Winkelmand

Geen producten in je winkelwagen.

Palmolie voor kokosolie verruilen: is dat wel zo’n goed idee?

Zonder palmolie. Daarmee adverteert Becel een nieuwe margarine, want palmolie draagt bij aan de ontbossing van de wereld. Wel bevat het nieuwe product kokosolie. Dat lijkt qua duurzaamheid ook niet bepaald 'groen' te zijn.

becel kokosolie palmolie
Getty
Je leest nu: Palmolie voor kokosolie verruilen: is dat wel zo’n goed idee?

‘Zonder palmolie.’ Op een nieuwe margarine van Becel staat het met grote letters geschreven. Becel adverteerde zijn innovatie de afgelopen tijd groots door middel van een postercampagne.

Toch opvallend: probeert Becel-moederbedrijf Upfield nu zieltjes te winnen uit het kamp van The Flower Farm? Dat is de startup die in 2020 met veel bombarie een merk palmolievrije margarine lanceerde. Palmolie draagt bij aan de ontbossing van de wereld en zit daardoor al enige tijd in het verdomhoekje van bewuste burgers.

Het lijkt er wel op, omdat Becel adverteert met de stelling dat zijn nieuwe – volledig plantaardige – lijn een 70 procent kleinere CO2-voetafdruk heeft dan zuivelboter. Een blik op de ingrediëntenlijst leert daarentegen dat Becel palmolie deels lijkt in te wisselen voor kokosolie. Dit ingrediënt had jarenlang een groene reputatie, maar blijkt toch weinig duurzaam te zijn.

Bedreigde diersoorten

Dat laatste blijkt onder meer uit internationaal onderzoek uit 2020, gepubliceerd in wetenschapsuitgave Current Biology. Het winnen van een miljoen liter aan kokosolie brengt gemiddeld meer dan achttien bedreigde diersoorten in de problemen. Palmolie daarentegen bedreigt nog geen vier zeldzame diersoorten, blijkt uit de studie.

De verklaring is dat de winning van kokosolie vaak op tropische eilanden gebeurt, waar dieren leven die alleen op dat stukje land voorkomen. Kap je daar bomen voor de productie van kokosolie, dan zijn die dieren sneller met uitsterven bedreigd.

Mangroves vernietigd voor kokosolie

Ondernemer Marcel van Wing van The Flower Farm koos zelf bewust niet voor kokosolie, maar voor sheaboter. Dit product wint hij uit pitten van vruchten die men in Afrika onder karitébomen opraapt. ‘Kokosvet komt van een andere palm, de kokospalm’, legt Van Wing uit.

Door het gebruik van kokosvet wordt er meer ontbost aan de kust

‘Omdat deze bomen aan de kust groeien, wordt er kustgebied voor ontgonnen. Ook worden er mangroves voor vernietigd, wat een soort van oerwoud is, maar dan aan de kust. Veel dieren hebben hier een broedplaats. Door het gebruik van kokosvet wordt er meer ontbost aan de kust, waardoor landerosie plaatsvindt.’ Het Voedingscentrum ondersteunt Van Wings beweringen.

Risico op ontbossing bij kokosolie

Het vervangen van palm- door kokosolie zorgt niet voor milieuwinst, bevestigt ook Paulien van der Geest, expert duurzaam consumeren bij de onafhankelijke voorlichtingsorganisatie Milieu Centraal. Ze wijst erop dat kokosolie net als palmolie een tropisch product is.

De opbrengst van oliepalmen is echter ‘vier tot tien keer hoger’ dan bij andere plantaardige oliën, zegt Van der Geest. Ook zijn er voor palmolie minder bestrijdingsmiddelen en kunstmest nodig dan voor kokosolie, aldus de Milieu Centraal-expert.

Het vervangen van palm- door kokosolie is niet milieuvriendelijker

Van der Geest: ‘Vanwege de lagere opbrengst per hectare dan bij palmolie, is het risico op ontbossing groter – en daarmee het verlies aan biodiversiteit en extra uitstoot van broeikasgassen door landomzetting. Het vervangen van palmolie door kokosolie of sojaolie is dus niet milieuvriendelijker. Als je gaat voor palmolievrij om het tropisch regenwoud te beschermen, moet je dus ook andere tropische oliën zoals kokosolie en sojaolie vermijden.’

Apen plukken kokosnoten voor kokosolie

The Flower Farm-voorman Van Wing wijst erop dat leveranciers van kokosolie geketende apen inzetten om de kokosnoten van de bomen te halen. Dierenrechtenorganisatie PETA toonde dat eerder al aan. ‘Ze worden in kooien gehouden en hun tanden worden afgezaagd. De beesten worden er agressief door.’

Diverse supermarkten uit het Verenigd Koninkrijk stelden daarom al een ban in op verscheidene producten met dit ingrediënt.

Wat doet Becel-moederbedrijf Upfield om dit soort misstanden te voorkomen? Het bedrijf wijst vooral op de eigen verantwoordelijkheid van toeleveranciers. ‘We verwachten van onze kokosnootleveranciers dat ze met ons samenwerken om de traceerbaarheid te vergroten, de levensomstandigheden van kokosnootboeren te verbeteren en de natuur en ecosystemen te beschermen’, schrijft het bedrijf in een reactie aan MT/Sprout.

Becel-moederbedrijf streeft naar verduurzaming

Upfield stelt leveranciers te vragen om aan te tonen of hun ‘vooruitgang’ in lijn is met richtlijnen van het concern en met het zogeheten Sustainable Coconut Charter. Hierin geven 49 grote bedrijven, waaronder Upfield, aan te streven naar verduurzaming in de branche en hierover geregeld te rapporteren.

Upfield spreekt daarbij de ‘ambitie’ uit om in 2025 al diens kokos ‘traceerbaar tot de oorsprong’ te hebben. In 2030 moet alle kokos ‘gecertificeerd’ zijn ‘volgens een erkende standaard’ of afkomstig zijn ‘van traceerbare toeleveringsketens’.

Maar over wat Upfield nú precies doet om te voorkomen dat kustgebieden ontgonnen raken en mangroves gekapt worden, daarover blijft het concern vaag.

‘We zetten ons in voor een verantwoorde en duurzame inkoop van al onze ingrediënten’, schrijft Upfield aan MT/Sprout. ‘Alle plantaardige oliën die we gebruiken, hebben daarbij aanzienlijk minder impact op het milieu dan zuivelboter.’ Upfield voegt eraan toe zich in te zetten om de ‘transparantie binnen de toeleveringsketen van kokos te verbeteren’.