Hoog- en middelbaar opgeleide vrouwen kunnen meer aanspraak maken op een pensioen dan waarvoor ze betalen. Dit gaat met name ten koste van laag- en middelbaar opgeleide mannen. Dat stelt onderzoeker Jan Bonenkamp van het Centraal Planbureau naar aanleiding van een studie over de herverdeling in het aanvullende ouderdomspensioen.
Omdat vrouwen in ons land gemiddeld vier jaar langer leven dan mannen, leidt de doorsneepremie tot een herverdeling van mannen naar vrouwen. Bijna 9 procent van de pensioenpremies die mannelijke deelnemers betalen is een afdracht aan vrouwelijke deelnemers. Doordat meer mannen deelnemen aan het aanvullende pensioenstelsel ontvangen vrouwen een subsidie van 16 procent van de door mannen betaalde premies.
Het netto profijt van vrouwen varieert van 0,1 procent van het levensinkomen voor laagopgeleiden tot 2,4 procent voor hoogopgeleiden. Voor mannen is het netto profijt negatief, variërend van -0,9 procent voor hoogopgeleiden tot -3,3 procent voor laagopgeleiden.
Bron: Hr Praktijk



