Winkelmand

Geen producten in je winkelmand.

MT1000 - 2019

MT1000: Best in beheer en onderhoud ICT

Dit zijn de beste dienstverleners in beheer en onderhoud van ICT, volgens zakelijke beslissers.

author Redactie

clock 0,5 min

technisch talent vinden binden en boeien

Bijdrage

Door deze 5 beperkingen (die je jezelf oplegt) vind jij geen IT’ers

IT’ers zijn schaars. Maar waar een wil is, is een weg. Deze vijf vragen helpen je schaarse IT’ers te vinden...

author Wilbert Geijtenbeek

clock 3,5 min

i.s.m. Tableau
Data op orde Wanneer je geavanceerde, toegankelijke data analytics wil introduceren in je bedrijf, waar begin je dan? De Clercq: ‘Ten eerste moet de data op orde zijn. Verzameld, opgeschoond, kloppend, compleet, toegankelijk. Dat is het fundament. Soms, bij grotere bedrijven, is er een IT-team dat al databases en zelfs warehouses ordelijk en veilig heeft aangelegd, dat is mooi. Werk daar dus goed mee samen, is mijn advies. Maar in de software zitten ook functies die een bedrijf helpen met het ordenen van data. Dat is pijler 1: zoek uit welke data je hebt en hoe die is opgeslagen.’ Na inzet van de software (2) is pijler 3 van groot belang: ermee leren werken, en de challenges aangaan die erbij horen. ‘Het begin gaat snel’, zegt De Clercq. ‘Daarna kun je zelf veel uitzoeken via manuals, YouTube en op fora, maar in de praktijk schiet dat vaak niet voldoende op. Veel mensen blijken als je het ze zelf laat uitzoeken minimaal gebruik van de kennis te maken binnen hun team; dan haal je de investering er niet uit. Onze bevinding is dat je degenen die ermee gaan werken, dat zijn dus de specialisten zelf, niet de IT’ers, gestructureerde, uitgebreide hands-on trainingen moet geven. Dat is een tip: neem ze aan de hand.’ Maar ook na de trainingen is er een challenge. ‘Je verwacht dat een medewerker die je hebt geleerd zich met de data te verbinden en een dashboard te maken, wel uit de voeten zal kunnen met de datasets in zijn dagelijkse praktijk. Hij of zij begrijpt het eigen proces, de data daaronder dus ook, toch? Dat is een valkuil. Ondersteun hem ook daarbij, hij moet zich comfortabel voelen met z’n eigen data. Je zegt: wat je daar in die kolom op je scherm ziet, mooi gepresenteerd op het dashboard, correspondeert met díe-en-die tabel waar je tot dusver mee werkte.’ Nog een tip van Jim de Clercq, gelouterd door ervaring: je moet niet álle medewerkers willen trainen. ‘In alle teams een paar ambassadeurs, mensen die graag willen en over vaardigheden beschikken. Dat is het beste. die moet je beter maken. Zij kunnen dan anderen in hun team enthousiasmeren en zijn beschikbaar als die bij het aflezen van dashboards vragen hebben; anders komen ze allemaal met vragen bij het analytics team, zoals wij dat bijvoorbeeld hebben. Daardoor houden wij weer tijd over voor het vinden van de meer complexe oplossingen.’ Motor Maar voorop staat dus: waar zijn die data dan? Het zal verschillen per afdeling: verkoop, voorraadbeheer, finance, HR. ‘Ze zijn overal, heel simpel al: de verkoper beschikt over de orderportefeuille. Aantallen, datums, klanten, producten. Is er een relatie tussen producten die klanten kopen en andere die ze ook kopen? Welke vragen zou je als specialist beantwoord willen zien en wat heb je beschikbaar om een antwoord te vinden? De nieuwsgierigheid is een belangrijke motor.’ Bij het begin van het gebruik is het van belang dat medewerkers en beslissers meteen zien: deze software, daar hebben we iets aan. Die is de investering waard. De Clercq: ‘Zorg dus dat je eenvoudig begint. Begin klein, zodat je meteen een mooi resultaat kunt presenteren, dat is ook een tip. Neem bijvoorbeeld een rapportage erbij die al bestaat en die tijd gekost heeft. Laat zien dat het mooier en sneller kan. Niet meteen een groots project opzetten. Dat kan later nog.’ Voordeel Logitech, multinationaal leverancier van peripherals als webcams, toetsenborden, muizen, ab’s, werkt zo’n tien jaar met deze software. De Clercq: ‘Ikzelf ben behalve bij trainingsprogramma’s betrokken bij ondersteuning van de supply chain. We hebben bijvoorbeeld dashboards waarmee verouderde voorraden worden gemonitord. Heb je overzicht, dan kun je actie ondernemen, die producten promoten bijvoorbeeld. We hebben voor heel veel processen dashboards, voor geregelde rapportages maar ook voor ad-hoc-analyses. Het is moeilijk te meten welk voordeel we er precies bij hebben, maar het is absoluut aanzienlijk.’ Maandelijks hebben de gebruikers binnen het bedrijf een bijeenkomst om via presentaties op de hoogte te blijven. ‘Wij doen dat virtueel omdat we over de hele wereld zitten. Heel belangrijk, en dat is weer een tip: houd die bijeenkomsten in stand, dring erop aan dat ze komen. Maak video’s zodat afwezigen en nieuwe gebruikers achteraf alsnog toegang tot de informatie hebben.’ Zelf hoort hij bij de organisatoren van een groep van Nederlandse gebruikers van deze software, die één keer per kwartaal samenkomen. Er zijn dan presentaties en een netwerkborrel. ‘Een externe gebruikersgroep bezoeken is heel nuttig, zeker als je pas begint. Je leert waar anderen mee bezig zijn, wat hun slimme oplossingen zijn, je ziet best practices. Meestal komen er een stuk of 70. Iedereen is heel open, bereid alles te delen. We zijn geen concurrenten.’ Data-analyse is niet meer weg te denken, zegt Jim de Clercq. ‘Het is niet meer van deze tijd om op onderbuikgevoelens af te gaan. Besluiten waarmee veel gemoeid is, moeten data-driven zijn. Je kunt gewoon niet zonder die geavanceerde tools: díe brengen de inzichten bij de beslissers.’ De Clercq besluit met nog een voorbeeld. Een groothandel heeft transport nodig om producten bij resellers te krijgen. ‘De keuze is: verzorg je dat zelf of neem je het aanbod van de klant aan om het vervoer tegen een kleine vergoeding te regelen? Dat laatste lijkt goedkoper, maar het is niet altijd meteen duidelijk wat je zelf aan transport kwijt bent. Een data-analyse kan aangeven hoe het ligt. Bij Logitech bleek dat we er verlies op zouden lijden als we het aanbod aannamen. Ik bedoel maar.’

Data-analyse

Hoe slimme software data steeds inzichtelijker maakt – en wat jij ermee kunt doen

Geavanceerde data-analyse met tools die hanteerbaar zijn voor medewerkers die geen IT-specialist zijn: het levert bedrijven business-, organisatorische en andere...

author Egbert Jan Riethof

clock 4 min

i.s.m. Tableau
Meer en meer bedrijven doen hun voordeel met de mogelijkheden van geavanceerde data-analyse. Zo helpt supertoegankelijke software Peter Appel Transport (1200 medewerkers) met onder meer het stroomlijnen van organisatie en planning. De beloning: forse businessvoordelen. [tekst] Business- en data-analist Gert-Jan Neeft geeft het toe: het werkt verslavend. Fraaie dashboards die hij zelf in kan stellen om antwoorden te krijgen op gerichte vragen. Vragen die hem inzicht verschaffen in processen en samenhangen. Desgewenst deelt hij de dashboards met collega’s binnen Peter Appel Transport en met klanten, om er samen beter van te worden. Naar een IT-medewerker stappen om een rapportage te laten maken, die dan weer een paar keer terugkomt met vragen en misverstanden? Verleden tijd – al is een IT-afdeling natuurlijk nog altijd een belangrijke ondersteuning bij het verzamelen en veiligstellen van data. Inlezen Datasets zijn eenvoudig in te lezen vanuit Excel-files of databases, eigenlijk waar dan ook vandaan. Neeft ziet steeds meer mogelijkheden, dankzij beschikbare informatie en door de updates van de leverancier die altijd doorgaan. Zo wordt de voorspellende waarde almaar groter. Sinds 2011 is Neeft bezig de mogelijkheden te verkennen. ‘Binnen twee avonden had ik destijds de eerste resultaten al op het scherm.’ Klanten Peter Appel Transport is specialist in temperatuur-gecontroleerd transport – vooral van levensmiddelen maar ook non-food producten – door heel Nederland vanuit veertig standplaatsen. Klanten bevinden zich in de sectoren foodretail en foodservice. Soorten data Met wat voor data werkt Gert-Jan Neeft – die een logistieke opleiding heeft gevolgd – dan eigenlijk? ‘We hebben bijvoorbeeld data van opdrachten zelf en ook van de uitvoering: waren we op tijd op de bestemming of hoeveel te vroeg dan wel vertraagd? Data komt ook van de voertuigen, denk aan brandstofverbruik. Dan zijn er de mensen die uren maken. Er zijn financiële gegevens, er is onderhoud. Je kunt dit alles overzien, dan kijk je dus terug.’ Het mooie is dat Neeft met behulp van de gegevens van het verleden nu kan voorspellen wat bijvoorbeeld het aantal benodigde arbeidsuren in de komende periode gaat worden. ‘Ik kan dan efficiënt organiseren en een goed tactisch plan vormgeven: voldoende mensen, voertuigen en volume, niet te veel en niet te weinig. Predict and prepare zeggen ze wel, je bereidt operaties voor. Dan kom je op het terrein van de business.’ Vroeger Hij werkte altijd al met data, maar aanvankelijk had Gert-Jan Neeft alleen Excel ter beschikking. ‘Ook een mooi programma natuurlijk. Het voorspellende deel kon daarmee niet, we hadden wel inzicht in het verleden waar we ons voordeel mee konden doen. Maar door de steeds grotere hoeveelheden data liepen we tegen grenzen aan. Bovendien kon je maar met één persoon tegelijk in een bestand. Tegenwoordig kun je met hele volksstammen tegelijk naar de analyse kijken.’ Externe invoer Niet alleen data van intern zet hij in, ook van buitenaf komen ze. Neeft: ‘Klanten geven orders en planningen door waarmee wij moeten werken. Grote retailers doen dat bijvoorbeeld. Hoeveel ritten, welk moment van de dag of week, welke bestemmingen, welke volgorde – dat analyseren wij zodat we er op zo efficiënt mogelijke manier mee verder kunnen. Ook de klant helpen we om inzicht te krijgen in zijn planproces. Dan kan hij het in de toekomst weer een stukje beter doen. In het voordeel van alle betrokkenen.’ Businessvoordelen Er is heel veel mogelijk met de tools van de platform analytics-aanbieders. Complexe, diepgaande berekeningen, interactiviteit, toegankelijkheid. Neeft: ‘Afgelopen jaren hebben we absoluut veel businessvoordelen gehaald uit data-analyse. Deels zijn die te meten, aan de andere kant kun je nu eenmaal niet overal een waarde aan hangen. Er zijn dingen veranderd en de gunstige gevolgen daarvan zie je niet alleen in euro’s, maar bijvoorbeeld in kortere wachttijden, minder leeggereden kilometers…’ De aanpak geeft Peter Appel Transport onderscheidend vermogen ten opzichte van andere vervoerders en logistiek dienstverleners, zegt hij. ‘We lopen echt op de troepen vooruit.’ Data-driven En de toekomst? Je bent nooit klaar, zegt Neeft. ‘We zijn als organisatie bezig steeds meer data-driven te worden. We zijn het dus al, maar het kan naar een hoger niveau. Meer beslissingen nemen, in meer afdelingen, op basis van inzichten die je krijgt dankzij metingen. Neem de schade-analyse. Waar, op wat voor tijdstippen, bij welke omstandigheden is er schade gereden? Daar kun je veel uithalen. Dan geef je medewerkers bijvoorbeeld gericht training om bepaalde handelingen anders uit te voeren. Of je past een planning aan om de kans op schade te verkleinen.’ Peter Appel Transport is koploper, maar, zegt Neeft, ‘we zijn er nog lang niet. Er is nu alweer meer functionaliteit dan een jaar geleden, zoals spatial analytics, analyses op kaartmateriaal. Dat kan rechtstreeks ingelezen worden. De leverancier bouwt zijn product steeds uit, mede met behulp van de ideeën die van gebruikers komen. Dat doen ze goed.’

Data-analyse

Zó haalt Peter Appel Transport enorme businessvoordelen uit slimme data-analyse

Meer en meer bedrijven doen hun voordeel met de mogelijkheden van geavanceerde data-analyse. Zo helpt supertoegankelijke software Peter Appel Transport...

author Egbert Jan Riethof

clock 3 min

i.s.m. Tableau
Data is overal, doe er wat mee! Dat is de boodschap die steeds vaker wordt uitgedragen. Data leeft; in de media, bij onderzoekers en op speciale events. Zelfs in de boardroom van veel organisaties ontkomt men niet aan de mogelijkheden van data. Het is gebleken dat bedrijven die voor strategische beslissingen en innovaties, gebaseerd op inzichten van hun data, productiever en meer winstgevend zijn (Study by MIT slow school of management, published in Hardvard business review). procent succesvoller zijn dan de concurrentie die dat doet op basis van intuïtie, of zoals dat heet: opinion. [voorbeeld van zo’n onderzoek – heeft Diederick nog niet doorgegeven] Al zeker vijftien jaar is het gaande: individuen, organisaties en apparaten slaan steeds meer data op, gestructureerd en ongestructureerd. De ontwikkeling van platforms en software daaromheen waarmee steeds grotere sets van data – big data – te analyseren zijn, gaat maar door. Anno 2018 bestaan er aan de voorkant van al die software en platforms en ‘zeeën’ vol data handige dashboards waarmee antwoorden op gerichte vragen zichtbaar te maken zijn. Veel organisaties weten dat ze ‘iets’ met die data moeten doen en zijn zich bewust van de waarde die in hun data zit. En tegelijkertijd worstelt men met de vraag hoe deze waarde hieruit te halen. En zo de kansen te pakken om hun organisatie ‘data-driven’ te maken. Alles is data Data moet je leren zien en dan begrijpen, dat wil zeggen er de juiste vragen aan stellen. Er zijn aanbieders die bedrijven daarbij helpen met begeleiding en adviezen, en door analytics platforms om de data visueel te analyseren. Iedere stap van de analyse wordt visueel weergegeven. Visuele indrukken gaan sneller en nodigen uit tot verdere analyse. Het uitgangspunt: alles is data. Wie meedoet aan de Nationale Tuinvogeltelling verzamelt data, wie van A naar B reist maakt er gebruik van, net als iemand die zijn DNA-profiel laat onderzoeken. De afdelingen sales en HR van een bedrijf slaan ze op en maken ze toegankelijk, maar wie Boer Zoekt Vrouw opneemt om te registreren of boer Wim nou voor Katie of voor Janneke kiest, doet dat net zo goed. Alle activiteiten van bedrijven, individuen, overheden en instanties zijn – desgewenst – in data te vatten. Analyse Stel; een beheerder van flexkantoren vlakbij Schiphol overweegt uitbreiding. Een beslissing over zo’n kostbare investering kan hij (zij) nemen op basis van data-analyse: hoeveel vraag naar zijn dienst is er geweest de afgelopen jaren en welke stijgende lijn zat daarin? Hoe vaak moest een potentiële klant met ‘nee’ worden opgescheept? Hoeveel nieuw concurrerend aanbod is er in de naaste omgeving te verwachten? Wat zijn de plannen van Schiphol? Is er in de Haarlemmermeer groei te zien in het type bedrijven dat in het algemeen gebruikmaakt van flexkantoren? Op basis van die uitgebreide analyse kan de beheerder een berekening presenteren die aangeeft hoe verstandig het is om een nieuw gebouw neer te zetten. Daarop kan de investeerder een ‘data-driven’ beslissing baseren. Aanbieder zoeken Belangstelling? Zoek eens rond in de eigen databases: welke zijn er, wat is er eigenlijk beschikbaar? Formuleer enkele vragen waar je via data-analyse een betrouwbaar antwoord op zou willen hebben, bijvoorbeeld om de afzet van je product of dienst een boost te geven. En zoek een goede aanbieder van tools voor data-analyse. De mens Belangrijk is dan wel: dat de aanbieder zich voor het zien en begrijpen van data expliciet richt op de persoon ‘in the job’; de mens, de eindgebruiker, niet zozeer op de IT-rapporteur. ‘De verkoopmanager weet meer van de onderliggende data in zijn werkgebied en de vragen die van belang zijn, dan de IT’er’, zegt Diederick Beels van analytics platform-aanbieder Tableau. ‘Vroeger maakte de afdeling IT een rapportage op verzoek van de man of vrouw met de kennis, maar dat is inefficiënt en tijdrovend.’ In gesprek met de data Een goede aanbieder is – anno 2018 – in staat juist de kenner zelf ‘in gesprek’ te brengen met de data. Deze kan, met ondersteuning natuurlijk, leren zelf de data te zien – bijvoorbeeld met dashboards – en vervolgvragen te stellen, dus wat hij ziet ook te begrijpen. Hoe komt het dat – bijvoorbeeld – het product in regio X zoveel beter in de markt ligt dan in regio Y? Welke beslissingen zouden de afzet in regio Y kunnen verbeteren? En natuurlijk speelt de IT’er in het proces wel een belangrijke rol; hij verzamelt data en stelt ze beschikbaar op een veilige manier. En kan zo de eindgebruiker ondersteunen.

Data-analyse

Zó ontsluiten bedrijven data en krijgen ze steeds meer voorsprong op hun concurrentie

Alle organisaties, groot en klein, kunnen concurrentievoordeel halen uit de analyse van data. Ze beschikken allemaal ook over grote hoeveelheden...

author Egbert Jan Riethof

clock 3 min

i.s.m. Tableau
Alles kwantitatief en meetbaar. We proberen de werkelijkheid in een computeralgoritme te gieten. Niet verwonderlijk dus dat volgens vacaturewebsite Glassdoor datascientist het belangrijkste beroep in de VS was in 2016, uitgaande van het aantal beschikbare banen, het salaris en de carrièrevoortuizichten. Alles in de bedrijfswereld draait om data, liefst very big. Maar zo werkt het niet. De obsessie met data brengt enorme schade toe aan het bedrijfsleven, poneert Christian Madsbjerg in Filosofie in tijden van big data. ‘Zakendoen gaat vrijwel altijd over menselijk gedrag’ De wereld lijkt zo complex omdat we haar zo graag willen ordenen als een geheel van feiten. Big data geven ons het gevoel dat we alles wat er op aarde gebeurt, kunnen en moeten weten. Maar dat is onmogelijk en ook niet nodig, claimt Madsbjerg. Voor leidinggevenden is het veel belangrijk een perspectief te ontwikkelen waarin alle gegevens samen een veelzeggend totaalbeeld creeëren. De mens en de wereld begrijpen ‘De obsessie voor exacte wetenschappen en big data holt onze gevoeligheid voor niet-lineaire of onlogische, niet te voorspellen veranderingen uit. En die doen zich nochtans altijd voor in menselijk gedrag. Tegelijk vervlakt ons natuurlijke vermogen om betekenis te geven aan dingen vanuit kwalitatieve informatie’, aldus Madsbjerg die als medeoprichter van ReD Associates heel veel Fortune 500-bedrijven, waaronder Ford, Adidas, Chanel, adviseert om problemen op een nieuwe manier aan te pakken. ‘We mogen nog zoveel data hebben over de markt, als we geen idee hebben van het menselijke gedrag, blijft elk inzicht krachteloos.’ Wie wil innoveren, wie een succesvol ondernemingsplan opstelt, moet de mens en de wereld begrijpen. Met enkel big data blijft ons vermogen om de wereld te begrijpen heel beperkt. Gebrek aan cultureel ontwikkeld leiderschap Madsbjerg stelt vast dat er in grote bedrijven een nijpend gebrek is aan cultureel ontwikkeld leiderschap en pleit voor een herwaardering van de geesteswetenschappen. ‘Veel mensen aan de top van de zakenwereld zijn vastgeroest in hun visie op de wereld. Ze hebben geen antenne meer voor de menselijke kant van hun cliënten en de wereld. Ze beschouwen getalsmatige representaties en modellen als het echte leven.’ ‘Ze duiken meteen in probleemoplossende processen en trekken conclusies zonder te begrijpen waar het werkelijk om gaat. Door die houding zijn topmanagers geneigd om technisch opgeleide kaderleden te zoeken die als infanteristen kunnen dienen in de loopgraven van hun datawereld.’ ‘Veel mensen aan de top van de zakenwereld zijn vastgeroest in hun visie op de wereld’ Madjsbjerg meent dat die infanteristen niet de ‘intellectuele finesse’ hebben om op te klimmen naar de hoogste leidersposities. Hij heeft in zijn eigen loopbaan vastgesteld dat mensen die bij grote bedrijven de dienst uitmaken, meestal een diploma van een geesteswetenschappelijke studie op zak hebben. Ja, zelfs in Silicon Valley. A.G. Lafley, voormalig CEO van Procter & Gamble, had een tijd terug in de Huffington Post een belangrijk advies voor mensen die met succes willen ondernemen in de huidige complexe managementcultuur: haal een universitaire graad in een van de geesteswetenschappen. ‘Door kunst, cultuur, de maatschappij of een taal te studeren ontwikkelt onze geest een mentale behendigheid die ons op nieuwe ideeën brengt, wat een stimulans kan zijn voor succes in een constant veranderende omgeving.’ Geen big data, maar dikke data We zouden innovaties, bedrijfsprocessen, beslissingen niet moeten baseren op big data, maar op ‘dikke data’. Zo noemt Madsbjerg data die niet alleen op feiten gebaseerd zijn, maar ook op context, op kennis van cultuur, op inzicht in het menselijke gedrag. ‘Als we die kennis uit onze beslissingen weglaten, werken we met een gebrekkig model van mens-zijn. In de context van een onderneming kan dat rampzalige geovlegen hebben. Tenslotte gaat zakendoen vrijwel altijd over menselijk gedrag: welk product zal het pest verkopen, welke prijs wil de klant betalen? Bedrijven die dat goed aanvoelen zullen floreren.’ De wereld van je klanten ‘De verbeeldingskracht en intuïtie van mensen aan de top verdort. Ze leven op een dieet van uitgeknepen feiten en cijfers.’ Bovendien komt hun informatie vaak van medewerkers die zelf al een selectie maakten van beschikbare gegevens en die ook gekleurd presenteren om zelf goed te scoren, tegenvallende resultaten te verdoezelen… Madsbjerg geeft een fictief voorbeeld van de baas van een schoenenfabriek die zijn schoenen gratis krijgt en zijn eigen winkels nauwelijks nog binnenkomt, zodat hij niet meer weet hoe het is om te gaan winkelen voor schoenen, laat staan hoe het is om die te passen, hoe de schoenen best gepresenteerd worden. Welke autoproducent zou zelf nog een auto gaan kopen, offertes gaan vragen, die vergelijken, dure opties wikken en wegen… ‘Wat weten ze nu nog over de wereld van hun klanten?’ vraagt Madsbjerg zich af. ‘Als je mensen echt wilt begrijpen zul je op ooghoogte naar hen moeten kijken en volledig in hun wereld moeten stappen. Je zult moeten doen wat zij doen en zien wat zij zien.’ Christian Madsbjerg, filosoof en politiek wetenschapper, laat in Filosofie in een tijd van big data zien dat algoritmes en big data niet de ultieme bron voor succes zijn. Het boek verscheen recent bij uitgever Ten Have.

Data-analyse

Obsessie met big data leidt tot bekrompen leiders

Niet big data, maar inzicht in menselijk gedrag en kennis van de wereld maken goede leiders en succesvolle ondernemingen. Bedrijven...

author Bjorn Cocquyt

clock 3,5 min

i.s.m. Tableau

Data-analyse

Tracy Chou: Waarom diversiteit gebaat is bij data

Niet alleen de techsector wordt beter van meer diversiteit, ook de producten die de sector voortbrengt zijn erbij gebaat, zegt...

author Laura Walburg

clock 4 min

De bank noemt zichzelf een ICT-bedrijf, het vliegveld heet een digital airport en de retailer ziet zichzelf als technologieconcern. Het lijkt een modegril: jezelf als digitale organisatie bestempelen. Maar in plaats van een passerende trend is sprake van een fundamentele economische verandering. Zoals Google-topman Eric Schmidt zei: ‘Internet gaat verdwijnen’, dat wil zeggen dat het zo alomtegenwoordig wordt dat we het niet eens meer merken. Online is het concurrentiestrijdperk van de toekomst, en om mee te kunnen doen moet je organisatie daar op aangepast zijn. Van een digitale transformatie is sprake als een bedrijf zijn processen en het contact met klanten en leveranciers zodanig weet te digitaliseren dat ze online kunnen worden aangestuurd en ondersteund. Volgens recent onderzoek van Gartner zijn CEO’s de afgelopen tijd minder gefocused op de groei van hun bedrijf, ten gunste van de digitalisering die maakt dat ze ook in de toekomst in staat zijn zich strategisch te ontwikkelen. De digitale transformatie is echter een veelomvattend veranderproces met uiteenlopende valkuilen. Dit zijn de belangrijkste. #1 Automation-as-usual Digitaal transformeren lijkt in veel opzichten op iets wat organisaties al jaren doen: automatiseren. Maar de verschillen zijn fundamenteel, zegt Hendrik Blokhuis, directeur van Digitale Versnelling Nederland, een programma van Cisco. ‘Automatiseren heeft veel efficiëntie opgeleverd en organisaties moeten daar vooral mee doorgaan’, zegt hij. ‘Maar bij digitalisering moet je je strategie en primaire processen ter discussie durven te stellen, en ze opnieuw opbouwen aan de hand van digitale bouwstenen.’ Door te bekijken hoe technieken zoals Internet of Things, kunstmatige intelligentie en big data in de processen een plaats kunnen krijgen, kan nieuwe klantwaarde worden gecreëerd. Blokhuis: ‘Het moet daadwerkelijk een transformatie zijn. Niet automatiseren 2.0.’ #2 Leiderschap naast de lijn Daarmee stelt de digitale transformatie hoge eisen aan het leiderschap. ‘Wat je vaak ziet’, zegt William Rice, director consulting en thought leader digitale transformatie bij CGI, ‘is dat een programmamanager wordt aangesteld om de transformatie als project te begeleiden.’ Deze manager wordt verantwoordelijk gesteld voor het succes van de operatie. Rice: ‘Maar het gaat om een verandering die door de hele organisatie moet worden gedragen.’ Alleen een koers uitzetten is voor de directie of raad van bestuur onvoldoende. Vaak moet de transformatie onderweg worden bijgesteld. Rice: ‘Het eigenaarschap moet vanuit de top komen.’ #3 Lemen voeten Met alleen mooie plannen kom je er niet. ‘In de praktijk wordt vaak een ambitieuze strategie neergezet’, aldus Marco Clazing, die als vice president customer success group van Salesforce bij veel transformatietrajecten betrokken is, ‘waarbij onvoldoende duidelijk wordt gemaakt wat het voor de mensen in het bedrijf betekent. Blijven hun banen behouden? Moeten ze worden omgeschoold?’ Veel energie gaat verloren aan het ‘meekrijgen’ van onwillige stakeholders. Een middel om de mentaliteit rond de transitie te beïnvloeden is het ‘labelen’ van de ambitie. De zelf aangebrachte stempels zoals ‘Think Forward’ (van de ING) en ‘Digital Airport’ (van Schiphol) hebben wel degelijk een functie: ze maken de stakeholders duidelijk dat een bijzonder proces is ingezet. De stakeholders, niet alleen de werknemers maar bijvoorbeeld ook partners en toeleveranciers, zijn er onderdeel van. #4 De kosten-bias ‘Naar veel transformaties worden vooral als kostenpost gekeken’, zegt William Rice van CGI. ‘Daarmee worden de mogelijke baten onvoldoende in de berekening betrokken.’ Bovendien legt de organisatie zichzelf beperkingen op. Zodra de omstandigheden veranderen, wordt het lastig om middelen te verplaatsen of nieuwe financiële middelen aan te boren. ‘Een alternatieve benadering is dat je de transformatie als businesscase ziet’, zegt Rice, ‘zoals je bij een startup zou doen.’ Ook McKinsey adviseert om de digitale transformatie te benaderen met de mindset van een durfkapitalist, door de voortgang nauwgezet te volgen, projecten die weinig opleveren te staken en projecten die het goed doen te versnellen. De budgettering moet ‘lean’ gebeuren, waarbij bestaande operaties er ook rekening mee moeten houden dat ze soms moeten inleveren. Alleen al om deze reden zijn goed leiderschap en voldoende draagvlak essentieel. #5 De adviesreflex In veel organisaties wordt bij ICT-projecten bijna automatisch een beroep op externe consultants gedaan. Met hun specifieke kennis kunnen adviseurs en ICT’ers de organisatie vaak sneller door het proces loodsen. Maar de digitale transformatie raakt aan de kern van de bedrijfsvoering. Hendrik Blokhuis van Cisco: ‘Natuurlijk zul je externe expertise goed kunnen gebruiken. Maar bij dit soort transities moet de betrokkenheid en inzet van de eigen organisatie voorop staan. De visie op hoe het bedrijf zich met behulp van digitale technieken in de toekomst kan ontwikkelen, moet je zelf formuleren.’ #6 Onvoldoende talent Volgens het onderzoek van Gartner zien CEO’s het tekort aan voldoende expertise in hun organisatie als het grootste obstakel voor de digitale transformatie. De gevraagde vaardigheden zijn dan ook veelomvattend: transformeren betekent dat je een diepgaand begrip van het digitale domein, inclusief onder meer social media en big data, combineert met uitgebreide business-kennis. Marco Clazing van Salesforce: ‘Organisaties moeten er achter zien te komen waar de leemtes in hun kennis zitten, en gerichte opleidings- en trainingsplannen ontwikkelen. Anders loop je het risico dat het proces onderweg strandt.’ #7 Koudwatervrees ‘De grootste valkuil is niet dat we fouten maken bij de transitie’, zegt Hendrik Blokhuis, ‘want fouten maken we allemaal wel eens. De valkuil is dat we terug deinzen voor een op het oog erg ingewikkelde verandering. Dat we zeggen: doe eerst maar een testje. Een projectje.’ Bij de digitale transformatie is het alles of niets, je moet er vol voor gaan. Maar veel keuze heb je niet. De digitalisering neemt alleen maar toe en als organisatie moet je een antwoord hebben. Het internetloze tijdperk komt niet meer terug.

Management & Leiderschap

Loop niet in deze 7 sloten bij de digitale transformatie

De digitale transformatie is niet alleen de meest urgente maar ook lastigste opdracht waar organisaties mee worden geconfronteerd. Uiteenlopende valkuilen...

author Peter van Lonkhuyzen

clock 4 min

innovatie

Management & Leiderschap

Innovatief blijven doe je zo

De kunst om innovatief te blijven wordt in de snel veranderende economie steeds belangrijker. Zeven tips uit de praktijk.

author Peter van Lonkhuyzen

clock 3,5 min

Beveiliging en vertrouwelijke data Als het gaat om vertrouwelijkheid zijn er 2 zaken die goed in het achterhoofd moeten worden gehouden, stelt Erik Remmelzwaal, oprichter van IT-security specialist DearBytes, tegenwoordig onderdeel van KPN. ‘Veel cloudleveranciers hebben hun beveiliging goed op orde, beter dan de gemiddelde organisatie zelf kan regelen. Tegelijkertijd is de wet- en regelgeving op dit gebied nog in ontwikkeling.’ Voordat een organisatie (persoons)gegevens in de cloud plaatst, is het verstandig om de data te classificeren. ‘Het kan verstandig zijn om vertrouwelijke en privacygevoelige informatie nog niet in een publieke cloud te plaatsen, totdat je zeker weet dat de cloudleverancier op de juiste manier omgaat met de vereisten uit wet- en regelgeving.’ Hij doelt op de nieuwe Europese wetgeving (General Data Protection Regulation, red.) die in mei volgend jaar van kracht wordt. Datalek is grootste risico Die wetgeving schrijft voor dat je als organisatie moet kunnen aantonen dat je alles in het werk hebt gesteld om privacygevoelige informatie op een voor jouw bedrijf acceptabele manier te beschermen. Patrick de Goede van Eijk, cyber security architect bij T-Systems: ‘Het grootste risico dat je als organisatie loopt – en dat geldt niet alleen voor de cloud – is dat er data gelekt wordt. Als data geld waard is, op welke manier dan ook, dan kun je ervan uitgaan dat een bedrijf dat veilig had moeten stellen.’ Als een organisatie toch gebruik wil maken van de cloud, breng dan eerst de wensen en eisen van het bedrijf in kaart. Al deze factoren wegen mee in de keuze voor een private of publieke cloud. Beide cloudsoorten kennen het risico op datalekken en daarom zul je moeten oppassen: bij private clouds komt het veel voor dat het beheer en de aanpassingen door minder deskundige personen wordt gedaan, met alle risico’s van dien. Bij een publieke cloud houdt een team van specialisten de risico’s in de gaten en kan sneller ingrijpen. De keuze tussen private cloud of publieke cloud hangt van veel factoren af, weeg die allemaal mee! Versleuteling op bestandsniveau Het gebruik van de cloud brengt altijd risico’s met zich mee, stelt Remmelzwaal. ‘Zeker als je met externe partijen in de cloud samenwerkt. De vraag is hoe zeker je ervan bent dat degene die het gedeelde bestand of document opent, ook degene is die je dacht dat het zou zijn. Dat heeft alles te maken met toegangsrechten. Stel dat je een anonieme link naar een document stuurt naar iemand en diegene stuurt de link weer door, dan heb je daar geen zicht meer op. Het slimste is dan ook om zaken die echt vertrouwelijk zijn, in ieder geval als persoonlijke link te sturen, en indien nodig op bestandsniveau te versleutelen.’ Het is bij leveranciers van publieke clouds zelfs mogelijk om links niet buiten je organisatie te delen of te voorzien van extra beveiliging met een wachtwoord. Zaken die privacygevoelig zijn, moeten sowieso versleuteld worden, vindt De Goede van Eijk. ‘Zorg in die gevallen ervoor dat de encryptiesoftware door jou zelf wordt gekozen en dat jij de enige bent met de sleutel.’ Europese wet- en regelgeving Ook in Nederland hebben we wet- en regelgeving op dit gebied. Die stelt bijvoorbeeld dat sommige privacygevoelige gegevens – zoals medische gegevens – niet buiten de Nederlandse handelsgrenzen mogen worden opgeslagen. Andere gegevens hoeven niet per se in een Nederlandse cloud te staan. Toch adviseert De Goede van Eijk om niet te ver over de grens te kijken. ‘Kies bij voorkeur een Europese cloudprovider als je bedrijf in Europa is gevestigd en daar ook zijn hoofdkantoor heeft. Dan voldoet de provider in ieder geval aan de minimale eisen van de Europese wet op de Bescherming van Persoonsgegevens.’ Data portabiliteit Maar wat nu als de samenwerking met externe partijen stopt en de clouddienst niet langer nodig is? Of als een organisatie van leverancier wil veranderen? Hoe eenvoudig is het om als bedrijf je eigen data uit de cloud te halen of te verhuizen? Remmelzwaal: ‘Technisch gezien is het niet zo moeilijk om data van de ene opslag naar de andere te zetten.’ Deze ‘data portabiliteit’ is iets dat straks in de Europese wetgeving geregeld moet worden, want op dit moment is dat nog niet zo eenvoudig. Veel data wordt in publieke clouddiensten gesynchroniseerd, dus er is vaak wel een lokale kopie aanwezig in het bedrijf, maar als er gebruik wordt gemaakt van een cloud applicatie, kan het zijn dat data veel lastiger te verhuizen zijn. Soms kan het helemaal niet en soms krijg je exportbestanden waar je vervolgens weinig mee kunt, of het is heel complex of duur om data terug te halen. ‘Daarom is het goed dat die data portabiliteit goed geregeld wordt en dat je hier op voorhand afspraken over maakt met je cloudleverancier. Het is ook nog zo dat als je data weghaalt, je er vanuit moet kunnen gaan dat het ook daadwerkelijk verwijderd wordt bij de oude leverancier. Dat is het recht om vergeten te worden.’ Wat mag wel en wat niet gedeeld worden? De security-specialisten geven Nederlandse organisaties die willen samenwerken in de cloud nog een advies mee. ‘Denk goed na over data classificatie. Welke data is gevoelig en welke data is minder gevoelig? Door data te classificeren kun je bepalen welke data mag worden gedeeld in de cloud en welke data echt vertrouwelijk is’, stelt Remmelzwaal. De Goede van Eijk sluit af met een eenvoudige stelregel: ‘Als informatie naar een persoon te herleiden is, denk dan goed na waar je het neerzet, en check altijd de beveiligingsopties van de cloudprovider die je kiest. Zo simpel is het.’

Bijdrage

Bedrijfsdata opslaan: hoe veilig is de cloud?

Samenwerken in netwerktijden vraagt om het delen van documenten en data. De cloud is de aangewezen manier om dat te...

author Kim Loohuis

clock 4 min

WoningNet is een publiek-private organisatie die in handen is van achrt grote woningcorporaties en optreedt als IT Serivce Center voor 150 corporaties in vijftien regio’s in Nederland. Algemeen directeur Tom van Noort: ‘Om succesvol te zijn, móeten we wel samenwerken.’ Waar een woningzoekende zich vroeger bij alle woningcorporaties apart moest inschrijven, hoeft hij dat met de komst van Woningnet.nl nog maar op één platform te doen. Daarmee staat hij ingeschreven voor alle woningen in de stad of regio van zijn wens. ‘Maar iedere gemeente heeft weer andere verordeningen en regels waaraan een woningzoekende moet voldoen om in aanmerking te komen voor een huis.’ Het lijkt op het eerste oog een eenvoudig systeem, maar het matchen van die 1,3 miljoen woningzoekenden aan de 850.000 sociale huurwoningen in het bestand, volgens alle geldende wetten en regels, is geen sinecure. Voor de markt en mét de markt Waar WoningNet momenteel 15 verschillende systemen in de lucht houdt voor iedere regio met zijn specifieke eisen, werkt de organisatie momenteel hard aan een nieuw systeem. ‘Dat systeem wordt een cloud-gebaseerd, generiek systeem, dat door middel van configuratie aan te passen is aan de regionale wetten en eisen.’ Het systeem is kostenefficiënter, eenvoudiger te onderhouden en sneller te ontwikkelen. Het meest bijzondere is de co-creatie waarmee het nieuwe systeem wordt gebouwd. Van Noort: ‘Het huidige systeem is door ons ontworpen, ontwikkeld en naar de markt gebracht. Het nieuwe systeem wordt niet alleen voor de markt, maar ook mét de markt gemaakt. We werken nauw samen met afgevaardigden uit de regio’s, om zo alle wensen en eisen in kaart te brengen en een generiek systeem te bouwen dat uiteindelijk alle regio’s past.’ Flexibel, schaalbaar en wendbaar Deze co-creatie is een hele nieuwe manier van werken voor WoningNet, vertelt Van Noort. ‘We worden de spil in het ecosysteem van de woningcorporaties. Dat vraagt veel flexibiliteit om met iedereen de juiste richting te bewandelen. Maar het is tegelijkertijd een heel krachtige manier om gezamenlijk tot innovatie te komen.’ Waar de huidige systemen in het eigen datacenter van WoningNet draaien, wordt de nieuwe applicatie een volledig cloud gebaseerde omgeving. Deze stap sluit naadloos aan bij de strategie van WoningNet: ‘cloud, tenzij’. ‘Ik verwacht dat we over anderhalf jaar volledig in de cloud werken’, zegt Van Noort. ‘De cloud geeft ons flexibiliteit, schaalbaarheid en zorgt dat we ons heel snel aan veranderingen in de markt kunnen aanpassen.’ Cloud heeft de toekomst Voor Van Noort ligt de toekomst in de cloud. ‘Linksom of rechtsom, iedereen gaat naar de cloud. Het tempo van de huidige digitale ontwikkelingen is ongekend. Als je niet snel en eenvoudig kunt meebewegen met de markt, kun je niet bijblijven. Bedrijven moeten continu gericht zijn op functionaliteit en waarde voor de klant. Het beheren van datacenters is niet onze corebusiness. Datacenterleveranciers hebben daar veel meer kaas van gegeten dan wij; zij hebben de omvang en het budget om de beveiliging op een niveau te krijgen dat we zelf nooit zouden kunnen. Als wij straks alles in de cloud hebben, kunnen we onze aandacht volledig richten op het bieden van toegevoegde waarde aan de klant.’ Netwerken is het nieuwe werken De belangrijkste uitdaging van de co-creatie met de 150 woningcorporaties is de klanten zich ook daadwerkelijk klant laten voelen. ‘We willen dat ieder van onze klanten zich ook echt door ons bediend voelt. Kleine woningcorporaties met vierduizend huizen zijn net zo belangrijk als de grote corporaties met zeventigduizend woningen. De grote uitdaging is om dat ook in al je daden te laten zien.’ Netwerken is de nieuwe manier van werken, volgens Van Noort. ‘De wereld is nooit meer alleen dat ene bedrijf. Alles is aan het veranderen. Je kunt als organisatie blijven proberen om alles zelf te doen, maar de wereld verandert zo snel dat ik er liever voor kies om in samenwerkingsverband met partners op te trekken. Dan wordt je een stuk krachtiger.’ Adaptieve bedrijven hebben de toekomst Van Noort heeft een belangrijk advies voor organisaties die naar co-creatie kijken of er al mee bezig zijn. ‘Leer leven met onzekerheid.’ De tijd van blauwdrukken, Prince II-aanpakken is voorbij, volgens de directeur van WoningNet. ‘Het oude denken met een plan, een strategie en de uitvoer, werkt niet meer. Het is belangrijk om als bedrijf continu mee te meanderen met de veranderingen en ontwikkelingen die je tegenkomt. Kijk maar naar de natuur. Niet altijd de sterkste of slimste overleeft, maar het dier of organisme dat zich het beste aan veranderende omstandigheden weet aan te passen. Dat geldt ook voor het bedrijfsleven.’

Bijdrage

WoningNet: ‘Samenwerking cruciaal voor succes’

WoningNet ís samenwerken. Met acht woningcorporaties als aandeelhouder en 150 corporaties verdeeld over vijftien regio’s als klant, is samenwerken de...

author Kim Loohuis

clock 3 min

Beveiliging en vertrouwelijke data Als het gaat om vertrouwelijkheid zijn er 2 zaken die goed in het achterhoofd moeten worden gehouden, stelt Erik Remmelzwaal, oprichter van IT-security specialist DearBytes, tegenwoordig onderdeel van KPN. ‘Veel cloudleveranciers hebben hun beveiliging goed op orde, beter dan de gemiddelde organisatie zelf kan regelen. Tegelijkertijd is de wet- en regelgeving op dit gebied nog in ontwikkeling.’ Voordat een organisatie (persoons)gegevens in de cloud plaatst, is het verstandig om de data te classificeren. ‘Het kan verstandig zijn om vertrouwelijke en privacygevoelige informatie nog niet in een publieke cloud te plaatsen, totdat je zeker weet dat de cloudleverancier op de juiste manier omgaat met de vereisten uit wet- en regelgeving.’ Hij doelt op de nieuwe Europese wetgeving (General Data Protection Regulation, red.) die in mei volgend jaar van kracht wordt. Datalek is grootste risico Die wetgeving schrijft voor dat je als organisatie moet kunnen aantonen dat je alles in het werk hebt gesteld om privacygevoelige informatie op een voor jouw bedrijf acceptabele manier te beschermen. Patrick de Goede van Eijk, cyber security architect bij T-Systems: ‘Het grootste risico dat je als organisatie loopt – en dat geldt niet alleen voor de cloud – is dat er data gelekt wordt. Als data geld waard is, op welke manier dan ook, dan kun je ervan uitgaan dat een bedrijf dat veilig had moeten stellen.’ Als een organisatie toch gebruik wil maken van de cloud, breng dan eerst de wensen en eisen van het bedrijf in kaart. Al deze factoren wegen mee in de keuze voor een private of publieke cloud. Beide cloudsoorten kennen het risico op datalekken en daarom zul je moeten oppassen: bij private clouds komt het veel voor dat het beheer en de aanpassingen door minder deskundige personen wordt gedaan, met alle risico’s van dien. Bij een publieke cloud houdt een team van specialisten de risico’s in de gaten en kan sneller ingrijpen. De keuze tussen private cloud of publieke cloud hangt van veel factoren af, weeg die allemaal mee! Versleuteling op bestandsniveau Het gebruik van de cloud brengt altijd risico’s met zich mee, stelt Remmelzwaal. ‘Zeker als je met externe partijen in de cloud samenwerkt. De vraag is hoe zeker je ervan bent dat degene die het gedeelde bestand of document opent, ook degene is die je dacht dat het zou zijn. Dat heeft alles te maken met toegangsrechten. Stel dat je een anonieme link naar een document stuurt naar iemand en diegene stuurt de link weer door, dan heb je daar geen zicht meer op. Het slimste is dan ook om zaken die echt vertrouwelijk zijn, in ieder geval als persoonlijke link te sturen, en indien nodig op bestandsniveau te versleutelen.’ Het is bij leveranciers van publieke clouds zelfs mogelijk om links niet buiten je organisatie te delen of te voorzien van extra beveiliging met een wachtwoord. Zaken die privacygevoelig zijn, moeten sowieso versleuteld worden, vindt De Goede van Eijk. ‘Zorg in die gevallen ervoor dat de encryptiesoftware door jou zelf wordt gekozen en dat jij de enige bent met de sleutel.’ Europese wet- en regelgeving Ook in Nederland hebben we wet- en regelgeving op dit gebied. Die stelt bijvoorbeeld dat sommige privacygevoelige gegevens – zoals medische gegevens – niet buiten de Nederlandse handelsgrenzen mogen worden opgeslagen. Andere gegevens hoeven niet per se in een Nederlandse cloud te staan. Toch adviseert De Goede van Eijk om niet te ver over de grens te kijken. ‘Kies bij voorkeur een Europese cloudprovider als je bedrijf in Europa is gevestigd en daar ook zijn hoofdkantoor heeft. Dan voldoet de provider in ieder geval aan de minimale eisen van de Europese wet op de Bescherming van Persoonsgegevens.’ Data portabiliteit Maar wat nu als de samenwerking met externe partijen stopt en de clouddienst niet langer nodig is? Of als een organisatie van leverancier wil veranderen? Hoe eenvoudig is het om als bedrijf je eigen data uit de cloud te halen of te verhuizen? Remmelzwaal: ‘Technisch gezien is het niet zo moeilijk om data van de ene opslag naar de andere te zetten.’ Deze ‘data portabiliteit’ is iets dat straks in de Europese wetgeving geregeld moet worden, want op dit moment is dat nog niet zo eenvoudig. Veel data wordt in publieke clouddiensten gesynchroniseerd, dus er is vaak wel een lokale kopie aanwezig in het bedrijf, maar als er gebruik wordt gemaakt van een cloud applicatie, kan het zijn dat data veel lastiger te verhuizen zijn. Soms kan het helemaal niet en soms krijg je exportbestanden waar je vervolgens weinig mee kunt, of het is heel complex of duur om data terug te halen. ‘Daarom is het goed dat die data portabiliteit goed geregeld wordt en dat je hier op voorhand afspraken over maakt met je cloudleverancier. Het is ook nog zo dat als je data weghaalt, je er vanuit moet kunnen gaan dat het ook daadwerkelijk verwijderd wordt bij de oude leverancier. Dat is het recht om vergeten te worden.’ Wat mag wel en wat niet gedeeld worden? De security-specialisten geven Nederlandse organisaties die willen samenwerken in de cloud nog een advies mee. ‘Denk goed na over data classificatie. Welke data is gevoelig en welke data is minder gevoelig? Door data te classificeren kun je bepalen welke data mag worden gedeeld in de cloud en welke data echt vertrouwelijk is’, stelt Remmelzwaal. De Goede van Eijk sluit af met een eenvoudige stelregel: ‘Als informatie naar een persoon te herleiden is, denk dan goed na waar je het neerzet, en check altijd de beveiligingsopties van de cloudprovider die je kiest. Zo simpel is het.’

Bijdrage

Cloud biedt netwerkorganisaties flexibiliteit en veiligheid

Veiligheid, flexibiliteit en toegankelijkheid. Dat zijn de voornaamste redenen voor netwerkorganisaties om te kiezen voor opslag van hun data in...

author Kim Loohuis

clock 2 min

Welke rol speelt samenwerking bij de ANWB? ‘Een hele grote rol. Er gebeurt zoveel in onze maatschappij op dit moment dat het onmogelijk is om alles zelf te bedenken. Het is lastig om te bepalen welke weg je moet kiezen in het woud van digitale ontwikkelingen. Inspiratie en informatie delen met anderen, is leerzaam en nuttig om je eigen koers te bepalen. Zo hebben we als ANWB veel contact met andere bedrijven en instellingen. Zij komen bij ons kijken, wij kijken bij hen, we delen onze inzichten en ideeën met hen en zij doen dat met ons. Een andere manier van samenwerking is concreter. Zo zijn we bijvoorbeeld samen met de automobielclubs uit Engeland, Oostenrijk en Australië bezig met de connected car. Een auto die informatie verzamelt over rijgedrag, locatie en de toestand van de motor en de bezitter van de auto tijdig info geeft over mogelijke pech. Dit soort initiatieven kunnen we beter samen doen, want dan gaat het sneller en beter, omdat je inbreng hebt uit allerlei verschillende hoeken. Als je dat combineert krijg je een beter product sneller voor elkaar.’ Wanneer ga je een samenwerking aan? ‘Laten we vooropstellen dat succesvolle samenwerkingen schaars zijn. Een bevriende psycholoog zei ooit eens gekscherend tegen me: ‘Samenwerken is zo vreselijk moeilijk, dat zou je eigenlijk te allen tijde moeten proberen te voorkomen.’ Ik wil maar zeggen dat het ontzettend lastig is om succesvol nieuwe concepten en ontwikkelingen in de markt te zetten. Vaak zijn de verwachtingen heel hoog gespannen, waardoor het automatisch een beetje tegenvalt. De markt is immers ook niet altijd voorspelbaar. Goed samenwerken is echt een kunst. We voeren dan ook veel meer gesprekken met partijen dan dat we daadwerkelijk samenwerkingen aangaan. Een goede samenwerking moet voor onze leden voordeel bieden, er moet een verdienmodel voor te bedenken zijn, het moet implementeerbaar zijn en werken in de samenleving. Een succesvolle samenwerking is bijvoorbeeld die met Yellowbrick voor onze parkeerapp.’ Hoe optimaliseer je de condities voor een succesvolle samenwerking? ‘Veel investeren in een goede relatie is onontbeerlijk. De partijen moeten elkaar goed leren kennen en er moet een vertrouwensband worden opgebouwd. Dat vertrouwen is cruciaal. Niet alles moet contractueel worden dicht getimmerd, dan wordt samenwerking te star en te defensief. Voor de connected car werken we samen met zusterorganisaties waarmee we van oudsher al een goede band hebben. Vijf jaar geleden zijn we op innovatietour geweest naar Australië om te bekijken met welke ontwikkelingen ze bezig waren en wat wij daarvan konden leren. De contacten die we daar toen hebben opgedaan, zijn in de huidige samenwerking van onschatbare waarde.’ Hoe houdt je overzicht op alle samenwerkingen binnen het bedrijf? ‘Dat doen we vanuit onze bedrijfsstrategie. We gebruiken daarvoor OGSM, waarmee we een top-downstrategie neerzetten. Van daaruit komen we tot roadmaps waarin staat wat we willen gaan doen. Daar zoeken we vervolgens partners bij waarmee we gaan samenwerken. Op die manier passen zowel de samenwerkingen als de partners in onze strategie. Dat wil niet zeggen dat we niet af en toe heel opportunistisch te werk gaan hoor. Soms komt er een partij langs en ontstaan er kansen die we pakken. En die kansen lopen ook wel eens minder goed af. Daar leren we van en we gaan weer verder.’ Zijn er nog meer voorbeelden van samenwerkingen binnen de ANWB? ‘Ja, legio. Zo organiseren we vanuit de CIO Office maandelijks een ‘eat & greet’, waarbij we sprekers uit het bedrijfsleven of van een universiteit uitnodigen om te komen praten over bepaalde ontwikkelingen en de kansen die dat biedt. Daarin komt weer die inspiratie- en kennisdeling naar voren. Een ander voorbeeld is de hackathon die we binnenkort organiseren samen met de NS en Schiphol. Wij stellen, samen met die twee partijen, onze data beschikbaar voor de teams die daarmee hopelijk tot vernieuwende concepten komen op het gebied van mobiliteit. Van die hackathon heb ik hoge verwachtingen, ik ben erg optimistisch over de creativiteit en inspiratie van mensen in hackathons. Ik verwacht dat er ideeën uitkomen waar we zelf nog helemaal niet aan hebben gedacht.’ Hoe zit dat met de veiligheid van data bij al die samenwerkingen? ‘Dat heeft onze hoogste prioriteit. Voor ons is het onnoemelijk belangrijk dat we extreem zorgvuldig omgaan met onze ledendata. We hebben een betrouwbare reputatie die we onder geen beding op het spel willen zetten. Dat speelt ook mee bij de keuze voor een partnerschap en samenwerking. We sluiten bovendien altijd een verwerkersovereenkomst waarin hele strenge eisen zijn opgenomen rondom gebruik, opslag en veiligheid van data. Op het moment dat we met een nieuwe product naar de markt willen, wordt dat eerst heel uitgebreid getest op security, want we willen daarin werkelijk geen risico lopen.’ Welk advies heb je voor andere organisaties als het gaat om samenwerken? ‘Doe het. Heb lef en ga de uitdaging aan. Samenwerking is in deze tijd heel belangrijk. Niet alleen om nieuwe business te ontwikkelen, maar ook voor je imago als bedrijf en aantrekkelijkheid als werkgever. Samenwerken maakt je bedrijf meer open qua cultuur en sfeer en dat maakt het gezonder. Impulsen van buiten zijn echt heel goed. Maar zorg dat je in eerste instantie één of twee samenwerkingen opzet en die tot een succes probeert te maken. Wed niet op twintig paarden tegelijk, want dan mislukken ze allemaal.’

Bijdrage

‘Goed samenwerken is echt een kunst’

Als maatschappij en bedrijfsleven bevinden we ons in een cultuuromslag door alle digitale mogelijkheden. Samenwerken is dan ook een must...

author Kim Loohuis

clock 3,5 min

Wat is de relatie tussen co-creatie en cloud volgens u? ‘Cloud, mobile en de mogelijkheid om overal online te zijn, zijn een voorwaarde voor succesvolle co-creatie. In het traditionele businessmodel wordt er eerst gebrainstormd en marktonderzoek gedaan, vervolgens wordt er een prototype gemaakt die in een lab-omgeving wordt getest alvorens het naar de markt wordt gebracht. Niet alleen duurt dat soms maanden of zelfs jaren, het moment dat de klant feedback kon geven op het product ligt helemaal achteraan in het proces. Om klanten onderdeel te maken van je productiecyclus is het noodzakelijk om zo vroeg mogelijk in het ontwikkelstadium hun mening te vragen. Co-creatie is daarvoor de manier en doordat onze wereld steeds digitaler wordt, is dat ook steeds eenvoudiger en laagdrempeliger mogelijk. De time-to-market wordt hiermee drastisch ingekort.’ Hoe zoekt Picnic die co-creatie met zijn klanten? ‘Een mooi voorbeeld is ons assortiment. We zijn gestart met een basisassortiment, waarvan we op dat moment al wisten dat het daar niet bij zou blijven. Dan zijn er twee mogelijkheden: we hadden een marktonderzoeksbureau kunnen inschakelen die we voor een flink bedrag zouden kunnen laten onderzoeken welke productwensen er bij onze klanten leven, of we konden direct contact zoeken met onze klanten en het hen zelf vragen. We hebben voor dat laatste gekozen. In onze boodschappenapp staat er bij iedere productcategorie een knop ‘Mis je iets?’. Klanten kunnen daarmee aangeven welke producten ze graag aan het assortiment toegevoegd willen zien. Zijn er meer dan vijf aanvragen voor hetzelfde product, dan voegen we dat toe. In het begin kregen we – mede doordat we toen ook nog niet zoveel klanten hadden – een paar tientallen assortimentsaanvragen per week. Inmiddels zijn dat er duizenden per week, het is dan ook een heel populaire feature in de Picnic App. Klanten laten ons graag weten wat ze missen, maar ook wat ze goed vinden. Die betrokkenheid van klanten bij ons bedrijf is heel belangrijk.’ Zijn er nog andere co-creatieprojecten binnen Picnic? ‘Jazeker. Zo werken we voor onze elektrische voertuigen samen met diverse leveranciers. We hebben eerst het voertuig zelf ontwikkeld en kopen vervolgens onderdelen in. Daarnaast hebben we een aantal partners waarmee we het voertuig optimaliseren. Met die partners bekijken we steeds opnieuw of het ontwerp voor de auto kan worden geoptimaliseerd. Die wens voor continue verbetering zit diep in het bedrijf. Inmiddels rijden er zo’n driehonderd van deze wagens door Nederland.’ En hoe zit dat intern met die samenwerking? ‘Het opvallende van co-creatie is dat zodra je op deze manier werkt en je organisatie groeit, dezelfde dynamiek terug te vinden is in je eigen bedrijf. Zo waren we in het begin op ons TQ [Picnic spreekt niet over een headquarter, maar over een techquarter – red.] bezig om de processen in ons warehouse te analyseren om ze met die informatie te kunnen verbeteren. We hebben inmiddels geleerd dat dit model prima werkt als je een bepaalde grootte hebt als bedrijf, maar dat het niet schaalbaar is. We hebben de autonomie en verantwoordelijkheid voor de processen verlegd naar de betreffende teams in de organisatie en we zagen dat daar direct heel concrete verbeteringen uit voortkwamen die we op de basis van de cijfers niet hadden kunnen bedenken. Zo is er in ons warehouse een heel eenvoudige oplossing geïmplementeerd om snel te kunnen zien waar je als order picker zijn moet. Er zijn namelijk met tape routes op de grond gezet waar met pijlen wordt aangegeven waar de mensen heen moeten. Dat klinkt enorm triviaal, maar in het warehouse lopen dagelijks veel nieuwe mensen die nu heel snel weten waar ze moeten zijn. Voor de efficiëntie van het team is dat cruciaal.’ Waarom is samenwerking zo belangrijk voor een bedrijf als Picnic? ‘We willen voorop lopen in de markt en steeds blijven innoveren. Innovatie kent vier fases: de ideeënfase, de experimenteerfase, de implementatiefase en de verbeteringsfase. Op het moment dat je ergens mee start, is het belangrijk om relatief snel feedback te krijgen van je doelgroep. Anders loop je het risico dat je in je eigen kleine bubbel blijft zitten, zonder externe input. Die input kan komen van professionele partijen zoals marktonderzoekers, maar ook van klanten. Wij hebben geleerd dat, zeker in de B2C-markt, het vaker beter is om direct met klanten te werken. Het levert wat informatie betreft ongeveer hetzelfde op als wat marktonderzoekbureaus je kunnen vertellen, maar het voordeel van direct met de klant werken is dat zij meer betrokken raken bij je merk als ze zien en merken dat ze concreet bijdragen. Het geeft enorm veel voldoening als een klant een product aanvraagt en vervolgens ziet dat het daadwerkelijk aan het assortiment wordt toegevoegd. Daarmee vervaagt de grens tussen klant en organisatie. De klant wordt met co-creatie steeds meer onderdeel van het bedrijf. Voor innovatie is deze fundamentele mind-shift essentieel.’ Welke aspecten zijn belangrijk om overzicht te houden op al deze samenwerkingen? ‘Daarvoor heb je drie aspecten nodig. Ten eerste een goed tracking systeem dat bijhoudt wat er gaande is, wat je aan het doen bent en de impact die dat op het bedrijf heeft. Het tweede en wellicht belangrijkste aspect is communicatie. Zeker als je met externe partijen werkt, is communicatie essentieel. Als je dat goed doet, kun je bijzonder veel betrokkenheid creëren. Tot slot is de uitvoering belangrijk. Bij co-creatie is het belangrijk dat je zaken ook daadwerkelijk doorvoert, zoals het toevoegen van producten aan het assortiment. Zodra klanten zien dat hun suggesties daadwerkelijk worden opgepakt, wordt de betrokkenheid en inzet steeds groter.’ Heeft u nog advies voor organisaties op het gebied van co-creatie? ‘Bepaal als organisatie heel goed op welk vlak je co-creatie wilt inzetten, het is namelijk niet voor ieder proces of onderdeel van het bedrijf geschikt. Zorg er daarnaast voor dat je altijd open, eerlijk en direct met klanten en partners communiceert, ook als een idee niet wordt gebruikt. Mensen zijn vaak veel begripvoller dan wordt gedacht. Denk tot slot ook na over kleine beloningen – geen geld, maar in natura - voor mensen die bijdragen aan het proces. Ga na wat hen drijft en motiveert en sluit daarbij aan.’

Bijdrage

Online supermarkt Picnic: ‘De grens tussen klant en bedrijf vervaagt’

Online supermarkt Picnic is een organisatie die bestaat bij de gratie van samenwerking. ‘Co-creatie is onmisbaar geworden in onze huidige...

author Kim Loohuis

clock 4 min

Zestig procent van de dagelijkse werktijd gaat op aan het organiseren van het werk. Hoe maak je dat minder? Door tijd goed in te delen, werk je zorgvuldiger en efficiënter, bovendien levert het een stuk minder stress op. Een goede planning zorgt er ook voor dat anderen prettiger kunnen werken, omdat ze weten waar ze aan toe zijn. Deze 6 tips helpen je om efficiënter te werken. 1.Maak een planning en gebruik lijstjes Plan alles wat je wilt doen. Op het moment dat zaken op papier staan, kunnen ze uit je hoofd en dat scheelt veel stress. In de planning noteer je bovendien hoeveel tijd bepaalde taken kosten. Zorg dat deze tijd een realistische inschatting is, de ervaring leert dat de tijd die nodig is voor een handeling structureel onderschat wordt. Plan niet meer dan zes belangrijke dingen op een dag en plan ook tijd in voor onverwachte zaken. Beter een matig gevulde agenda die echt wordt afgewerkt dan een overvolle agenda met taken waar je niet aan bent toegekomen. Zorg dat je checklists maakt, zodat je taken die je hebt afgewerkt kunt afstrepen. Dit geeft niet alleen voldoening, het biedt ook overzicht. 2.Start de dag met tijd voor jezelf Door aan het begin van de dag even je e-mail en sociale media door te nemen, valt er al een grote ‘to do’ van je checklist. Mails die je snel kunt beantwoorden of doorsturen, verwerk je meteen. De grotere taken komen terecht op je planning. Zaken die niet interessant zijn of slechts informatief, verwijder je of zet je in een map om later te bekijken. Probeer jezelf aan te leren om slechts een aantal keren per dag je e-mail te bekijken. De meeste productiviteit wordt verloren door onverwachte (en vaak onbelangrijke) taken zoals het lezen van e-mail. De universiteit van Californië ontdekte dat het gemiddeld 26 minuten duurt voordat je na de onderbreking weer helemaal geconcentreerd in je taak zit. Zonde van de tijd. 3.Breng vergadertijd met 25 procent terug Veel vergaderingen duren onnodig lang. Door ze met een kwart in te korten, krijg je nog steeds hetzelfde gedaan, maar het levert je ontzettend veel tijdwinst op. Stel dat je dagelijks met vijf mensen een uur vergadert en dat terugbrengt naar driekwartier, levert je dat zo’n driehonderd uur per jaar op, bijna twee maanden werk! Over efficiënt vergaderen is veel informatie te vinden, zo zijn een heldere agenda en een duidelijk doel onontbeerlijk. Vraag je ook af of je per se bij de vergadering aanwezig moet zijn en zorg voor een duidelijke begin- en eindtijd. Het kan ook geen kwaad om af en toe het nut van de vergaderingen te evalueren. 4.Consolideer de informatie die je krijgt Op je werkplek heb je met heel veel verschillende applicaties te maken, van je e-mail en tools als Lync, Yammer, Twitter en Linkedin tot operationele systemen zoals SAP, Oracle of Salesforce. Zorg ervoor dat alle berichten van die systemen op één plek samenkomen, zodat je niet steeds hoeft te schakelen tussen al die verschillende applicaties. Dat kost onnodig veel tijd. 5.Zorg voor een goed archief Veel productieve tijd gaat verloren met het zoeken naar bestanden en documenten. Zorg voor een heldere indeling van je mappenstructuur en naamgeving van je documenten, zodat het weinig tijd kost om dingen terug te vinden. Ook het efficiënt archiveren van je e-mail kan veel tijdswinst opleveren. Ook hier geldt weer dat een logische mappenstructuur wonderen kan doen. Zet de mails die actie vereisen in een aparte map, evenals de mails waar je nog een reactie op verwacht. De rest van de mails uit je inbox archiveer je zodra je ze hebt afgehandeld. Een lege mailbox aan het einde van de dag geeft rust en voldoening. 6.Gebruik zo min mogelijk e-mail Waar mogelijk gebruik je de telefoon, chat of loop je even bij een collega naar binnen om zaken te bespreken. Op die manier kun je veel preciezer duidelijk maken wat je wilt en bedoelt en kun je mogelijke misverstanden direct uit de weg ruimen. De hoeveelheid tijd die een gemiddelde werknemer voortdurend aan eindeloze emailwisselingen besteed is ongekend hoog. Door even te bellen of langs te lopen kan veel tijd worden bespaard en kunnen veel fouten en onduidelijkheden worden voorkomen. Door kritisch te kijken naar hoe je werkt en waar verbeteringen mogelijk zijn, kun je je efficiëntie en productiviteit op een werkdag fors verbeteren.

Bijdrage

Met deze 6 tips werk je efficiënter en productiever

Productiviteit gaat om efficiënter werken; sneller meer doen met minder. Met de toenemende druk van het overal en altijd kunnen...

author Kim Loohuis

clock 3 min