Buddy’s verbeteren het werkklimaat. Dat denkt het het korps Amsterdam-Amstelland. Iedere nieuwe agent krijgt daar een buddy. Deze ervaren collega moet de steun en toeverlaat worden van de nieuweling. De begeleiding moet het werkklimaat vooral voor de instromende allochtone agenten verbeteren en ook voorkomen dat zij snel zullen afhaken.
De uitstroom van allochtonen in het Amsterdamse korps ligt op 15 procent. Het systeem, dat na de zomer wordt ingevoerd, vloeit voort uit het programma Divers Samenleven & Samenwerken. Hiermee hoopt het Amsterdamse korps alle obstakels voor allochtonen weg te nemen om bij de politie te komen werken en ook te blijven.
Het idee van een buddy komt van projectleider Sidney Mutueel van Divers. Hij ontdekte door interviews met allochtone politiemedewerkers dat zij steun ontberen. Van de allochtone medewerkers overweegt 20 procent de politie te verlaten vanwege geringe promotiekansen, pesterijen en kwetsende opmerkingen. Dat blijkt uit een studie van Bureau Driessen.
Een buddy moet beschikken over de juiste ‘P-factor’, zoals Mutueel het noemt. De P staat voor politie. Hij moet kunnen anticiperen op verhalen over pesterijen en discriminerende opmerkingen van collega’s. En kunnen optreden als een individuele agent niet goed in de groep ligt. Hij moet medewerkers begeleiden en coachen en scherp toezien op hun kansen bij promoties. Zo hoopt de Amsterdamse politie de allochtone medewerkers niet alleen te houden, maar ze ook te laten doorstromen naar hogere
posities.
Bron: Volkskrant



