Winkelmand

Geen producten in je winkelmand.

ING verdedigt financiering kolenindustrie

Je leest nu: ING verdedigt financiering kolenindustrie

Geen bank in Nederland zit dieper in de kolen dan de ING. Maar schaamte is er niet: ‘Wij maken duidelijke keuzes.’

De Duitse milieuorganisatie Urgewald bracht vorige maand in kaart welke rol banken spelen in de financiering van de kolenindustrie. Urgewald wijst erop dat de verbranding van kolen een van de grootste bronnen van CO2-uitstoot is en dat de winning van kolen deze eeuw tot nu toe met 70 procent is toegenomen, en de klimaatverandering zo is verergerd in plaats van verminderd.

1,6 miljard dollar

De drijvende kracht hierachter is een flinke kapitaalstroom vanuit de financiële sector. Vier grote Amerikaanse banken kwamen uit de bus als de grootste kolenfinanciers. ING haalde net niet de top-20, maar is met 1,6 miljard dollar aan financiering sinds 2005 toch geen kleine speler op dit terrein en in elk geval de grootste financier van de kolenindustrie van Nederland. Volgens Urgewald zien de banken niet welke grote rol ze spelen in de klimaatverandering. ‘Wat betreft hun verantwoordelijkheid voor het klimaat verkeren banken in een staat van ontkenning.’

Het licht uit

Maar volgens manager bedrijfsethiek Arnaud Cohen Stuart van ING (foto) kijkt de bank juist nadrukkelijk naar zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid. ‘Wij zijn een grote algemene bank met een rol in de maatschappij. Wij krijgen geld van spaarders en stellen dat beschikbaar aan de economie. Wij denken daarbij na over het belang van al onze stakeholders. Medewerkers, klanten, de overheid, burgers. Daar proberen we een goede afweging in te maken en dat moet je zorgvuldig doen.’
Bij de brede rol van ING passen geen dogmatische keuzes, zegt Cohen Stuart. ‘Stel dat je als bank, of banken, uit een sector zou stappen. Dat kan grote consequenties hebben. Als in Nederland fossiele brandstoffen van vandaag op morgen niet meer gefinancierd worden, gaat het licht uit’, zegt Cohen Stuart.

Polen heeft geen gas

In de praktijk kijkt ING ook naar de omstandigheden in een lokale economie. Cohen Stuart geeft als voorbeeld Polen, waar ING met ruim 350 vestigingen en 7.500 werknemers een flinke positie heeft. ‘Anders dan in Nederland heeft Polen geen gas, maar wel kolen. Dat maakt dat kolen daar een belangrijk deel van de energiemix uitmaken. Wij sluiten niet de energiesector in Polen uit, omdat ze geen gas hebben.’

31 procent duurzaam

ING wijst erop dat de energiemix van de door haar gefinancierde projecten in de afgelopen jaren sterk is veranderd. In 2005 ging 63 procent van de financiering naar kolencentrales en slechts 5 procent naar duurzame energie. Vorig jaar was dat 15 procent kolencentrales en 31 procent duurzaam. Daarnaast zegt ING zijn klanten te stimuleren om te kiezen voor de beste, meest efficiënte technologie.

Reputatieschade

Toch kan de financiering van sectoren die te boek staan als klimaatonvriendelijk slecht uitpakken voor de reputatie van een bank die zich nadrukkelijk als duurzaam probeert te profileren. Is de slechte pr die eruit kan voortvloeien nog een overweging om bepaalde sectoren wel of niet te financieren? ‘Je kijkt wel degelijk naar je reputatie, maar je kijkt ook genuanceerd naar alle aspecten van het onderwerp, waaronder maatschappelijke ontwikkelingen, de lokale economische omstandigheden, klantbelang, en medewerkers. Ik denk dat we duidelijke keuzes hebben gemaakt. Je kunt alleen niet van de ene op de andere dag overstappen naar duurzaam, omdat 80 procent van alle energie nog steeds uit fossiele bronnen komt’, legt een woordvoerster van ING uit.

Schizofreen

Urgewald noemt de financiële sector in zijn rapport schizofreen. Aan de ene kant zijn ze trots op hun duurzame prestaties, aan de andere kant financieren ze de minst duurzame industrie. Maar voor de banken zelf is het één niet in tegenspraak met het ander. Zij geven zo genuanceerd invulling aan hun maatschappelijke verantwoordelijkheid, zeggen ze.

De kolenindustrie in beeld

Meer lezen? Download de gratis whitepaper '10 misverstanden over klimaatneutraal ondernemen'.