Winkelmand

Geen producten in je winkelmand.

‘Invloed heeft niets te maken met positie, maar alles met de juiste energie en focus’

Uit de directie en weer terug het vak in. Pepijn van der Meulen, medeoprichter van Lifeguard, deed een stap terug binnen zijn bedrijf. ‘Eerst voelde het als statusverlies, daarna vond ik de energie terug die ik zo lang kwijt was.’

Demotie, stap terug, carriere, leiderschap, management team Photo by Smart on Unsplash
Je leest nu: ‘Invloed heeft niets te maken met positie, maar alles met de juiste energie en focus’

‘Voorheen geloofde ik nog in het idee dat je een soort superman kan zijn. Dat als je alles aankan zo lang je jezelf traint. Daar ben ik van teruggekomen. We zijn allemaal hartstikke kwetsbaar en moeten aanvaarden dat we soms hulp nodig hebben’, vertelt Pepijn van der Meulen, die met zijn bedrijf Lifeguard organisaties helpt vitaler te worden.

Als medeoprichter van Lifeguard rolt Van der Meulen in een directiefunctie. Maar hij merkt al snel dat hij als leidinggevende steeds vaker dingen doet die niet bij hem passen. ‘Managen, lopende processen opvolgen, duidelijkheid geven aan medewerkers, vooral die operationele kant ging me niet goed af. Eigenlijk was ik daar veel te vrij mee, ik dacht dat medewerkers alles zelf wel wisten.’

Management team

Van collega’s krijgt Van der Meulen ook het signaal dat hij zijn werk anders moet inrichten, toch zet hij door en probeert hij zichzelf te bewijzen. Tot het moment dat een bevriende relatie van een grote organisatie aanbiedt om een interne audit te doen en de stofkam door het bedrijf haalt. Daar komt uit dat het beter is als Van der Meulen uit het management team stapt. ‘Die conclusie snapte ik, zelf worstelde ik ook. Toch kwam het hard aan.’

Tegelijkertijd vindt hij het ook in zijn privéleven lastig om de eindjes aan elkaar te knopen. Hij realiseert zich dat het zo niet verder kan. ‘Een breakdown in de auto en die interne audit waren voor mij hét signaal dat er iets moest veranderen. Mijn takenpakket werd gehalveerd, ik stapte uit het management team en stopte met leidinggeven. Dat gaf me de ruimte om weer het vak in te gaan en te doen wat ik echt leuk vind, coachen en trainen.’

Statusverlies

‘In eerste instantie voelde het als falen en statusverlies, je bent toch de oprichter van het bedrijf. In mijn omgeving begreep ook niet iedereen meteen mijn keuze. Maar was ik in het management gebleven, dan was ik de boel blijven verstoren en frustreren. Eenmaal begonnen aan mijn nieuwe functie vond ik binnen zes maanden de energie terug die ik zo lang kwijt was.’

‘Nu heb ik nog steeds plezier in mijn werk en doe ik de dingen die ik echt leuk vind. In deze rol functioneer ik een stuk beter en het heeft de organisatie ook goed gedaan. Daar ben ik trots op.’ Daarnaast heeft hij meer tijd voor zijn privéleven. ‘Iedere vrijdag ben ik bij mijn vier kinderen, ik heb meer ruimte om een goede vader en echtgenoot te zijn.’

‘Na mijn demotie was ik wel bang om invloed te verliezen, dat ik niet meer belangrijk zou zijn. Inmiddels weet ik dat invloed niets te maken heeft met functie of positie, maar alles met energie en de juiste focus. Omdat ik weer lekker in mijn vel zit, krijg ik meer voor elkaar. Een directierol blijkt dus helemaal niet zoveel verschil te maken. Heb je goede energie, dan is de kans groot dat mooie ideeën werkelijkheid worden.’

Reductie

Iedere optimalisatie begint volgens Van der Meulen met een reductie. ‘Dat vinden mensen moeilijk, wat reduceren gaat vaak samen met teleurstelling. Daarom hebben we ook zoveel moeite met demotie. We zijn goed in stapelen, nieuwe dingen ontdekken, groeien en carrière maken, een stap terugdoen vinden we eng.’ Vooral in de grotere organisaties is het voor mensen lastig om dit soort beslissingen te nemen. ‘Er worden politieke spelletjes gespeeld en de omgeving voelt niet veilig genoeg voor dit soort moeilijke keuzes. Kies je er bijvoorbeeld voor om parttime te werken, dan denken mensen dat de carrière voorbij is.’

Ook Richard Jongsma, HR-adviseur en schrijver van het boek ‘Demotieverhalen’, ziet dat demotie haaks staat op wat velen verstaan onder succes. ‘We willen promotie na promotie, een carrière is pas geslaagd als er sprake is van een rechte lijn omhoog. Pas wanneer we met pensioen gaan is het geoorloofd om het rustig aan te doen’, zei Jongsma in een eerder MT-interview.

Volgens Van der Meulen is er wel langzaam iets aan het veranderen. ‘Toen ik begon met werken was de gemiddelde burn-out leeftijd 41, nu 26. Millennials hebben een andere definitie van succes en vooruitgang, ze verwachten dat de werkgever daar oog voor heeft. Het draait niet meer uitsluitend om macht, geld en status. Het gaat om ontwikkelen, mentaal en fysiek fit zijn en genoeg tijd hebben voor hobby’s en vriendschappen. Mensen nemen ook vaker sabbaticals. Al is er wel nog een clash tussen generaties, het knettert en schuurt op de werkvloer.’