Winkelmand

Geen producten in je winkelmand.

Potlood nog lang niet dood

Je leest nu: Potlood nog lang niet dood

Wat nou, internet maakt potloden overbodig? De omzet van wereldleider Faber Castell lag vorig jaar voor het eerst in 250 jaar (!) boven de half miljard. Wat is hun geheim?
 


1. Familiewaarden

De huidige ceo, de 70-jarige graaf Anton W. von Faber-Castell, is alweer achtste generatie, nadat meubelmaker Caspar Faber in 1761 een potloodfabriekje begon in Stein, vlakbij Nürnberg. In perspectief: dat is dus nog voor de geboorte van Beethoven. De traditie wordt gekoesterd en de focus blijft al jaren ongewijzigd: schrijfwaren, en niets anders. Alleen de aantallen veranderden: met de ruim 2 miljard potloden die de 7.000 medewerkers jaarlijks maken, is het ’s werelds grootste potloodproducent. 

2. Focus op kwaliteit

'Het beste maken wat in de wereld gemaakt wordt’, stelde vierde generatie Lothar von Faber zich 150 jaar geleden al ten doel. De uitvinder van het hexagonale potlood kocht daarvoor onder meer een eigen grafietmijn in Siberië. Ook nu nog staat kwaliteit voorop, zo claimt het bedrijf, of het potlood nu uit China of Peru komt. Om innovatief te blijven wordt bovendien gewerkt met (internationaal) interdisciplinaire teams, in alle 14 ­fabrieken op de wereld.

3. Verantwoord avant la lettre

Faber-Castell kocht een kwart eeuw geleden al een (FSC-gecertificeerde) plantage bij Sao Carlos, Brazilië, voor de eigen houtproductie, zodat het bedrijf nu kan zeggen zelfs meer CO2 te absorberen dan uit te stoten. Ook wordt milieuvriendelijke verf gebruikt, die bovendien hygiënisch is voor de vele kinderhandjes (en mondjes) die de potloden gebruiken. Die aandacht voor het milieu begint zich uit te betalen, nu voor concurrenten de grondstoffen steeds duurder worden.

4. Kinderen eerst

Faber-Castell opende in 1851 een van de eerste crèches van Duitsland. En nog steeds begrijpt het bedrijf het belang van het kind, ook als toekomstige klant. Zo trok het vorig jaar nog door Duitsland en Scandinavië met een 12,5 meter groot potlood, om samen met vakhandels creativiteit bij kinderen te promoten. Dat dit rondtrekkend circus flink bekijks trok bij volwassenen, kwam daarbij natuurlijk ook niet slecht uit. 

Lees ook: