Winkelmand

Geen producten in je winkelmand.

Gratis publiciteit is niet altijd goed

De verleiding ligt op de loer als een journalist je benadert voor een artikel. Iedere ondernemer wil gratis publiciteit, toch? Columniste en ondernemer Kristel Groenenboom had een andere ervaring.

Publiciteit Getty
Je leest nu: Gratis publiciteit is niet altijd goed

Je ziet het al helemaal voor je: een groot artikel met een mooie foto erbij. Goede publiciteit voor je bedrijf. Natuurlijk zeg je dan ‘ja’. Je zal toch wel gek zijn om die kans op gratis reclame te laten liggen. Met die gedachte ben ik vaak op mijn bek gegaan. Deze keer dus ook.

Enthousiasme

Tijdens een ondernemersevenement kwam een journaliste naar mij toegekomen om te vragen of ze mij mocht bellen voor een leuk artikel. Ze toonde haar perskaart nogal uitdrukkelijk en uit enthousiasme gaf ik haar direct mijn visitekaartje. Ik had er helemaal niet bij stilgestaan om te vragen voor welke krant of platform ze werkte. Zou ik blij zijn met een artikel van haar hand? Is het een goede journalist met een leuke schrijfstijl, die waarheidsgetrouw is en de zaken niet overdrijft? Zou dit artikel ook goede reclame worden straks? Door mijn overenthousiasme sloeg ik direct een paar stappen en kritische vragen over.

Onprofessioneel

Het interview start en ik heb er direct een akelig gevoel over. Twijfels of dit wel goed gaat komen. Alles verloopt erg onprofessioneel. De journaliste is ruim een uur te laat en heeft een vreemd visitekaartje bij zich. Blijkt dat ze van een onbekend online platform is en dit gesprek zowel voor een online artikel als haar toekomstige boek wil gebruiken. Ze vraagt netjes of ze het interview op mag nemen met haar iPhone. Een lastige vraag. Ik begrijp wel dat journalisten achteraf een gesprek willen naluisteren om te zien of alles klopt. Toch geeft het een onprettig gevoel. De interpretatie van een gesprek moet gelijk goed gaan, dan heeft de tape achteraf beluisteren toch niet zoveel zin? Je hebt het gevoel dat je met ieder woord en iedere uitdrukking aan de grond genageld zit als geïnterviewde. Alsof de journalist daarmee zegt het ultieme bewijs in handen te hebben: een geluidsopname met jouw stem, jouw woorden, jouw ideeën…  Of je woorden volledig verdraaid en uit context gehaald zijn in het artikel, dat is een ander punt.

Het interview gaat verder en de journaliste haalt haar perskaart boven. Het bewijs dat ze toch echt een professional is? Ze voegt eraan toe dat ik straks uitdrukkelijk toestemming moet geven of het artikel geplaatst mag worden. Shit… vergeten om van tevoren duidelijk te zeggen dat ik eerst alles wil nalezen, zowel de concepttekst als de definitieve tekst. Wanneer is de publicatiedatum? Ook niet onbelangrijk. De journaliste gaat verder met haar wazige verhaal over het verbond van journalisten en dat ze haar perskaart niet wil kwijtraken. Ik heb nog nooit meegemaakt dat een journalist zich verdedigt met een perskaart. Wel heel ongebruikelijk.

Vragen

Mijn wantrouwen groeit verder door de vragen die de journaliste begint te stellen: ‘Heeft u problemen met uw vrouwelijke kleding?’ ‘Voelt u zich niet heel kwetsbaar in een jurk en met uw lange haar als vrouw, mevrouw Groenenboom.’  ‘Hoe bedoelt u dat, ik geloof dat ik de vraag niet goed begrijp?’ Het sluitstuk : ‘Heeft u last van uw maandelijkse perikelen als vrouw? En hoe gaat u hiermee om in het zakenleven?’ Ik val bijna van mijn stoel af van verbazing. ‘Wat zegt u? Sorry hoor, maar ik heb nog nooit zo’n seksistische vraag gehoord van een journalist, en dat van een vrouw. Dit is erg ongepast’, is mijn reactie.

Ik rond het interview af en denk bij mezelf: dit artikel wordt dramatisch, dit gaat nooit goed komen. Hoe kom ik hier in hemelsnaam vanaf? Mijn collega’s vragen hoe het is gegaan en of het een leuk stuk gaat worden. Nee, dat zeker niet. ‘Ik ga jullie ook niet vertellen wat voor absurde vragen die vrouw stelde. Gewoon te belachelijk en te beschamend voor woorden. Stom, stom, stom om zo snel akkoord te gaan met een artikel’, roep ik terug.

Terugdraaien

Twee weken later ontvang ik een mail met de tekst. Mijn angst wordt werkelijkheid. Een vreselijke tekst van vijf bladzijdes. Je hoeft de tekst niet eens helemaal te lezen: enkel de koppen zijn al dramatisch. Met de tekst nog voor mij bel ik direct mijn juriste op om te vragen wat ik hieraan kan doen. Wat zijn mijn rechten? Al snel krijg ik de volgende raad: stuur een mail terug met de tekst dat je de journaliste aansprakelijk stelt voor imagoschade van jouw bedrijf indien ze dit artikel publiceert. Voeg er uitdrukkelijk aan toe dat je absoluut niet akkoord gaat met publicatie.

Het werkt. De journaliste nog een poging of ik akkoord ga met een herschreven versie. Dat had ze niet hoeven doen, de tekst krijg je toch niet meer goed. Ze mailt me dat ze het stuk niet zal publiceren, want ze zit niet op een conflict of juridische problemen te wachten. Wel voegt ze eraan toe dat ze vrij is om te blijven schrijven wat ze meemaakt in haar eigen verhalen.

Halleluja, probleem opgelost. De volgende keer toch maar wat kritische vragen stellen en niet direct alle deuren openen in je onderneming als er een journalist belt. Iets minder enthousiasme kan soms ook niet verkeerd zijn.