Winkelmand

Geen producten in je winkelmand.

Waarom thuiswerkers harder werken en moeders een risico zijn

Wie bang is dat thuiswerkers minder hard werken, heeft het mis. ‘Het risico lijkt nu niet dat mensen te weinig doen, maar dat ze juist te lang met werk bezig blijven.' Vooral moeders zijn een risico.

Je leest nu: Waarom thuiswerkers harder werken en moeders een risico zijn

Veel werkgevers waren er jarenlang huiverig voor: werknemers die op grote schaal vanuit huis werken. Maar de coronacrisis bewijst dat productiviteit echt geen probleem hoeft te zijn voor thuiswerkers, zeggen onderzoekers Sabine Geurts en Debby Beckers van het Behavioural Science Institute (Radboud Universiteit).

Sabine Geurts is hoogleraar Arbeids- en Organisatiepsychologie, Debby Beckers is universitair hoofddocent in hetzelfde veld. Beide doen vanuit het gedragsinstituut onderzoek naar werk, werktijden, stress en herstel. Tot voor kort werd daarbij vooral gekeken naar de werksetting binnen organisaties en het woon-werkverkeer, maar toen de coronacrisis uitbrak en thuiswerken usance werd, besloten ook zij snel te schakelen.

Ook digitaal ontspannen is belangrijk, loslaten blijft essentieel

‘Veel mensen hebben nu maximale zeggenschap over hun werk- en  privétijd’, zegt Sabine Geurts. ‘Ze moeten nu zelf de discipline opbouwen om daar verantwoord mee om te gaan, dat ze voldoende pauzes nemen en niet alleen voor maximale productiviteit gaan’. Beckers: ‘Het risico lijkt nu niet dat mensen te weinig doen, maar dat ze juist te lang met werk bezig blijven. Het verschil tussen je werkplek en privéplek is veel kleiner geworden, zeker als je klein behuisd bent. Als je niet uitkijkt word je overal geconfronteerd met je werk en is er geen ruimte meer waar je echt even kunt terug- of uitschakelen. Ook de terugschakelmomenten die voorheen op een redelijk natuurlijke manier in een werkdag zaten, bijvoorbeeld als je even een kop koffie haalde met een collega, verdwijnen nu opeens.’

Belang van pauzes

Leidinggevenden kunnen een belangrijke rol spelen in gezond werkgedrag thuis, legt Geurts uit. ‘Het is belangrijk om je werknemers te attenderen op het belang van pauzes nemen en het scheiden van werk en privé. Dat begint door zelf een cultuur te creëren waarin we elkaar in privétijd niet bestoken met werkgerelateerde e-mails en app-contact. Verstuur bij voorkeur geen e-mails tijdens de vrije avonden en weekenden, zodat niet (onbedoeld) de verwachting ontstaat dat er in de avonduren of op zondag ook  gereageerd moet worden.’

Hoewel agenda’s bij sommige werknemers al vol zitten met videovergaderingen, is het volgens Beckers belangrijk om ook regelmatig informele contactmomenten in te plannen. ‘Digitaal ontspannen is belangrijk. Op kantoor blaas je ook stoom af  met korte gesprekken bij de koffieautomaat. Digitaal is het natuurlijk niet hetzelfde, maar ontspannen en loslaten blijft essentieel.’

Eigen grenzen

Het is voor werknemers wel zaak ook zelf goed op te letten. Geurts: ‘Let op je eigen grenzen, communiceer ze naar anderen en plan bewust niet-werktijd in. Spreek met jezelf af: is mijn laptop dichtgeklapt, dan check ik ook op andere apparaten niet even tussendoor de mailbox.’

Probeer in je vrije tijd voor positieve herstelmomenten te gaan, bij voorkeur activiteiten die niet te veel op je werk lijken. Dat kan bijvoorbeeld een korte wandeling in de pauze zijn, de natuur opzoeken in het weekend, muziek maken of luisteren, of gewoon een avond lekker op de bank een boek lezen of een mooie film kijken. ‘Alle activiteiten die bij jou positieve emoties oproepen, vormen een sterk wapen tegen negatieve emoties, zorgen voor afleiding, helpen zaken te relativeren en dragen bij aan een breder perspectief en het denken in oplossingen in plaats van obstakels.’

Als door de coronacrisis het werk juist wegvalt of even stil ligt, dan zijn er ook mogelijkheden om daar wat aan te doen. ‘Sommige mensen hebben het misschien minder druk, maar ervaren wel druk’, legt Beckers uit. ‘Bijna niemand vindt het prettig om langdurig duimen te draaien. Overleg met collega’s over het herverdelen en opsplitsen van taken en laat aan je leidinggevende zien dat je mee wil denken en bereid bent om in te springen’.

Moeders doen meer

Beide onderzoekers waarschuwen ook voor genderongelijkheden die kunnen ontstaan door het thuiswerken. Daarvoor verwijzen ze onder andere naar de eerste resultaten van een onderzoek dat ze in samenwerking met onderzoekers van de Universiteit Utrecht en de Universiteit van Amsterdam hebben uitgevoerd. Geurts: ‘Bij gezinnen met ouders zien we dat zowel vaders als moeders meer huishoudelijke en zorgtaken op zich zijn gaan nemen sinds het thuiswerken. Maar vrouwen namen voor de crisis al meer huishoudelijke en zorgtaken op zich, en die ongelijke verdeling blijft nu grotendeels in stand. Moeders zijn dus nóg meer gaan doen, in sommige gevallen in combinatie met een veeleisend vitaal beroep. Het iets grotere aandeel van vaders aan de thuistaken tijdens de coronacrisis, stemt echter voorzichtig optimistisch.’

Voorsorteren op risico’s

Sommige politieke partijen willen het recht op thuiswerken verankeren en in de wet vastleggen. ‘Dat klinkt als een prachtige maatregel, maar die kan ook ongewenste bijeffecten hebben. Kijk niet alleen met een tunnelvisie naar de voordelen, maar denk ook goed na over eventuele gevolgen op de lange termijn’, waarschuwt Beckers.

We moeten nu al voorsorteren op genderongelijkheid

Want hoewel thuiswerken zeker een belangrijke methode kan zijn om vrouwen ook na het krijgen van kinderen aangehaakt te houden op de arbeidsmarkt, kan de verhouding scheef groeien. ‘In veel Nederlandse gezinnen hebben vrouwen nog steeds traditioneel de zorgrol. Wat als een gezin straks besluit dat de man weer op kantoor werkt, en de vrouw haar werk grotendeels vanuit huis voortzet? We moeten slim nadenken over en anticiperen op dergelijke mogelijke ongelijkheden in aanwezigheid en wat dat zou betekenen voor bijvoorbeeld prestatiebeoordeling, talentontwikkeling en carrièrekansen. We moeten dus nu al voorsorteren op genderongelijkheid en andere risico’s die vanuit thuiswerken kunnen ontstaan.’

Dit is een bewerking van een artikel dat eerder verscheen op Radboud Recharge.