Winkelmand

Geen producten in je winkelwagen.

Macht inzetten? Niet altijd een zwaktebod

Macht inzetten? Niet altijd een zwaktebod
Je leest nu: Macht inzetten? Niet altijd een zwaktebod

Als je het doet voor het teambelang, kan het machtswoord je gezag versterken. 5 richtlijnen voor de inzet van macht.

Marianne is projectleider in een IT-bedrijf. Ze heeft te maken met een medewerker die continu de kantjes er vanaf loopt. Eigenlijk wil ze niets liever dan hem dreigen met consequenties als hij zo doorgaat. Maar in haar managementopleiding is haar geleerd dat gebruik van het machtswoord een zwaktebod is, dat ten koste gaat van je gezag. Met enige tegenzin zoekt ze daarom steeds maar weer de dialoog.

Meestal is het goed

De managementopleidingen hebben natuurlijk gelijk. Meestal is het goed om als leidinggevende niet te pas en te onpas je machtsmiddelen te gebruiken. Maar er zijn natuurlijk ook ­uitzonderingen. Soms leidt het juist níet gebruiken van de aan jou toevertrouwde macht zelfs tot verlies aan gezag.

De wet van de jungle

Om dit te begrijpen moeten we eerst kijken wat macht is en waarom het vaak zo’n nare bijsmaak heeft. Als evolutionair psychologen kijken wij hiervoor altijd naar het dierenrijk. Bij chimpansees bijvoorbeeld zorgt het sterkste dier, de alfa, voor 80 procent van alle bevruchtingen in de groep. Hij is de ultieme graaier. Dit is wat we dominantie noemen: de alfa gebruikt zijn (fysieke over)macht om zijn eigen (biologische) doelen te realiseren. 

Dominantie volgt uit macht

Dominantie volgt uit macht, maar toch is het niet hetzelfde. Macht is het vermogen anderen tegen hun wil te dwingen (de andere chimpansees zouden zich ook graag voortplanten, maar blijven uit de buurt), dominantie is het gebruik van deze macht om je eigen doelen te realiseren ten koste van anderen (de andere chimpansees kunnen geen kindjes krijgen). Macht gaat over het vermogen, dominantie over het gebruik.

Eerlijker aan toe

Bij ons mensen gaat het er een stuk eerlijker aan toe. Onze voorouders leefden in egalitaire groepen, zonder alfamannetje. Uiteraard waren er altijd leiders die probeerden te domineren, maar daar liep het in de regel slecht mee af. Dominante leiders werden uitgestoten of zelfs vermoord. In tegenstelling tot onze voorouders hebben moderne leiders wel macht, bijvoorbeeld doordat ze beoordelingen schrijven en mensen kunnen aan- of afwijzen. 

Zelf beter van worden

Onderzoek laat zien dat dit soort macht mensen dominanter en minder sociaal maakt. Vanuit biologisch oogpunt niet vreemd: heb je macht, dan kun je dit gebruiken om er zelf beter van te worden. Deze link met dominantie is wat macht zo’n nare bijsmaak geeft. Maar macht hoeft niet automatisch tot dominantie te leiden. Uit onderzoek van onze collega’s David de Cremer en Eric van Dijk blijkt bijvoorbeeld dat mensen met een zogeheten ‘prosociale’ persoonlijkheid zich juist socialer gaan gedragen als ze macht krijgen.

Dienende macht

Terug naar Marianne en haar moeilijke medewerker. Doordat hij altijd de kantjes ervan afliep, zadelde hij al zijn collega’s op met meer werk. Marianne was als baas de enige die daar iets aan kon doen. Onderzoek laat zien dat mensen die optreden tegen zulke klaplopers, als socialer gezien worden en meer respect en leiderschapskwaliteiten toegedicht krijgen. Marianne had hier dus een goede beurt kunnen maken door wél haar macht te gebruiken. Door te blijven praten, verloor ze juist gezag. 

Wat je ermee doet is het probleem

De les voor Marianne is dat niet macht het probleem is, maar wat je ermee doet. Gebruik je het om persoonlijk voordeel te behalen, dan ervaren mensen je gedrag als dominant en verlies je gezag. Gebruik je het echter in het belang van de groep, dan is macht juist positief. De uitdaging voor leiders is in te schatten: wanneer is het eigenbelang en wanneer groepsbelang? Uiteraard kunnen deze ook overlappen. De bottomline is: kun je het uitleggen aan je mensen? In het geval van Marianne was dit geen probleem, iedereen ergerde zich aan de freerider en haar harde optreden werd uiteindelijk zeer gewaardeerd.

Vijf richtlijnen voor machtsgebruik:

#1 Wat zijn je motieven?

Ga altijd voor jezelf na wat je motieven zijn voor het gebruik van je macht. Is het om het jezelf makkelijk te maken? Of is er daadwerkelijk sprake van een groepsbelang?

#2 Kun je het uitleggen?

Kun je niet goed uitleggen waarom het machtsgebruik de groep dient? Doe het dan niet. Ook al is het niet je intentie, je gedrag zal toch als dominantie worden gezien.

3# Dient het de groep?

Kun je jouw macht gebruiken om het belang van de groep te dienen, bijvoorbeeld om klap
lopers aan te pakken of conflicten op te lossen, doe het dan altijd. Als je hier je macht niet gebruikt, ondergraaf je je eigen gezag.

#4 Voorkom eigenbelang

Er zijn situaties waarin het voor iedereen duidelijk is dat het in jouw eigen belang is je macht te gebruiken. Gebruik in zulke situaties je macht juist níet. Zo geef je een sterk signaal van integriteit af (een van de meest gewaardeerde eigenschappen van een leider).

#5 Communiceer goed

Gebruik je dan toch je machtsmiddelen, zorg dan dat iedereen snapt en weet waarom je dit doet. Goede communicatie is een voorwaarde voor goed leiderschap.

Het honorarium voor deze rubriek is geschonken aan het WNF.