Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

‘Kweekvlees wordt goedkoper dan gewoon vlees’

Kweekvlees, maar dan zonder gebruik te hoeven maken van kalverfoetussen. De gepatenteerde techniek van Meatable-ondernemers Krijn de Nood (36, foto rechts) en Daan Luining (29, foto links) levert ze een investering van 3,5 miljoen dollar op. ‘De vleesindustrie werkt inefficiënt.’

Venture capital-fonds BlueYard Capital leidt de financieringsronde, waaraan ook Backed VC en Atlantic Food Labs deelnemen. Daarnaast investeert een aantal informele investeerders in Meatable, onder wie Charles Songhurst (Proteus Digital Health, CodeFights) en Jörg Mohaupt (Deezer, Perform Group).

Voor het eerst is een commerciële investeerder onder de indruk

Ceo Krijn de Nood is trots om met BlueYard Capital “een van de meest gerenommeerde VC-fondsen” aan de haak te hebben geslagen. “Investeerders in deze branche waren eerder vaak industriespelers die niet achter wilden raken, of ethische partijen. Deze investering bewijst dat er een community is van commerciële investeerders die zegt: ‘Dit gaat gebeuren!’”

Meatable komt dan ook niet uit de lucht vallen. Cto Daan Luining doet al al zo’n 6 jaar onderzoek naar kweekvlees. Hij werkte voor niemand minder dan kweekvleespionier en professor Mark Post (Mosa Meat). Luining kwam in contact met professoren van de Britse Cambridge- en de Californische Stanford-universiteit. Samen kwamen ze tot een innovatieve wijze voor de productie van kweekvlees: met één enkele cel stellen zij onbeperkt vlees te kunnen produceren, terwijl je bij andere technieken telkens het serum van een kalverfoetus nodig hebt. “Dit was zo bijzonder dat ik het eerst niet geloofde”, aldus Luining die het patent met zijn bedrijf in handen heeft.

Jullie stellen te werken aan een innovatieve, nieuwe manier om kweekvlees te produceren. In tegenstelling tot concurrenten hebben jullie hiervoor niet het serum van een kalverfoetus nodig. Hierdoor zou het diervriendelijker zijn. Leg eens uit hoe dat werkt.

We kunnen zelfs de hoeveelheid vet in het vlees aanpassen

Luining: “We halen één stamcel uit navelstrengbloed. Gewone spiercellen kunnen maar een gelimiteerd aantal keer delen. Vervolgens moet je terug naar een dier om nieuwe stamcellen te halen. De cellen die wij gebruiken zijn pluripotent, wat wil zeggen dat ze zich oneindig kunnen delen in verschillende celtypes. Je kunt die ene cel na het delen naar alle landen van de wereld sturen. Ook kun je zo’n cel uit verschillende rassen dieren halen, waarna je ze in een celbank stopt. Dit is een opslagplek met kleine buisjes met cellen erin. Op die manier kun je verschillende soorten vlees creëren. We kunnen zelfs de hoeveelheid vet in het vlees aanpassen.”

Nu krijgen jullie 3,5 miljoen dollar groeigeld. Waar gaan jullie het voor gebruiken?

De Nood: “Hiervan willen we onder meer onze eerste compleet serumvrije hamburger bekostigen. Over 3 jaar moet de hamburger klaar zijn, waarna we snel willen opschalen.”

Luining: “Je kunt wel een hamburger van 3 ton maken, maar daar heeft uiteindelijk natuurlijk niemand wat aan. We willen daarom de komende jaren het hele proces stroomlijnen: hoe kunnen we dit zo goed mogelijk opschalen? Hoe leveren we het beste diervrije product?”

Binnen 3 jaar is al snel. Betekent dit dat we jullie hamburgers dan ook al in de supermarkt kunnen vinden?

De Nood: “Dat is nog te snel. Ik verwacht over 4 tot 5 jaar te kunnen beginnen met de commerciële verkoop. Daarvoor zullen we mensen wel bekend proberen te maken met het product. We willen naar festivals en restaurants en willen tastings organiseren.”

Wat zal jullie kweekvlees in de supermarkt kosten?

Een koe moet je 3 jaar voeden, dat is inefficiënt

De Nood: “Dat kunnen we nu nog niet zeggen. Daarvoor zijn we nog te vroeg in het proces. Wel verwachten we dat we uiteindelijk een goedkoper product kunnen leveren dan traditioneel vlees. Een koe moet je 3 jaar te eten geven, je moet hem warm houden en je gebruikt maar 60 procent van de koe voor het vlees. Dat is inefficiënt. Ons product zal waarschijnlijk niet direct goedkoper worden dan traditioneel vlees. In het begin zal het wellicht een premium-product worden. Onze ambitie is wel om op termijn kostencompetitief te zijn ten opzichte van vlees.”

Wanneer verwachten jullie dat te zijn?

De Nood: “Over zo’n 5 tot 7 jaar, maar dat blijft speculeren.”

Hoe willen jullie je businessmodel vormgeven?

De Nood: “Verschillende modellen kunnen mogelijk zijn. We kunnen onder eigen naam een vleesproducent worden, een partnership aangaan met een andere partij of kiezen voor een licentiemodel. In de komende 2 tot 3 jaar zullen we hierover een knoop doorhakken.”

Waarom zouden we eigenlijk allemaal aan het kweekvlees moeten?

Luining: “Vanwege het klimaat, onze grondstoffen en het dierenwelzijn. De uitstoot van koeien en andere dieren is goed voor bijna 15 procent van alle broeikasgassen wereldwijd. Voor iedere biefstuk is 15.000 liter water nodig. Dan zijn er de dierziekten. In Roemenië moesten 140.000 varkens geruimd worden vanwege de varkenspest. We behandelen dieren bovendien op een bedenkelijke manier. Ook al zitten we in de top van de wereld wat betreft de omstandigheden van het vee, toch zijn er om de haverklap schandalen. Bijvoorbeeld paardenvlees dat als rundvlees verkocht wordt. Tel daarbij op dat kweekvlees veiliger is. Je kunt het in een stabiele en gecontroleerde omgeving creëren. Ook kun je extra voedingsstoffen of eiwitten aan het vlees toevoegen.”

Zijn jullie zelf eigenlijk vegetariërs?

De Nood: “Nee, dat zijn we niet. Ik eet door de weeks helemaal veganistisch, maar eet vlees in het weekend. Ik noem mezelf weleens een carnofiele flexitariër.”

Luining: “Ik eet regelmatig vlees. Niet bij iedere maaltijd, maar wel zeer regelmatig. Ik word gedreven door enorme voorliefde voor de mensheid. Kweekvlees is goed voor mens en dier, niet alleen voor dieren.”

Jullie zijn om, maar voor leken zal er wellicht toch zoiets blijven bestaan als de ieuw-factor, wanneer zij aan kweekvlees denken. Hoe maak je mensen warm voor gekweekt vlees?

De ieuw-factor is er maar zeer kort

Luining: “Eigenlijk is dat niet erg nodig. De Universiteit Wageningen deed onlangs onderzoek naar de perceptie van kweekvlees. Die ieuw-factor waar je het over hebt bestaat maar heel kort bij mensen. Het is vaak de eerste reactie bij mensen, maar zodra je ze erover laat nadenken gaat deze factor al weg.”

De Nood: “Wij zullen absoluut de discussie opzoeken. We gaan mensen uitleggen wat de voordelen van kweekvlees zijn en waarom het zo goed is.”

Kweekvlees-startup Just wilde ook zakendoen in Nederland, maar liep tegen een muur van overheidsregelgeving aan. Het product moest volgens EU-normen eerst op veiligheid getest worden, wat jaren zou kunnen duren. Hoe anticiperen jullie op dit soort zaken?

De Nood: “In Europa is er regelgeving waar producten aan moeten voldoen. Volgens de novel food-procedure moet nieuw voedsel door een procedure heen van 9 tot 24 maanden. Daarna krijg je een standaard goedkeuring van de EU. Het is hartstikke goed dat ze dat doen. Zo krijg je veilige producten op de markt. Wel denken wij dat de EU in ons geval 9 maanden kan hanteren.”

Ons product is letterlijk vlees. Het is niets anders

Luining: “Ons product is letterlijk vlees. Het is niets anders. Waarom zou iets wat tot op de atoom toe hetzelfde is zo’n enorm risico met zich meebrengen?”

Mosa Meat, Memphis Meat, het zojuist genoemde Just: de concurrentie in de wereld van het kweekvlees is hevig. Hoe denken jullie uiteindelijk het verschil te maken?

De Nood: “Door onze technologie. Onze één cel-techniek gaat gepaard met een hogere deelsnelheid, waardoor we een voorsprong op de rest hebben.”

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Luining: “De status quo in deze markt is nu dat je gebruikmaakt van een kalfsserum. Door onze technologie is dat verleden tijd.”

Willen jullie uiteindelijk zelf fabrieken voor de productie van kweekvlees runnen?

Luining: “Ja. Dan zou onze droom werkelijkheid worden! Je hebt dan geen landbouwgrond meer nodig. Stel je voor dat je dit in de stad kunt doen in combinatie met vertical farming. Dan heb je straks één flatgebouw waar alle voeding gemaakt wordt voor de gehele omgeving. Het klinkt als een droom, maar is haalbaar.”