden van concurrenten. Maar dat is niet genoeg, weet Baldwin. In de coronaperiode, toen zijn bedrijf dreigde om te vallen omdat opdrachten wegvielen, besloot hij zich meer te richten op duurzaam en sociaal ondernemen.

Die duurzaamheid neemt vele vormen aan. Deels gaat het om ecologisch verantwoorde stoffen: Dutch’n Decent gebruikt voornamelijk gerecycled polyester en biologisch katoen. Dat is duurder, zegt Baldwin, maar klanten zijn wel bereid ervoor te betalen. ‘Want de kwaliteit is ook beter. We profileren ons nu gewoon als bedrijf in een hoger prijssegment.’

Directeur Corné Baldwin van Dutch'n Decent
Directeur Corné Baldwin: ‘Als het bedrijf in slecht vaarwater komt, kan de stichting gewoon impact blijven maken.’

De duurzame kleding levert bovendien voordelen op voor de klant. Hotels moeten bijvoorbeeld aan bepaalde eisen voldoen als ze een duurzaamheidskeurmerk willen behalen. Duurzame kleding telt daarvoor mee. Daarbij gaat het niet alleen om de herkomst van de stoffen, maar ook bijvoorbeeld hoeveel wasmiddel en water er nodig is voor het reinigen.

Ook als bedrijfskleding wordt afgedankt omdat medewerkers uit dienst gaan, wil Dutch’n Decent er verantwoordelijkheid voor nemen. Het heeft daarom een eigen retourservice, waarbij oude kleding wordt opgehaald en gerecycled door bijvoorbeeld Frankenhuis Textile Recycling. Idealiter wordt het gerecycled tot nieuwe vezels waar kleding van gemaakt wordt, zegt Baldwin. Maar hij heeft ook weleens tasjes ontworpen, gemaakt van oude jassen. ‘En in het ergste geval wordt het vulmateriaal of een vaatdoekje.’

Mensen met afstand tot de arbeidsmarkt

De duurzame benadering is één van de redenen waarom klanten bij Dutch’n Decent aankloppen. Het sociale aspect is een andere. Dit jaar richtte Baldwin de stichting Dutch’n Needle op. In het atelier worden kleding en merchandise voorzien van borduringen en bedrukking door mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.

Dat levert social return on investment op, een factor waar overheidsbedrijven naar kijken bij aanbestedingen. Zo kreeg Dutch’n Decent klanten als GGD Rotterdam en de Haagse stichting BAS. Zonder de social return waren zij naar een concurrent gegaan, denkt Baldwin.

De ondernemer zag zijn bedrijf het afgelopen jaar groeien. De omzet moet in 2026 stijgen van 600.000 naar 1 miljoen euro. En waar er vorig jaar slechts drie medewerkers rondliepen, zijn dat er inmiddels acht. Toch wil Baldwin ook benadrukken dat sociaal ondernemerschap niets iets is wat je ‘zomaar doet’. ‘Het is serieus veel werk om mensen te begeleiden’, zegt hij. ‘Maar uiteindelijk snijdt het mes aan twee kanten.’

Sociaal ondernemen in Den Haag

Hoewel Baldwin zegt dat duurzaam ondernemerschap zijn bedrijf goeddoet, is dat niet zijn enige drijfveer. De ondernemer werd in 2008 ongeneeslijk ziek. Het bedrijf dat hij destijds met een compagnon had, moest hij opgeven. ‘Ik werd voor 83 procent afgekeurd.’ Dat hij in 2010 tóch werd gevraagd een bedrijf in bedrijfskleding op te zetten, betekende veel voor hem. ‘Ik heb altijd gezegd: als ik de maatschappij ooit iets terug kan geven, doe ik dat.’

Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt komen via hulpprogramma’s van de gemeente Den Haag bij Dutch’n Needle terecht. De stad heeft een goed programma om sociaal ondernemers te begeleiden en ondersteunen, vindt Baldwin. Hij is een geboren Brabander, maar is na zijn studie altijd in de Hofstad blijven wonen.

Via het gemeentelijke initiatief ImpactCity komt Baldwin veel in contact met andere sociaal ondernemers. Zoals tijdens het zogenoemde Founders Dinner en een speciale brainstormdag. Dergelijke bijeenkomsten hebben hem de inspiratie gegeven een stichting op te zetten: ‘Die vorm bleek makkelijker dan sociaal ondernemen bínnen Dutch’n Decent. Met een stichting kom je bijvoorbeeld in aanmerking voor meer ondersteuning. Maar het heeft ook een ander voordeel. Als het bedrijf om welke reden dan ook in slecht vaarwater komt, kan de stichting gewoon impact blijven maken.’

Bekijk hier hoe ImpactCity ook jouw impactbedrijf vooruit kan helpen.