Winkelmand

Geen producten in je winkelwagen.

Sabine Biesheuvel (BlueCity): ‘De maakindustrie moet terugkomen om ketens korter te maken’

Over de circulaire economie wordt veel gepraat, maar er moet vooral meer worden gedaan, stelt Sabine Biesheuvel, managing director en medeoprichter van BlueCity. Haar organisatie start en helpt jonge bedrijven en bouwt met hen circulaire ketens om het systeem te veranderen.

sabine biesheuvel bluecity rotterdam
Je leest nu: Sabine Biesheuvel (BlueCity): ‘De maakindustrie moet terugkomen om ketens korter te maken’

In een voormalig tropisch zwembad midden in Rotterdam (Tropicana, voor de kenners) bouwt inmiddels een vijftigtal jonge bedrijven aan de circulaire economie. BlueCity is zeven jaar geleden ontstaan uit de frustratie dat er vooral over de circulaire economie werd gepraat en weinig gedaan.

‘We zeiden ‘we doen het zelf wel’, hebben dat zwembad gekocht en zijn gewoon begonnen’, zegt Biesheuvel. ‘Het verhaal van grondstoffenschaarste moet juist midden in de stad veel aandacht krijgen.’

Lees ook: Hoe het ooit zo grauwe Rotterdam uitgroeide tot startup-metropool

Formeel startte de onderneming in 2015, met privaat geld en vanuit de missie om circulair ondernemerschap te versnellen en schaalbare alternatieven te bieden. ‘Ik geloof sterk in ondernemerschap als manier om iets te veranderen. Je vult een behoefte in die je moet toetsen aan de markt. Zij betalen jou voor de waarde die je levert.’

‘Onze investeerder vat het treffend samen: ‘Ondernemers zijn een groep die zichzelf structureel overschat en de opgave voor zich onderschat.’ Dat is precies wat er in de circulaire economie moet gebeuren en wat we met BlueCity hebben gedaan. En dat is maar goed ook, anders waren we nooit begonnen. Wij zijn nu ook een brand, verschillende inbraken en twee jaar corona verder. Allemaal zaken die niet in je businessplan staan. Daar reageer je op en ga je door.’

Meelworm-nacho’s voor bankiers

Het was wel even zoeken naar hoe je systeemverandering en geld verdienen combineert. Biesheuvel vertrelt dat het serveren van meelworm-nacho’s en hyperlokaal geproduceerde siropen tijdens een event voor bankiers vijf jaar geleden een stap te ver was. Dat behoeft veel uitleg en kon met het kleine team niet rendabel gedaan worden. Kortom, te vroeg. Inmiddels is standaard vegetarisch en lokale catering normaal, net als lokaal en seizoensgebonden.

Naast het begeleiden van startups, werkt BlueCity ook actief met de bestaande markt. Zo zette het bedrijf de horeca in beweging met Het Nieuwe Nassen: een mkb-programma waarin zo’n vijftig Rotterdamse restaurants deelnemen. ‘Heel constructief, praktisch samenwerken met jonge innovatieve ondernemers en chefs. Allesbehalve belerend. Zo krijg je het systeem elke keer een stapje verder mee.’

Zo wil Sabine Biesheuvel het systeem veranderen:

  • Ondernemerschap inzetten om iets te veranderen. Je vult een behoefte in die je moet toetsen aan de markt.
  • Constructief, praktisch samenwerken met jonge innovatieve ondernemers om het systeem elke keer een stapje verder mee te krijgen.
  • Ketens als geheel begeleiden in de transitie naar circulair, want het antwoord ligt meestal in en verspreid door de keten.
  • Waar momenteel vooral nog met bestaande reststromen wordt gewerkt, liggen er kansen om proactief nieuwe, betere grondstoffen in te zetten. Bijvoorbeeld gewassen voor voeding die beter bestand zijn tegen hitte en de bodem.
  • Circulair raakt veel thema’s, zoals biodiversiteit, waterkwaliteit en bodemherstel. Een verhaal dat gedoseerd overgebracht moet worden. Anders raak je een gemiddelde ondernemer gelijk kwijt.

BlueCity mikt businesswise op verschillende onderdelen. Zo is het pand in eigendom en huren bedrijven er kantoren tegen een commercieel tarief. Daarnaast zijn er ruimtes te huur waarin jaarlijks zo’n driehonderd evenementen plaatsvinden. ‘We kijken altijd even welke bedrijven er over de vloer komen en koppelen die zoveel mogelijk aan onze ondernemers of anderen uit ons netwerk.’

Ook is er een eigen Lab, gericht op productontwikkeling. ‘Daar doen we allemaal experimenten. Van leer uit groene reststromen van tuinders tot kleurstoffen uit schimmels.’

Verschillende proof of concepts zijn inmiddels opgeschaald tot bedrijven, voegt ze toe. Waarmee ze een ander initiatief raakt: Circulair Factory, dat zich richt op de volgende stap naar productie op schaal, oftewel een demofabriek, samen met medeoprichter Tekkoo en partners als Invest NL en Renewi.

BlueCity helpt de keten opbouwen

De laatste tijd is de businessdevelopmenttak van de organisatie ook gegroeid. Het bedrijfsonderdeel dat marktpartijen in hun ketens begeleidt in hoe ze zich richting circulair kunnen ontwikkelen.

Want het antwoord ligt in en verspreid door de keten, stelt Biesheuvel. Daar gaan verschillende mensen over en ligt zelden aan de technische haalbaarheid van innovaties. ‘Een biobased coating voor kazen bestaat al. Maar als je die wilt inzetten, dan moeten de kazen in de opslag vaker gedraaid worden en dat kost een hele fte extra. En dus geld.’

Waar nodig en passend worden dan weer ondernemers uit BlueCity of het bredere netwerk ‘ingeprikt’. ‘Zo bouwen we de keten eromheen en veranderen we het hele systeem.’

Een van de uitgangspunten is dat financiële duurzaamheid en impact zijn als leren lopen met twee benen: je hebt ze allebei nodig. En dus moet je ze allebei toetsen, stelt Biesheuvel. ‘Je kan nog zo idealistisch zijn, als het financieel niet duurzaam is, is het niet schaalbaar.’

‘We vragen ondernemers om een heel helder beeld te creëren van wat ze systemisch willen veranderen. Dat je continu de markt in de gaten moet houden en je daarop aanpast, is een heel gezonde ontwikkeling in relatie tot idealisme.’

sabine biesheuvel
Sabine Biesheuvel in het pand van BlueCity, waar ooit een zwembad was gehuisvest.

Kip-eiprobleem rond financiering doorbreken

Een terugkerende uitdaging is dat circulaire ondernemers veelal op basis van reststromen werken. Wat betekent dat ze hun aanvoer van materialen – de feedstock – stabiel moeten krijgen én de klant mee moeten krijgen. ‘Je ziet vaak dat ondernemers de keten fiksen, terwijl ze ook een bedrijf moeten bouwen, met klanten.’

Een andere uitdaging is dat er doorgaans een grote kapitaalbehoefte is, omdat er naar gelang van tijd fabrieken gebouwd moeten worden. Wat weer met zich meebrengt dat ook de vraag naar kennis en kunde (en daarmee teamsamenstelling) flink verandert.

Bij de start gaat het vooral over materiaalontwerp. Bij opschaling ligt de focus echter op productieprocessen en dat is een heel ander spel om te spelen. ‘Dat gaat om zaken als de energievraag en consequente aanlevering, kwaliteit en volume van je feedstock, en later je product.’

Daarbij speelt mee dat voor opschaling financiering nodig is en voor financiering weer klanten – en klanten willen juist weer zien dat je op schaal kunt leveren. BlueCity probeert dit te doorbreken met het Circular Factory-programma door jonge bedrijven te helpen om data uit de pilotfase zo strak mogelijk op orde te krijgen, zodat financiers het zien als risicovermindering. ‘Daarom helpen we bedrijven ook met plant design: hoe ziet je fabriek eruit, welke machines heb je nodig, hoe werk je zo duurzaam mogelijk? En wat is het financiële model van je fabriek?’

Definitie van circulair verschilt

From scratch beginnen en tot een circulair model komen, mag nog steeds knap heten. Een grote opgave ligt er echter ook voor de bestaande industrie. BlueCity werkt alleen met collectieven, dus met een hele branche of ketens, geen individuele bedrijven. Zoals het programma Hotel Neutraal, waarin een zestiental Rotterdamse hotels samen optrekt. ‘Het werkt goed om bedrijven aan elkaar te koppelen, en zijn veel gemeenschappelijke uitdagingen (en oplossingen). Veel antwoorden komen vaak uit de branche zelf.’

Bovendien wat circulair inhoudt, is op meerdere manieren uit te leggen en verschilt per branche, keten of product. Voor de één is het reparatie, de ander bedoelt modulair ontwerp, en voor weer een de ander zit het ‘m in materiaalkeuze.

Bovendien hoeft circulair ook niet altijd duurzaam te zijn. ‘De energieprestatie van een product bij hergebruik kan bijvoorbeeld slecht zijn. Of soms is een bepaald recyclingproces zo intensief dat je je impact tenietdoet en je je af moet vragen welk probleem je oplost.’

In de serie Hemelbestormers gaat MT/Sprout in gesprek met ondernemers, visionairs en leiders die gaan voor radicaal anders en huidige systemen op de schop nemen. Wat drijft ze? Waar begin je? Wat zijn de valkuilen? En wat kun je van ze leren?

Kwaliteit van circulaire producten verhogen

Richting de toekomst is het streven om vanuit het Circulair Factory-traject twintig demo-fabrieken neer te zetten, in samenwerking met Tekkoo, van Lindy Hensen. ‘We krijgen veel aandacht, maar je moet ervoor waken dat je aandacht niet verwart met succes. Het gaat erom dat wij voldoende bedrijven opschalen. Dan zijn we als BlueCity succesvol.’

Tegelijkertijd wil Biesheuvel startups al in de pilotfase beter begeleiden. Bijvoorbeeld door ontwerpbureaus aan te haken om de kwaliteit van circulaire producten naar een volgend niveau te tillen. ‘Producten moeten niet alleen anders zijn, maar ook beter. Als geheel moet de circulaire economie het niveau van gerecyclede plantenpotten en lampenkappen echt gaan ontstijgen.’

Plus: waar momenteel vooral nog met bestaande reststromen wordt gewerkt, liggen er kansen om proactief nieuwe, betere grondstoffen in te zetten. Biesheuvel noemt gewassen voor voeding die beter bestand zijn tegen hitte en de bodem. Door die de keten in te brengen en te zorgen dat ze verwerkt worden, wordt een sector toekomstbestendiger.

bluecity rotterdam sabine biesheuvel
BlueCity is gevestigd in het voormalige subtropisch zwembad Tropicana. Foto: BlueCity

Maakindustrie terughalen is noodzakelijk

Toekomstbestendigheid is een centraal thema voor Biesheuvel en mag veel meer aandacht krijgen in de markt. ‘Veel investeerders zien nog niet in welke risico’s hun bedrijven lopen door de toekomstige schaarste aan grondstoffen in hun portfolio.’

Het pad richting een circulaire economie zal schoksgewijs verlopen langs verschillende crisissen, stelt Biesheuvel. Dat is geen gezellig beeld, erkent ze, maar wel zo realistisch als het nu ingeschat kan worden.

‘Landelijk is het wenselijk dat een groot deel van de maakindustrie weer terugkomt, zodat we korte ketens kunnen vormen. Net als dat we een grondstoffen- en voedselstrategie nodig hebben. Meer nog dan een doelstelling dat we vijftig procent circulair willen zijn in 2050.’

Onder aan de streep gaat de circulaire economie volgens haar over een gezonde relatie met onze ecosystemen. Dat raakt alle thema’s als biodiversiteit, waterkwaliteit, bodemherstel. Een verhaal dat gedoseerd overgebracht moet worden. ‘Anders raak je een gemiddelde ondernemer gelijk kwijt.’

Lees meer interviews met Hemelbestormers: