Winkelmand

Geen producten in je winkelmand.

‘Opeens moeten sluiten vanwege corona was een schok’

Wibe Smulders (29) van sociale tostiketen Happy Tosti werd door de coronamaatregelen opgescheept met een vrachtlading overtollige tosti's. Hij besloot ze op straat van de hand te doen. Hoe manage je de economische gevolgen van de huidige crisis als sociaal horecabedrijf? 

Happy Tosti Happy Tosti
Je leest nu: ‘Opeens moeten sluiten vanwege corona was een schok’

Toen minister van Volksgezondheid Bruno Bruins zondagmiddag aankondigde dat alle horeca, scholen en sportscholen vanwege het coronavirus tot en met 6 april dicht moesten, was Wibe Smulders (foto rechts) weinig verrast. ‘In andere landen gebeurde het ook al, dus het leek een logische stap voor Nederland.’ Toch is Smulders één van de eerste mensen die door de maatregel geraakt wordt. Hij runt namelijk samen met Jasper Kool (foto links) de in 2015 opgerichte tostiketen Happy Tosti, waarmee ze werk bieden aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Zo’n 60 procent van het personeel van Happy Tosti valt in die groep: sommigen hebben autisme, andere zijn slechtziend en weer anderen hebben een detentieverleden. 

Krijg je voor het aannemen van bijvoorbeeld zwaar geestelijk gehandicapten als bedrijf een zorgsubsidie, bij de groep waarmee Happy Tosti werkt, is dit niet het geval. ‘Ze vallen tussen wal en schip’, stelt Smulders. ‘Ze worden als het ware gezien als te goed voor de zorg en te slecht voor de arbeidsmarkt.’ Zouden ondernemers zoals Smulders en Kool deze groep niet aannemen, dan was de kans groot dat ze thuis zouden zitten met een uitkering. De ondernemers gaan er prat op dat ze de overheid al miljoenen hebben bespaard. Politici, van Mark Rutte tot Gert-Jan Segers, zijn dan ook kind aan huis bij Happy Tosti.

Sociaal bedrijf in crisistijd

Smulders en Kool hebben er hun levenswerk van gemaakt mensen met afstand van de arbeidsmarkt van de bank te halen, maar die missie is door het coronavirus nu tijdelijk een halt toegeroepen. Dat het besluit van de regering terecht is, daar twijfelt niemand over. Hoe manage je echter de economische gevolgen hiervan als sociaal horecabedrijf?

‘Opeens moeten sluiten, blijft een schok’, zegt Smulders. ‘Er komt opeens veel onzekerheid op je af. Je bent echter niet een ware ondernemer als je niet direct in oplossingen gaat denken.’ Oplossingen waren hard nodig, want Happy Tosti zat plots met 3 weken aan overtollig voedsel opgescheept. Dit kon niet zo lang bewaard blijven, en het voedsel weggooien was geen optie voor de ondernemers. ‘Zeker niet in een tijd waarin iedereen eten nodig heeft’, zegt Smulders.

Ze besloten daarom een tijdelijke mini-supermarkt te installeren in Den Haag, waar ze al hun tosti’s alsnog van de hand konden doen. ‘We vertelden klanten: heb je een kleine portemonnee, neem het gratis mee, maar heb je een grote portemonnee, betaal dan voor twee. Mensen mochten hun eigen prijzen bepalen.’

Hoe reageerden ze hierop?

‘Goed. We hebben uiteindelijk weinig eten weg moeten gooien. Hoeveel klanten betaalden, liep erg uiteen. Je had mensen die met een grote glimlach 1 euro betaalden en vier grote tassen meenamen. Anderen kochten juist vier sinaasappels en rekenden 50 euro af. Er was zelfs iemand die een half kratje met eten meenam en 100 euro betaalde. De producten zijn dan wel gemiddeld flink onder de marktprijs weggegaan, we merkten dat mensen sterk de drang voelden om te helpen. Toch stond het tegengaan van voedselverspilling bij ons op één, niet het verdienen van een paar extra euro’s. We hebben nooit winstmaximalisatie als doel gehad.’

Veel bedrijven maken zich zorgen over een eventueel faillissement, vanwege de economische gevolgen van de – broodnodige – coronamaatregelen. Hoe zit dat bij jullie? 

‘Ik geloof heel erg in de kracht van ons bedrijf. We voegen echt wat toe aan de samenleving, dus ik denk dat er een plek voor ons zou moeten zijn. Echter, stel dat alle betrokken partijen, zoals financiers, verhuurders en de overheid, in de problemen komen, dan wordt het natuurlijk een heel ingewikkeld verhaal.’

Leidinggeven aan een organisatie die voor het grootste gedeelte bestaat uit mensen met een – voormalige – afstand tot de arbeidsmarkt, is een uitdaging, stelt Smulders. ‘Je moet op twee manieren managen. Allereerst vanuit menselijk vlak. Deze doelgroep heeft vaak meerdere uitdagingen. Ze hebben bijvoorbeeld gedragsproblemen of een crisis thuis. Je moet je daarom flexibel opstellen. Of ze komen gemiddeld genomen vaker te laat. Zie je dat als een gegeven, dan kan het alleen maar meevallen.’

‘Ook moeten we veel mensen administratief managen’, vervolgt Smulders. ‘Velen hebben schulden en komen uit een uitkeringssituatie. Je krijgt dan al snel te maken met een leger aan instanties dat de mensen op de rit wil krijgen: van gemeentes tot budgetcoaches en bewindvoerders. Je krijgt er wel wat zaken gratis bij (lacht). Als je dat van tevoren weet, kun je er gelukkig heel goed rekening mee houden. Vind je je draai in het helpen van deze doelgroep, dan gaat zoiets heel verslavend werken.’

Nu kunnen jullie deze groep mensen even geen werk bieden. Hoe reageren medewerkers?

‘Dit zijn moeilijke tijden en de medewerkers vinden dit dan ook erg spannend. Ik heb al heel veel berichtjes gehad van medewerkers die zich zorgen maken over hun salaris. Ik vertel ze dan dat ze zich voorlopig geen zorgen hoeven te maken.’

‘Hun zorgen zijn echter goed te begrijpen. Iedereen die een fatsoenlijke baan heeft, moet het een maand zonder salaris kunnen uithouden. Misschien zelfs 2 maanden. Deze mensen zitten echter vaak in de schulden en leven van loonstrook naar loonstrook. Zouden ze hun baan verliezen, dan is het voor hen vaak al te laat voor ze hun eerste werkloosheidsuitkering krijgen. De energierekening is dan bijvoorbeeld al gecanceld, waardoor ze zonder stroom zitten.’

‘In het nieuws hoor je vaak verhalen over mensen met schulden, drugsverslaafden of mensen in de bijstand. Wat velen zich niet realiseren, is dat dit vaak drie keer om dezelfde persoon gaat. Een baan houdt hen op de rails.’

Sociale ondernemingen moeten dan ook koste wat kost de coronacrisis overleven, denkt Smulders. ‘Zodra de economie weer opkomt, zullen zij een belangrijke rol spelen bij het aannemen van groepen die aan de kant zijn blijven staan.’

Door de coronacrisis komen veel zzp’ers nu ook zonder werk te zitten. Bij een eventuele crisis vormen zij een kwetsbare groep op de arbeidsmarkt. Zouden zzp’ers zonder klussen in de toekomst ook welkom zijn bij Happy Tosti?

‘Zij hebben nu ook een afstand tot de arbeidsmarkt gekregen. In de basis is iedereen bij ons welkom. We helpen het liefst mensen die elders niet of nauwelijks aan een baan kunnen komen. Zzp’ers zouden tijdelijk best welkom kunnen zijn. Trekt de economie echter weer aan, dan vraag ik me af of zzp’ers zitten te wachten op dit werk.’

‘We richten ons uiteindelijk eerder op groepen die moeilijker aan werk kunnen komen, omdat ze niet de assertiviteit hebben om het op te pakken. Zo zien we dat mensen na een burn-out graag bij ons aan de slag willen. Tosti’s bakken is dan een mooie tijdelijke baan. Al twee keer hebben we iemand met deze klachten in onze organisatie gehad.’

Smulders merkt dat corporates ook vaker pogingen doen om sociaal te ondernemen. Hij ziet het bijvoorbeeld bij Heineken gebeuren. ‘Zij vinden zichzelf opnieuw uit als bedrijf en nemen hun verantwoordelijkheid. Ze proberen als verbinder tussen Nederlanders op te treden en werken heel erg aan CO2-reductie, met bijvoorbeeld efficiëntere fabrieken. Doe je zoiets als bedrijf, dan word je al snel beticht van greenwashing. Ik ben echter wel fan van greenwashing.’

Leg eens uit.

‘Als je maar vaak genoeg zegt dat je groen bent, word je het uiteindelijk ook. Je medewerkers zullen er dan ook naar gaan handelen. We kunnen niet van grote bedrijven verwachten dat ze van de één op de andere dag alles goed zullen doen. Wel dat ze er alles aan doen om een transitie te maken, terwijl ze financieel gezond blijven. Greenwashing is dan een onderdeel van die transitie, waarbij je medewerkers laat zien wat je als bedrijf belangrijk vindt.’

‘Gebruik je als bedrijf anno 2020 een CO2-neutrale vrachtwagen, dan zal niemand je meer een vernieuwer noemen. 10 jaar geleden wel. Het eerste bedrijf dat zo’n vrachtwagen gebruikte, werd mega-groot uitgemeten in de media. Je kunt zoiets greenwashing noemen, maar het heeft wel een ontwikkeling in gang gebracht.’

Happy Tosti heeft momenteel zeven restaurants, waarvan twee franchisevestigingen. Op de loonlijst staan 120 medewerkers. Zwarte cijfers schrijft het bedrijf nog niet, want Smulders wil de komende jaren hard doorgroeien. Het doel is om binnen 2 jaar vijfhonderd medewerkers bij Happy Tosti aan de slag te hebben, mits het bedrijf natuurlijk niet te veel schade ondervindt door de coronacrisis. 

Nieuwe medewerkers moeten aan de slag in één van de vestigingen, in een dit jaar te openen bakkerij of in een het nieuwe zusterbedrijf Social Capital, wat op dit moment in de startup-fase zit. Met deze nieuwe bv wil Smulders mensen met een arbeidsbeperking helpen aan een baan in de horeca. Want dat is waar het voor de 29-jarige ondernemer om draait: mensen kansen geven. ‘Een betaalde baan is het beste medicijn tegen problemen.’