Winkelmand

Geen producten in je winkelmand.

Gevaren op weg naar de top: het Rising Star Model

Ben jij een rijzende ster? Dit zijn de morele gevaren onderweg naar de top van een organisatie.

Je leest nu: Gevaren op weg naar de top: het Rising Star Model

Een rijzende ster is een persoon met bovengemiddeld talent die snel carrière maakt binnen of over organisaties heen en daarbij posities met een steeds grotere verantwoordelijkheid inneemt. Snel opklimmen betekent meer macht, zichtbaarheid en aandacht.

Op weg naar de top krijgen rijzende sterren te maken met diverse verleidingen die hen op het verkeerde ethische pad kunnen brengen. Hoe sneller ze omhoogschieten, hoe groter de kans op morele schade. Maar hoewel deze uitdagingen kunnen misvormen, kunnen ze rijzende sterren ook in positieve zin vormen, afhankelijk van de lessen die ze uit de ervaring trekken.

Conceptueel model

Het Rising Star Framework omvat zes gevaren waarmee beloftevolle talenten vaak te maken krijgen. Ieder van de zes kan zich apart voordoen, maar meestal komen ze samen voor waardoor ze elkaar wederzijds versterken. Toch kan elk van deze gevaren die bedreiging vormen voor het morele kompas van de rijzende ster, hem/haar ook iets leren over een cruciaal kenmerk van leiderschap. Deze kiem van een potentiële leerervaring zit in dit model in elk van de zes gevaren ingebed.

De Kernelementen

De zes morele bedreigingen zijn:

  1. Het Peter Principle. Zoals Peter en Hull (1969) opmerkten, worden mensen meestal bevorderd op basis van hun succes totdat ze een positie bereiken die hun capaciteiten te boven gaat, waar ze dan de rest van hun carrière blijven zitten. Hoe sneller ze opklimmen en hoe hoger de verwachtingen, hoe groter de kans dat ze zichzelf voorbijlopen. Om te voorkomen dat ze op dit plateau van incompetentie arriveren, moeten rijzende sterren een gezond bewustzijn van hun talenten en beperkingen ontwikkelen.
  2. Het Paulus Principe. Hoe sneller een ster stijgt, hoe hoger de verwachtingen om een van de topbanen te krijgen. Maar met slechts enkele C-suite posities beschikbaar, zullen er onderweg meer gedesillusioneerde en gedemoraliseerde HiPo’s zijn dan tevreden talenten (met een knipoog het Paulus Principe genoemd, als de tegenhanger van Petrus of Peter). Om te vermijden dat ze op dit plateau van teleurstelling terecht komen, moeten rijzende sterren ook betekenis en plezier zien te vinden in andere zaken dan puur carrière maken.
  3. Het Machiavelli Effect. Naarmate sterren opklimmen, krijgen ze ook meer macht. Ze hebben meer invloed terwijl ze zelf minder worden gecontroleerd. Zoals Lord Acton (1887) opmerkte: “Macht corrumpeert en absolute macht corrumpeert absoluut. Machtige mannen zijn bijna altijd slechte mannen…” Om machiavellistische machtsspelletjes te vermijden, moeten rijzende sterren aan hun empathie werken en oefenen in rechtvaardigheid.
  4. Het Hollywood Effect. Naarmate hun macht toeneemt, stijgt ook hun zichtbaarheid en de aandacht die mensen aan hen besteden. Net als Hollywoodsterren wonen ze in een virtueel glazen huis waar je alles kan zien, ook het slechte en het lelijke. Tegelijk raken ze geïsoleerd van de werkelijkheid en krijgen ze weinig feedback. Om te vermijden dat ze als superster hun realiteitszin verliezen, moeten rijzende sterren geconnecteerd blijven, zich bewust zijn van hun voorbeeldfunctie en hun verantwoordelijkheid
  5. Het Icarus Syndroom. Net als bij de mythologische Icarus leidt succes tot arrogantie en arrogantie is het begin van de eigen ondergang. Zoals Miller (1991) opmerkte, hebben rijzende sterren vaak te veel succes en te weinig tegenslag. Dit leidt tot overschatting van zichzelf en minachting van anderen. Om dergelijk haantjesgedrag te vermijden, moeten rijzende sterren hun fouten leren omarmen en werk maken van bescheidenheid.
  6. Het Hercules Syndroom. Voor rijzende sterren is het andere gevaar van succes dat zij, en hun omgeving, ervan uitgaan dat succes normaal is. De verwachtingen blijven stijgen, waardoor ze weinig ruimte hebben voor fouten, falen of het even niet weten. Om de druk te vermijden van altijd sterk te moeten zijn, moeten rijzende sterren hun verwachtingen temperen, zichzelf niet overprofileren en regelmatig hun kwetsbaarheid

De Kerninzichten

  • Rijzende sterren ervaren sterke morele gevaren. Snel opklimmen in de hiërarchie mag een zegen lijken, het kan ook een verkapte tragedie zijn. Rijzende sterren krijgen immers te maken met zes verleidingen die hen moreel kunnen corrumperen en ertoe leiden dat zij als een opgeblazen ster imploderen tot een moreel zwart gat.
  • Opklimmen kan hachelijk zijn. Rap stijgen om een hogere positie te veroveren kan tot twee negatieve dynamieken leiden. Het Peter Principle waarschuwt voor het zichzelf voorbijlopen, terwijl het Paulus Principe waarschuwt tegen te hoge verwachtingen.
  • Hoog zitten kan hachelijk zijn. Een hoge positie bekleden kan ook twee ongezonde neveneffecten hebben. Het Machiavelli Effect beschrijft de neiging tot machtsmisbruik, terwijl het Hollywood Effect slaat op de neiging om zich te misdragen en plein public.
  • Succes hebben kan hachelijk zijn. De laatste twee risico’s zijn de psychologische gevaren van te veel succes. Het Icarus Syndroom speelt als succes leidt tot arrogantie en het Hercules Syndroom als succes leidt tot de constante druk om sterk te moeten zijn.
  • Morele gevaren kunnen misvormen of vormen. Elk van deze gevaren is een mogelijke leerervaring. Als rijzende ster kan je toegeven aan de verleiding om het verkeerde te doen, maar je kan ook de verleiding weerstaan en er sterker en wijzer uitkomen.

 

Meer nieuwe managementmodellen