De Nederlandse benzinestations verliezen jaarlijks ruim 17 miljoen euro aan 'spookliters' brandstof. De temperatuur in tankauto's ligt namelijk gemiddeld een paar graden boven de temperatuur in de opslagtanks van de pompstations. Daardoor krimpt de geleverde brandstof en kunnen de pomphouders minder verkopen dan geleverd.
Een pomphouder die jaarlijks 2,5 miljoen liter afneemt, kan zo tot 7500 liter verliezen. Dat kan hem duizenden euro’s per jaar kosten, zei secretaris E. de Vries van de brancheorganisatie BBT, een onderdeel van Bovag, dinsdag.
De BBT stelt voor om de kosten van de geleverde liters brandstof altijd terug te rekenen naar 15 graden celcius. Als een oliemaatschappij dan bijvoorbeeld 10.000 liter bij een temperatuur van 19 graden aflevert, kan volgens De Vries worden berekend hoeveel liters overblijven bij 15 graden. Voor deze hoeveelheid zou de pomphouder moeten betalen. Dat moet het ministerie wettelijk regelen, vindt BBT.
Pomphouders betalen door de krimping volgens De Vries ook teveel belasting, omdat het volume ten tijde van levering wordt gerekend en niet de geslonken voorraad. (ANP)



