Het bericht over de beleggende bankdirecteur die een claim indient, we zijn er nog niet helemaal van bijgekomen.
Sommige berichten moeten, net als slecht nieuws, een tijd bezinken. Ik ben nog steeds niet helemaal over het krantenartikel van de beleggende bankdirecteur heen. Laten we even teruggaan naar het Financieele Dagblad van 19 maart, waar het artikel in stond.
De man waar het om gaat is algemeen directeur van de Haagse vestiging van een effectenbank. Geen ontzettend domme man, zou je zeggen. Hij komt in 1999 terug uit het buitenland en koopt voor 1,4 miljoen euro een huis in Wassenaar. Met het huis als onderpand leent hij hetzelfde bedrag en daarmee gaat hij beleggen. Een concurrerende bank, naar verluidt Van Lanschot, treedt op als adviseur.
Het zijn de jaren van de internetbubble. De man heeft flink wat geld belegd in TMT-fondsen (telecom, media en technologie). Na drie jaar is er minder dan vijf ton over. Nog geluk gehad trouwens, er zijn mensen die harder hun vingers hebben gebrand met beleggen in technologiefondsen op het hoogtepunt van de internethausse.
Nu stapt de bankdirecteur in kwestie naar de klachtencommissie voor beleggers. Hij wil de helft van het geld terug. Hij zou zijn miljoenenlening gezien zijn financiële situatie nooit hebben mogen krijgen. Bovendien heeft de beleggingsadviseur hem verkeerd, te eenzijdig, geadviseerd. Zelf kon hij het niet weten, hij heeft geen verstand van beleggen, aldus de bankdirecteur. Risicospreiding, zegt hij tegen de raadsheren van de klachtencommissie, daar had hij eigenlijk nog nooit van gehoord. De commissie stelt hem grotendeels in het gelijk. De bank is nalatig geweest door de directeur niet te waarschuwen voor de risico’s. Tot zo ver het nieuwsbericht.
Het gaat mij niet om de oprukkende claimcultuur in Nederland. Om de websites waar leaseclaimers worden geronseld die ‘gedupeerd’ zijn, omdat ze risico’s namen en vervolgens op hun neus gingen. Om de stille opmars van advocaten en financiële adviseurs die hun klanten aanzetten om claims neer te leggen waar ze maar kunnen.
Het gaat mij om de psyche van de bankdirecteur. Wat communiceert hij met zijn zaak? Dat hij een sukkel is, handelingsonbekwaam. Iets anders kun je moeilijk zeggen van een manager die 1,4 miljoen op zijn huis leent en eenzijdig belegt. ‘Ik ben niet verantwoordelijk voor mijn daden,’ lijkt hij te willen roepen. ‘Ik weet niet wat ik doe. Sluit mij op!’
Mensen die dergelijke claims indienen verklaren zichzelf ontoerekeningsvatbaar.
Toch denk ik dat ze zichzelf slim vinden, omdat ze (door verstandsverbijstering van de betreffende klachtencommissie in deze zaak) een deel van hun geld terugkrijgen.
Maar ze zijn niet slim. Het blijven sukkels.



