Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

“Je moet het wel heel beroerd doen, wil je niet invloedrijk zijn”

SER-voorzitter Alexander Rinnooy Kan is de invloedrijkste Nederlander van dit moment. Dat blijkt uit de top 200 van meest invloedrijke Nederlanders van de Volkskrant. “Je moet het wel heel beroerd doen, wil je niet ergens bovenin staan”

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Op de tweede plaats staat Bouwend Nederland-voorman en CDA-prominent Elco Brinkman. Nummer drie in het overzicht is Shell-topman Jeroen van der Veer. Rinnooy Kan vindt de verkiezing niet zo veel voorstellen, zegt hij tegen de krant. “Het resultaat van zo’n invloedsmeting zegt meer over de meting dan over de invloed. Daarmee wil ik niks onaardigs zeggen, maar als je in een meting veel gewicht toekent aan de rol van instituties, dan is het ook weer niet zo verrassend dat de voorzitter van een van die instituties er goed uitkomt. Sterker nog: dan moet je het wel heel beroerd doen, wil je niet ergens bovenin staan.”

Kennis is macht
Volgens Rinnooy Kan is het uitgangspunt dat iemand aan invloed wint door overlappende bestuursfuncties of veel gezamenlijke vergaderingen, achterhaald. “Het is niet meer zo makkelijk om in heel veel besturen te zitten, en het is nog veel minder makkelijker om dan vertrouwelijke onderonsjes te hebben. Tegenwoordig kijkt de NMa over je schouder mee. Het is niet altijd tegen elkaar zeggen: regel het even zo. Informatie is vaak de eerste stap op weg naar invloed. En vaak de beslissende. Kennis is macht ja.”

Netwerken
De lijst is gebaseerd op een wetenschappelijke netwerkanalyse van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Rinnooy Kan ziet netwerken als slechts een onderdeel om invloed te krijgen. “Ik houd niet zo van de suggestie dat ik hier alleen maar vluchtige vriendschappen zit te onderhouden. De adviezen van de SER, de opiniepagina’s van de kranten en voordrachten met wat publiciteit eromheen zijn ook routes naar maatschappelijke meningsvorming. Hoe ik dingen voor elkaar krijg? De overlegeconomie waar ik met vreugde deel van uitmaak, bestaat bij de gratie van wederzijds vertrouwen. Ik voel mij in de eerste plaats verantwoordelijk voor het in standhouden van die traditie.”

Bron: Volkskrant