Winkelmand

Geen producten in je winkelmand.

Gaat Sunny Roofs verpatst worden aan een hedgefonds?

Zoals de proto-industriële werker aan een weefgetouw zat, zo zit de hedendaagse kenniswerker aan een beeldscherm. Maar hij of zij beheerst niet maar één trucje, integendeel: hoe ontdek je de onvermoede talenten?

sunny roofs overgenomen door hedgefonds Iva Rajovic via Unsplash
Je leest nu: Gaat Sunny Roofs verpatst worden aan een hedgefonds?

Iedere week deelt MT.nl de belangrijkste innovatielessen van het fictieve bedrijf Sunny Roofs. De verhalen zijn ingekorte hoofdstukken uit het boek Innovatiejij.nu van UvA-hoogleraar Henk Volberda, Kevin Heij en Menno Bosma.

Lees ook deel 1: Mens versus machine: Gaat familiebedrijf Sunny Roofs overleven?
Lees ook deel 2: Sunny Roofs gaat voorop in de vierde industriele revolutie
Lees ook deel 3: Nieuwe werkmethode leidt tot kantoortuinoorlog bij Sunny Roofs
Lees ook deel 4: Gaat het zelfsturende Sunny Roofs de productie verplaatsen naar het buitenland?
Lees ook deel 5: Sunny Roofs wil een Nice Firm to Work worden. Gaat dat lukken?


 

‘Je hebt wát gedaan …?’ Zelfs door Johns zonnebankbruine toplaag heen is te zien dat hij rood aanloopt. ‘Het O&O-fonds. Dat is er toch voor?’ Angelique probeert niet bedremmeld te klinken.

‘Dus jij, de stagiaire – pardon: de flexkracht – hebt op eigen houtje om budget voor een bedrijfsbrede cursus 21e-eeuwse vaardigheden gevraagd bij het O&O-fonds, waarbij je de hr-manager en mij en iedereen in dit bedrijf die maar enige autoriteit heeft op het gebied van opleidingen volledig hebt gepasseerd?’ Tegelijk met de woorden komen er kleine spuugspettertjes uit Johns mond. ‘Eh, ja. Maar ik moest toch met die 21e-eeuwse vaardigheden aan de slag gaan? Het werd de hoogste tijd dat er iets gebeurde, dacht ik. En je zegt altijd dat iedereen zich proactiever moet gedragen.’ Angelique staart naar haar schoenen. Ze is hard aan nieuwe pumps toe, ziet ze.

Hiërarchie

Ze zitten in een van de cockpits op kantoor. John heeft daarvoor gekozen, omdat het de best geïsoleerde ruimten van het bedrijf zijn. ‘Lieve Angelique …’ – John spreekt de woorden uit op de toon waarmee hij de labrador van Desiree tot de orde pleegt te roepen – ‘… ken je het begrip hiërarchie?’ ‘Dat is dat jij de baas bent, toch?’ Angelique stokt even. Zachtjes, de ogen neergeslagen, vervolgt ze: ‘Op de opleiding hebben we geleerd dat delegeren nu meer in de mode is.’

Op Johns voorhoofd beginnen nu aderen op te zwellen. ‘O ja, en hoe werkt delegeren precies?’ Hij gaat met zijn handen in zijn zij voor haar staan. ‘Nou?’ ‘Eh, jij had het eerst tegen mij moeten zeggen …?’ Angelique’s stem wordt steeds dunner. ‘Maar weet je, juist vanwege jouw plannetje om aan de consument te gaan leveren, vond ik dat we haast moeten maken met die 21e-eeuwse vaardigheden. En aangezien jij nog van de vorige eeuw bent …’ Angelique stopt, bang dat ze John beledigt. Leeftijd ligt gevoelig bij hem. Ze is zelf trouwens ook net nog van de vorige eeuw, realiseert ze zich met een schokje.

‘Inderdaad, ik had jou opdracht moeten geven om het O&O-fonds te benaderen. En dat heb ik niet gedaan. En waarom heb ik dat niet gedaan? Omdat de notitie die jij over 21e-eeuwse vaardigheden hebt geschreven, het beroerdste stuk is dat ik in tijden onder ogen kreeg. Wat jij adviseert, komt erop neer dat iedereen in dit bedrijf een kruising van Einstein, Obama en Van Gogh moet worden. Bullshit! Erik hóeft helemaal geen creatieve people manager te zijn die goed kan abstraheren, zich als een vis in het water voelt in virtuele overlegsituaties en vlammende toespraken kan houden. Hij staat áutodaken te monteren, Angelique! Wat jij wilt, is Innovatie.nooit!’

Verborgen talenten

‘Maar wat er nu gebeurt is Innovatie.toen, John. Veel medewerkers doen hier al twintig jaar hetzelfde. Misschien wil Erik op een gegeven moment wel het lab in. Wie weet wat voor verborgen talent hier rondloopt dat je goed zou kunnen gebruiken voor je plannen.’ Angelique zet haar verleidersogen op. Ze beseft dat ze in deze fase van de strijd andere methoden nodig heeft. John doet alsof hij het niet ziet. ‘Ik wil op z’n minst eerst een vermoeden van talent hebben, voordat ik iemand op cursus stuur. Anders is de kans dat het rendeert volkomen zero.’

‘John, er wordt ons nooit gevraagd naar wat we allemaal kunnen. Hoe kan talent dan naar boven komen? Ik weet zeker dat hier mensen rondlopen die bijzondere dingen kunnen, zonder dat jij er ook maar iets van weet.’ Angelique heeft nu haar zoetste meisjesstemmetje opgezet. John duwt met beide handen zijn haar in model. Met de vingers van zijn rechterhand stopt hij een weerbarstige lok achter zijn rechteroor. ‘Oké, kom maar met een voorbeeld’, zegt hij dan. Even kijkt hij peinzend voor zich uit. ‘Weet je wat? Als het je lukt, handhaaf ik de aanvraag bij het O&O-fonds.’ Hij kijkt er enigszins triomfantelijk bij, alsof hij een breinkraker heeft bedacht die zelfs Stephen Hawking te machtig is.

‘O, dat is simpel’, reageert Angelique meteen. Ze klapt haar laptop open, drukt een paar toetsen in en wijst naar het scherm. ‘Kijk, dit is mijn webshop, Angel Delight. Bijzondere bijoux voor de modebewuste jonge vrouw. Hier het aantal unieke bezoekers van vandaag: 731. En hier het aantal bestellingen: 27. Als ik zo thuiskom, ga ik die meteen versturen. Jouw jongste hr-bediende heeft megatalent voor onlineverkoop.’Ze kijkt net iets triomfantelijker dan John net deed. John kreunt. ‘Oké, you win.’

Bankenlogica

‘Charles! Je verrast me. Ik heb je nooit eerder buiten een vergadering met de raad van commissarissen ontmoet. Vanwaar deze eer?’ John weet dat zijn begroeting licht spottend overkomt, maar dat spijt hem niet. ‘Ik dacht dat het goed was nog eens met je door te praten over de toekomst van Sunny Roofs. Je weet, in zo’n vergadering …’ In plaats van zijn zin af te maken, spreidt Charles zijn handen, als om duidelijk te maken dat hij geen hoge pet op heeft van de commissarissenvergaderingen.

‘Zo, en kom je met nieuwe argumenten of heb je een koffer vol geld bij je?’ John grinnikt even om zijn eigen grapje. Charles doet alsof hij de opmerking niet heeft gehoord. ‘Ik heb zeker nieuwe argumenten. En goed nieuws. Namelijk dat ons expansiemodel financieel solide is. We hebben het laten doorrekenen door de afdeling Corporate Loans, die eigenlijk alleen voor echt grote bedrijven uit bed komt, en daar rolde een positief plaatje uit. Ik dacht dat het goed was om jou dat persoonlijk te komen vertellen.’

‘Ik denk toch dat je me dan niet goed begrepen hebt, Charles. Ik stemde niet tegen je voorstel omdat je het niet financieel onderbouwde. Ik geloof onmiddellijk dat bankiers álles financieel kunnen onderbouwen, zelfs de verkoop van zonnebanken in de Sahara. Het ging me erom dat ik die andere koers niet zie zitten.’

‘Kan het kloppen dat ik daar niet echt argumenten voor gehoord heb?’ ‘Dat hangt ervan af hoe goed je luisterde. De managementsamenvatting is dat we in jouw plan ons huidige verdienmodel – de B2B-aanpak – groot gaan uitrollen, terwijl we juist gaan onderzoeken of dat verdienmodel wel de toekomst heeft en we niet beter op B2C kunnen overgaan.’

‘Het is allemaal zo klein gedacht, John …’ ‘Nee, Charles. Van B2B naar B2C is een héél grote stap. En als dat een succes wordt, kun je dat model óók uitrollen. Maar first things first. Eerst kijken of het anders moet, dan of het groter kan. Dat is bedrijfslogica. Wat iets anders is dan bankenlogica.’ John laat een veelbetekenende stilte vallen. ‘Goed, als je het over die boeg gooit … John, ik probeer te overleggen. Intussen bedenken ze op de bovenste verdiepingen bij Linck dingen die je niet leuk zult vinden. Ik moet je waarschuwen dat niet meewerken aan de door ons voorgestelde koers implicaties kan hebben voor Sunny Roofs.’

Slikken of stikken

John fronst zijn wenkbrauwen. ‘Zoals?’ ‘Dan verkopen we onze aandelen aan een hedgefonds.’ ‘Wát …?!’ John roept het woord zo hard dat het water in zijn glas ervan golft. Mattie, de directiesecretaresse, schrikt in de kamer naast die van John op van haar spelletje Wordfeud. Voorzichtig loopt ze de gang op. Zou de bevalling al begonnen zijn?

‘Je bedoelt toch niet zo’n sprinkhanenfonds?’ In Johns stem vechten verbijstering en verontwaardiging om voorrang. ‘Zo plegen werknemers het wel eens te noemen, ja’, spreekt Charles minzaam.

‘Et tu, Brute?’ John staat expres op, zodat hij boven Charles uit torent. Hij kijkt de Linck-man diep in de ogen. ‘Charles, waar dreigementen in de plaats komen van argumenten, ben ik uitgepraat. Daar is het gat van de deur.’ Snel schiet Mattie haar secretaressekamertje weer in, voordat Charles haar op de gang zal tegenkomen