Winkelmand

Geen producten in je winkelmand.

Zo bescheiden begonnen 4 Nederlandse bedrijven die iedereen nu kent

Veel ondernemers die nu de wereld veroveren kenden een begin vol onzekerheden, twijfels en riskante keuzes. Pas na die turbulente periode werden ze bekend met bedrijven die niet meer weg te denken zijn.

WeTransfer WeTransfer
Je leest nu: Zo bescheiden begonnen 4 Nederlandse bedrijven die iedereen nu kent

WeTransfer | Doorzetten bij gebrek aan tech-kennis

Met 70 miljoen gebruikers is WeTransfer wereldwijd een van de bekendste manieren om bestanden te delen. Het Nederlandse bedrijf telt honderd medewerkers, heeft een vestiging in Los Angeles en overweegt naar verluidt een beursgang. Dat alles was nog verre toekomstmuziek toen Ronald Hans (bekend als Nalden, foto boven rechts) in 2008 het idee kreeg voor WeTransfer, met dank aan zijn vader. Die wilde zoonlief foto’s laten zien van zijn boot, maar kon geen geschikte manier vinden om die grote bestanden te versturen.

WeTransfer mag dan te boek staan als een techbedrijf, de oprichters kwamen niet uit die hoek. Hans volgde een opleiding systeembeheer, maar werd vooral bekend vanwege zijn goede oog voor design(trends). Vriend en medeoprichter Bas Beerens (foto l.) deed een grafische opleiding en begon daarna een communicatiebureau. Maar net als Hans was Beerens op zoek naar een manier om videobestanden te versturen. Hij bouwde een eerste versie, die met Hans’ gevoel voor online design werd omgedoopt tot WeTransfer.

Een techbedrijf bleek een pittige, maar uiteindelijk succesvolle leerschool. Door een gebrek aan kennis onderschatten zij aanvankelijk (achteraf gelukkig) hoe lastig het was om succes te boeken met een op advertenties gebaseerd model. Daardoor was er drie jaar nodig om break-even te draaien. Die onzekere periode bleek meer dan de moeite waard voor de Amsterdamse dienst, wiens gebruikers sindsdien bijna allemaal bleven plakken.

Lees ook: Zo werd beurskandidaat WeTransfer groot

Coolblue | Bierviltjes op een kroegtafel

De eerste verkoop van Coolblue, een bedrijf dat vorig jaar goed was voor 2 miljard euro omzet, werd in 1999 gevierd in de Rotterdamse studentenkamer van oprichter Pieter Zwart. Die slingerde daar met studiegenoten Paul de Jong en Bart Kuijpers dagelijks zijn (toen nog luidruchtige) modem aan om met een webwinkel mp3-spelers te verkopen.

Niet veel later verraste Zwart zijn ouders met de mededeling dat hij zich een jaartje niet zou inschrijven voor de opleiding Bedrijfskunde. Omdat de eerste bestelling al snel werd gevolgd door honderden nieuwe aankopen, was een terugkeer naar de universiteit volgens Zwart ‘geen optie’.

De oprichters van Coolblue in de beginjaren.

De drie oprichters bouwen Coolblue de eerste twee jaar deels in het café waar ze hun idee op een bierviltje hadden geschreven. Zes dagen per week zaten ze aan ‘tafel 7’ (een meubelstuk dat nu te bewonderen valt in het hoofdkwartier van Coolblue). Dat Zwart zijn vierde jaar nooit zou afmaken, zal niemand hem achteraf kwalijk nemen.

Thuisbezorgd | Studiefinanciering als runway

Een beetje roeien, een beetje feesten en een beetje studeren. Dat is hoe Jitse Groen naar eigen zeggen zijn studententijd aan de Universiteit Twente doorbracht. Maar een familiefeest in zijn ouderlijk huis in het Noord-Hollandse ’t Veld zou zijn leven een totaal andere wending geven. Toen de hongerige feestgangers online op zoek gingen naar Chinees eten, bleken er enkel in Amsterdam twee bedrijven te zijn waar je online eten kon bestellen (en dan ook nog alleen pizza).

Groen lanceerde Thuisbezorgd.nl met het idee om zo’n beetje alles te bezorgen. Maar omdat er na twee jaar nog steeds alleen maar bezorgrestaurants op de website prijkten, besloot hij het maar bij eten te laten. Het aantal bestellingen viel in het begin zwaar tegen, vertelde Groen in 2009 aan Emerce.

Lees ook: Jitse Groen, een CEO die van zich afbijt

Zo duurde het twee jaar voor de doelstelling van 200 bestellingen per dag werd gehaald. Ook omdat snel internet in Enschede, waar Groen de eerste drie restaurants aansloot, gebruikelijker was dan in de rest van Nederland. En omdat restaurants nog weinig snapten van internet, en de url van Thuisbezorgd verkeerd in hun folder zetten. ‘Je zou eigenlijk kunnen stellen dat het IBG (het huidige DUO, red.) in die tijd mijn inkomsten betaalde’, zei Groen. ‘Anders was het waarschijnlijk ook nooit gelukt. Ik had een idioot lange aanlooptijd nodig.’

Net als Pieter Zwart werd Groen na een studiepauze een definitieve drop-out. Maar wel eentje die in plaats van een diploma, kan schermen met een bedrijf dat inmiddels een beurswaarde heeft van 11 miljard euro.

Catawiki | Postzegels als proeftuin

Catawiki genereert honderden miljoenen omzet met het veilen van zeldzame objecten, maar oprichters René Schoenmakers en Marco Jansen hadden niet eens een verdienmodel toen ze in 2008 begonnen. Ze bouwden toen een gecrowdsourcede onlinecatalogus voor verzamelaars van stripboeken, postzegels en munten.

Lees ook: Catawiki-oprichters blazen platform met 350.000 verzamelaars nieuw leven in

Dat leverde de eerste jaren een flinke schare bezoekers op, tegen niet al te hoge kosten, maar van inkomsten was amper sprake. Pas in 2011, drie jaar na de start, werd de eerste veiling georganiseerd. Het eerste verkochte item was een stripboek met een vraagprijs van 5 euro, dat voor 85 euro van eigenaar verwisselde.

Nadat bleek dat Strips ‘een betere belegging‘ waren dan aandelen, ging het hard met het platform uit Assen. Schoenmakers, die samen met Jansen al in 2016 uit Catawiki stapte, lanceerde vorig jaar een nieuwe startup. Waarmee maar weer eens blijkt dat de beginfase van een bedrijf op de buitenwereld misschien niet veel indruk maakt, maar dat er voor veel ondernemers weinig gaat boven die avontuurlijke tijd.