De voetbalwereld kampt niet alleen vaak met een gebrek aan geld, ook tijd is een schaars goed. Dat bleek tijdens het bezoek dat MT bracht aan de slotdag van de Masterclass management betaald voetbal in de bossen van Zeist.
De meest geciteerde uitspraak over voetbal is die van de Engelse oud-topvoetballer en huidige BBC-presentator Gary Lineker: “Voetbal is een simpel spelletje dat wordt gespeeld door twee keer elf spelers in twee keer 45 minuten met uiteindelijk de Duitsers als winnaar.” Leuk gevonden natuurlijk, maar niets is minder waar. Zeker niet waar het de professionele tak betreft. Supportersbelangen, uitzendrechten, sponsordeals, transfers, jeugdopleiding: het is slechts een handjevol voorbeelden van zaken waar leidinggevenden van de Nederlandse Betaald Voetbal Organisaties (BVO’s) dagelijks mee te maken hebben. Zo bezien is de wereld van het voetbal dus veel complexer dan Lineker het stelt.
Tot die conclusie waren ze bij de KNVB allang gekomen. Tussen 1996 en 2001 organiseerde de KNVB Academie, het opleidinginstituut van de voetbalbond, een leergang management betaald voetbal. “Daar zijn we mee gestopt toen er geen vraag meer naar was. Het betaalde voetbal is natuurlijk maar een kleine wereld,” vertelt Henk van de Wetering, manager van de academie. “Maar na een paar jaar bleek uit onderzoek dat er weer behoefte was aan een dergelijke cursus. Vandaar dat we vorig jaar september zijn begonnen met een masterclass voor managers van BVO’s.”
De masterclass bestond uit vijf regionale en zes centrale bijeenkomsten, waarvan de laatste half april plaatsvond in Zeist. Van de Wetering blikt tevreden terug: “Omdat de deelnemers een hele drukke baan hebben, hadden we bedacht dat in de cursus theorie en praktijk moest worden samengebracht. Ik vind dat we daar uitstekend in zijn geslaagd. De deelnemers hebben met behulp van theorie een businessplan geschreven voor hun eigen organisatie.”
Open discussies
De veertien cursisten werden hierbij be-geleid door twee docenten, Hans Schreudering en Berend Rubingh, die niet toevalligerwijs praktijk en theorie samenvoegden. Schreudering was van 2000 tot 2003 algemeen directeur van Vitesse in Arnhem en is tegenwoordig, naast zijn werk als interim-manager, actief als adviseur van clubs, trainers en spelers. Rubingh is een organisatieadviseur die geldt als leidend figuur op het gebied van sportmanagement, waarover hij ook doceert aan diverse universiteiten. Beide mannen onderhouden naar eigen zeggen een warme band met de KNVB. Zo maakten zij deel uit van de werkgroep ‘Kennisontwikkeling en kwaliteitsverbetering in het betaald voetbal’, waarvan de masterclass een van de uitvloeiselen is. Volgens Rubingh staat het betaalde voetbal in Nederland aan de vooravond van verdere professionalisering. “Een belangrijk kenmerk hiervan is dat de samenwerking en uitwisseling van kennis tussen clubs toeneemt. Dit soort bijeenkomsten stimuleert dat. Wij hebben er ook specialisten op andere terreinen bij betrokken, zoals marketeer Marcel Beerthuizen. Het moest niet onze show worden.” Schreudering vult aan: “Bovendien hadden we de afspraak dat alles wat hier werd besproken, binnenskamers zou blijven. Dat heeft veel interessante, open discussies opgeleverd.” Hier was ook bewust ruimte voor gecreëerd, aldus Rubingh. “Je moet bedenken dat deze mensen dagelijks onder hoogspanning werken, ze staan vrijwel altijd in de schijnwerpers. Er leven voor hen enorm veel dilemma’s. Maar ze kunnen nooit de juiste beslissing nemen, ze stoten altijd iemand voor het hoofd. Tijdens deze cursus hebben de deelnemers elkaar kunnen gebruiken om hun dilemma’s eindelijk eens uit te spreken zonder op hun woorden te worden gepakt.”
De dagelijkse hoogspanning ten spijt, wordt het niveau van de leidinggevenden in het betaalde voetbal nog altijd onderschat, moet Schreudering vaststellen. “Terwijl ik met een gerust hart durf te beweren dat iemand die in deze bedrijfstak een managementrol goed weet te vervullen, dat overal kan. Andersom geldt dat overigens niet. Het is een misvatting dat een topmanager uit het bedrijfsleven de boel in de voetballerij wel eventjes kan regelen.” Volgens Schreudering heeft dit vooral te maken met het feit dat het betaalde voetbal een branche is met een status aparte. “Het voetbal is een vercommercialiseerde bedrijfstak die draait op de emoties van alle betrokkenen. De invloed van de politiek en belangengroepen als supporters, sponsors, en financiers is groot. En iedereen heeft het altijd over het grote geld in de voetballerij, maar er bestaat volgens mij geen bedrijfstak waar niet een bedrijf winst maakt. Alles wat ook maar een beetje op winst lijkt, wordt direct geïnvesteerd in de spelersgroep of de jeugdopleiding. Daarnaast speelt de media een niet te onderschatten rol. Overal zijn camera’s en als je in het voetbal even niet oplet staat het in de krant, in ieder geval regionaal. Dat hoort erbij, dus daar moet je niet over zeuren, maar je moet er wel mee kunnen omgaan.”
“En in dit complexe umfeld is het moeilijk om beleid te maken,” haakt Rubingh in. “Daar zit ’m ook meteen de crux voor de positie van een manager in het betaalde voetbal: proberen enigszins voor de troepen uit te lopen. In normale bedrijven met een traditionele bedrijfsvoering heb je tijd om te herstellen, na te denken, te anticiperen, te reageren. Maar daarvoor is het betaalde voetbal een te turbulente omgeving waarin de situatie elke vijf minuten anders kan zijn. Daarom moet je als manager het strategisch plan goed eigen maken zodat je te allen tijde kunt reageren op zaken die spelen.” Schreudering: “Je moet proberen gestructureerd te werken, maar tegelijkertijd weten dat je moet kunnen anticiperen. Een van de deelnemers zei gekscherend dat de tekstverwerkingsprogramma’s te traag zijn voor de voetbalwereld. Elke keer als een plan af is, is de situatie alweer veranderd.”
“Wat een managementfunctie in de voetbalwereld zo ingewikkeld maakt, is het feit dat het voetbal van iedereen is. Mensen zijn nu eenmaal minder emotioneel betrokken bij hun broodrooster dan bij hun voetbalclub. De omgevingsinvloed is van belang, je moet de verhoudingen goed kennen.” Schredeuring: “Maar je moet bovenal een groot voetballiefhebber zijn. Je bent namelijk zeven dagen per week aan het werk. Naast de normale werkdagen, moet je ’s avonds vergaderen met bestuurders en commissieleden, want dat zijn doorgaans vrijwilligers. En in het weekeinde wordt er natuurlijk gevoetbald. Het houdt gewoon nooit op.”
Lean and mean
“Het kost inderdaad gigantisch veel tijd. Mijn collega Toon Beijer van Stormvogels/Telstar had me nog zo gewaarschuwd: ‘Jantje, Jantje, doe het niet. Je bent bezig van spijker tot hoofdsponsor.’ En ik moet zeggen: hij had het niet treffender kunnen zeggen.” Aan het woord is Jan Korte, algemeen directeur van eerste divisionist BV Veendam en vanuit die functie een van de deelnemers aan de Masterclass management betaald voetbal. Korte verruilde vijf jaar geleden zijn rustige, veilige bestaan als leidinggevende bij de Informatie Beheer Groep voor een functie als hoofdtrainer – en sinds twee seizoenen als algemeen directeur – bij Veendam, de club waarvoor hij bijna zijn hele voetballeven als semiprof actief was. Ondanks zijn tijdrovende baan heeft Korte nog geen seconde spijt gehad van deze beslissing. “Maar dat komt omdat ik mijn werk als hobby beschouw. Als ik dat niet zou doen, dan zou ik het niet volhouden.”
De meeste tijd is Korte kwijt aan het bedenken van creatieve en inventieve oplossingen. Veendam heeft met 1,7 miljoen euro een van de laagste begrotingen van alle BVO’s en tot overmaat van ramp heeft de club het afgelopen jaar vanwege financiële problemen ook nog eens flink moeten bezuinigen. “Wij werken hier lean and mean: we doen veel met weinig mensen. Voornamelijk parttimers en stagiairs. Gelukkig hebben we een operationeel bestuur en veel andere vrijwilligers.” De personele onderbezetting bij zijn club maakte dat Korte zich tijdens de elf cursusdagen wel eens schuldig voelde. “Maar ik zat daar natuurlijk niet voor mezelf. Ik heb de cursus gebruikt om meer inzichten te krijgen in de organisatie, daar ben ik ook heel bewust mee bezig geweest. En dat heeft me een goed gevoel opgeleverd, normaal regeert in de voetballerij toch de waan van de dag.”
Naast een goed gevoel heeft de masterclass Korte en Veendam een uitgewerkt businessplan opgeleverd. “Die koppeling van theorie en praktijk vond ik goed gekozen. Ik heb echt strategisch kunnen denken. Dat businessplan is voor mij niet alleen een houvast voor de komende tijd, maar ook een werkdocument. Ik zie het als een dynamisch werkstuk waarin ik gedane zaken kan afvinken.”
Verder heeft Korte veel opgestoken van zijn collega’s. “Ik heb geleerd waar ik moet zijn voor bepaalde zaken. Er zijn zo veel instanties waarvan ik het bestaan nauwelijks wist. Ik hoef als voetbalmanager niet alle kennis in huis te hebben, als ik maar weet waar ik het kan halen. Maar het was sowieso fijn om eens met collega’s over mijn werk te spreken. Normaal hebben we daar geen tijd voor en we maken er ook geen tijd voor. Terwijl we dit soort bijeenkomsten eigenlijk regelmatig zouden moeten herhalen. Want ook in de voetballerij is sprake van voortschrijdend inzicht.”
Sterke schouders
De ontmoetingen met zijn collega’s vormden ook een van de leukste aspecten van de masterclass voor Jan van Halst. De oud-speler van onder andere Ajax en FC Twente. Van Halst is sinds drie jaar manager commerciële zaken bij laatstgenoemde club. Maar Van Halst is sceptisch over de haalbaarheid van herhalingsbijeenkomsten. “Ik denk eerlijk gezegd dat we blij moeten zijn met de elf cursusdagen die we achter de rug hebben. Al probeer ik de laatste tijd bij Twente wat vaker tijd in te bouwen voor reflectie. En om dat met de hele bedrijfstak voor elkaar te krijgen, zou helemaal mooi zijn. Maar ik denk dat het velen van ons daarvoor aan tijd ontbreekt.”
Want ook Van Halst heeft het druk. En net als Jan Korte zat ook Van Halst af en toe met een schuldgevoel in Zeist. “Maar ik heb vooral genoten van de rust. Daarbij was het lekker om te merken dat alle collega’s met tijdgebrek worstelen. Dat schept toch een band. Maar ik wil niet klagerig overkomen. De dynamiek maakt ons werk juist ook zo leuk. Het is op een of andere manier verslavend, de druk om elke week te moeten presteren. Als voetballer had ik geen notie van wat er allemaal bij komt kijken om zo’n organisatie te leiden. Als er ook maar iets niet in orde was in de organisatie rondom het eerste elftal, stond ik meteen vooraan met mijn grote mond.”
Tijdgebrek kon Van Halst niet weerhouden van deelname aan de masterclass. “Ik heb er heel bewust voor gekozen om deze cursus te volgen. Omdat de achterliggende gedachte me aansprak. Ik vind het goed dat we met zijn allen proberen meer structuur aan te brengen in een bedrijfstak die heel Nederland bezighoudt. Ik heb de afgelopen drie jaar natuurlijk redelijk veel geleerd in de praktijk en ik heb ook nog wel een aantal andere cursussen gevolgd. Maar deze masterclass was leerzaam omdat het programma specifiek op de voetballerij was gericht.”
Van Halst heeft tijdens de masterclass vooral geleerd om structuur in processen aan te brengen. “Ik weet nu dat ik mijn plan van aanpak gewoon in mootjes moet hakken, dat het beter is om stap voor stap te werken. Dat geeft veel rust in mijn hoofd.” En die rust kan Van Halst goed gebruiken in de miljoenenbusiness die het betaald voetbal nu eenmaal is. “Ego’s en emoties spelen nog altijd een té grote rol. Als de resultaten op het veld minder zijn, komt er kritiek op het beleid. Van de stakeholders, zo heb ik geleerd. Maar dat wil niet zeggen dat het beleid slecht is. Op die momenten moet je sterke schouders hebben en rechtop blijven lopen. Want na een week of drie is die kritiek vaak alweer weggeëbd. Dat hebben we dit seizoen bij Twente gezien. In het begin vielen de resultaten tegen. Toen hebben we als managementteam afgesproken dat we achter de nieuwe trainer bleven staan. Uiteindelijk is het een prachtig seizoen geworden. Visie is dus belangrijker dan resultaten.”
Maar Van Halst beseft dat hij, als commercieel manager van een gezonde subtopper met een begroting van circa 17 miljoen euro, makkelijk praten heeft. “Ik ben best geschrokken van de stand van zaken in voetballand. Soms waren de verschillen ook best pijnlijk. Bij ons werken op een afdeling net zoveel mensen als bij Veendam in totaal. Ik heb dan ook diep respect gekregen voor mensen als Jan Korte. Hoe hij van al die onmogelijkheden toch iets weet te maken. Ik zou dat niet kunnen, daarvoor ben ik inmiddels te verwend. Als de ambities van Twente naar beneden worden bijgesteld, denk ik dat ik afhaak. Simpelweg omdat ik dan de energie niet meer zou kunnen opbrengen.”
De inhoud op hoofdlijnen
De rode draad voor de deelnemers aan de Masterclass management betaald voetbal is de samenstelling van een businessplan voor de eigen organisatie. Dit gebeurt aan de hand van zes basisonderwerpen:
• strategie en beleid
• voetbalmarketing
• sponsoring en media
• publieks- en servicebeleid
• management, leidinggeven en personeelsmanagement
• financiën en licentiezaken
Bij alle onderwerpen staat de praktijkwerksituatie van de deelnemers centraal. Deze is voorafgaand aan de cursus besproken tijdens een intakegesprek. Om voor deelname in aanmerking te komen is minimaal mbo-werk- en denkniveau vereist, de studiebelasting per deelnemer bedraagt circa 160 uur. En dit alles voor een bedrag van slechts 2495 euro, inclusief lunches en diners.



