Winkelmand

Geen producten in je winkelwagen.

Zo goed kennen we onszelf eigenlijk niet

Het is goed mogelijk dat je collega’s beter zicht hebben op sommige delen van je persoonlijkheid dan jij, schrijft professor in management en psychologie Adam Grant. We hebben allemaal wel een paar blinde vlekken als het op onszelf aankomt.

zo goed kennen we onszelf niet MT
Getty Images
Je leest nu: Zo goed kennen we onszelf eigenlijk niet

Of je nou een baan probeert te krijgen of indruk wilt maken op een date, mensen doen allerlei beweringen over zichzelf, schrijft Adam Grant in The Atlantic. Niet zo gek – jij bent de enige persoon op aarde die onmiddellijke toegang heeft tot al je gedachten, gevoelens en ervaringen. Wie kent jou beter dan jijzelf?

Zestien uitgebreide onderzoeken tonen aan dat collega’s beter in de gaten hebben hoe iemands persoonlijkheid hun prestaties beïnvloedt dan zijzelf. Als ik inzicht in jouw persoonlijkheid wil krijgen, zegt Grant, kan ik jou vragen een vragenlijst in te vullen over hoe stabiel, betrouwbaar, vriendelijk, extravert en nieuwsgierig je bent, maar ik kan het beter aan je collega’s vragen. Ze zijn vaak twee keer zo accuraat en zien dingen die jij niet ziet. Deze onderzoeken laten daarmee ook zien dat dingen die jij over jezelf zegt en die je collega’s niet zien, feitelijk onbelangrijk zijn voor hoe je je werk doet.

Vooroordelen

Mensen kennen zichzelf het beste als het gaat om eigenschappen die moeilijk waarneembaar zijn en makkelijk toe te geven. Emotionele stabiliteit bijvoorbeeld zit van binnen dus dat zien je vrienden en collega’s niet zo helder als jijzelf. Bovendien is een beetje emotionele kwetsbaarheid sociaal geaccepteerd. Van beter zichtbare eigenschappen heb je echter geen unieke kennis; als we willen weten of je enorm extravert bent of heel introvert hoeven we dat niet aan jou te vragen. Dat merken we snel genoeg aan je spontane karaoke-optredens.

Over sommige eigenschappen ben je eenvoudigweg onbetrouwbaar, zoals je intelligentie en hoe creatief je bent. Mensen overschatten hun intelligentie consequent, mannen meer dan vrouwen overigens. Datzelfde geldt voor vrijgevigheid en andere begerenswaardige karaktertrekken. Grant noemt het zijn nieuwe lievelingsvooroordeel: het ik-ben-niet-bevooroordeeld vooroordeel.

Waar het karaktereigenschappen aangaat die moeilijk te beoordelen zijn of lastig toe te geven, heb je mensen nodig die je een spiegel voorhouden. Geliefden en vrienden kunnen dat doen omdat ze je vaak waarnemen, maar hun beeld is ook vaak weer vertroebeld omdat ze voor je gekozen hebben en jou net als jij graag positief zien. Je hebt mensen nodig die de motivatie hebben om je nauwkeurig te zien. Grant is ervan overtuigd dat die mensen je collega’s zijn. Het probleem is alleen dat zij vaak aarzelen om je te vertellen wat je niet wilt horen, maar wel moet horen.

Drempels wegnemen

Grant geeft een paar manieren waarop die aarzeling weg te nemen is, met voorbeelden die een beetje extreem zijn, maar de gedachte is duidelijk.

1: Als je je collega’s echt wilt leren kennen, zijn wekelijkse meetings niet genoeg. Je zult dieper moeten gaan en in situaties die intensief samenzijn vragen. Bij NASA sprak Grant een team dat in voorbereiding op een missie elf dagen de wildernis in ging. Na afloop zeiden ze elkaar beter te kennen dan collega’s met wie ze al jaren werkten.

2: Kijk af en toe goed naar jezelf en schrijf op hoe dingen voor jou werken, en wat het goede en slechte in je naar boven haalt. Nog beter is het als mensen die je goed kennen daaraan meeschrijven. Bij hedge fund Bridgewater Associates beoordelen werknemers elkaar dagelijks op tot wel 77 verschillende aspecten. Intens, maar het dwingt mensen om eerlijk te zijn.

3: Plaats jezelf in situaties waar je feedback uit verschillende bronnen krijgt die moeilijk te negeren zijn. Bij Bridgewater worden de ratings die je krijgt gewogen aan de hand van de autoriteit die die collega’s op de beoordeelde vlakken hebben. Als vijf collega’s die bekend staan om hun organisatietalent zeggen dat je ongeorganiseerd bent, kun je niet zomaar zeggen dat ze ongelijk hebben.