De premie voor de AOW kan flink omlaag zonder dat dit leidt tot een tekort in het fonds voor de oudedagsvoorzieningen en zonder dat het rijk er belastinggeld bij moet leggen. Dat schrijven onderzoekers van de Algemene Rekenkamer in een artikel van het vakblad Economische Statistische Berichten (ESB).
De totale opbrengst van de AOW-premies is volgens de onderzoekers voldoende om alle uitkeringen aan 65-plussers te betalen. Het AOW-fonds vertoont echter een groeiend tekort. Dat komt niet zozeer door de vergrijzing als wel door onvoorziene gevolgen van de herziening van de belastingen in 2001. Deze gevolgen werken vooral sinds 2005 flink door in het belastingsysteem.
Geruisloos
Zo drukken de heffingskortingen – en vooral de arbeidskorting – een zwaar stempel op de opbrengsten van de AOW-premies. Het rijk vult dit gat in het fonds vervolgens weer op met miljarden uit de schatkist om de AOW te kunnen betalen. "Het doorsluizen van het geld gebeurt geruisloos, zonder dat er principiële discussie over zijn gevoerd. De vermenging van premies en belastingen is niet helder, niet doelmatig en het is ook onnodig het AOW-fonds zo te beheren."
Heikel punt
De onderzoekers pleiten ervoor de heffingskorting voortaan uit de schatkist te betalen. "De premie voor de AOW kan dan flink omlaag. Tegelijk moet dan wel het belastingtarief in de eerste twee schijven omhoog. Daardoor nemen de lasten voor 65-plussers iets toe. Dat is een heikel punt in het politieke debat. Maar door het huidige omslachtige stelsel profiteren de huidige bejaarden juist."
Negatieve koopkracht
Minister Wouter Bos (Financiën) stelt dat de onderzoekers "een boekhoudkundig systeem" hebben beschreven. Volgens hem is verspilling niet aan de orde en noemt het een broekzak-vestzakverhaal. "Verder mag het systeem van de onderzoekers misschien zuiverder lijken, maar het brengt wel negatieve koopkrachteffecten met zich mee voor 65-plussers en dat past niet in het kabinetsbeleid."



