Winkelmand

Geen producten in je winkelwagen.

Alain de Botton over werk: ‘Ik ben sceptisch over geluk als doel’

We zijn te vaak vergeten waarom en waarvoor wij werken, aldus Alain de Botton. De Britse filosoof en bestsellerauteur vindt dat bedrijven continu duidelijk moeten maken wat hun betekenis is. En die verhalen horen niet thuis in een middelmatige bedrijfsbrochure. ‘Je hoort de beste schrijvers in te huren om je verhaal goed te vertellen.’

Succesvol zijn betekent volgens filosoof en schrijver Alain de Botton niet veel geld verdienen of status en aanzien verkrijgen. Er zijn bedrijven of organisaties die betekenisvol zijn en niet alleen op winst zijn gericht. Ze verdienen weliswaar geld, maar zijn vooral geïnteresseerd in het maken van mooie producten. Hij geeft het voorbeeld van het Zwitserse bedrijf Pilatus, dat propellervliegtuigen maakt. ‘Ze hebben al honderd keer geweigerd het bedrijf te verkopen en hebben ook niet de ambitie een soort Google te worden. Het gaat ze steeds om de kwaliteit die ze leveren.’ Kapitalisme is zo slecht nog niet, vindt De Botton. We moeten oppassen voor de romantische houding dat geld verdienen verwerpelijk is. Dat het waardevoller of betekenisvoller is om een roman te schrijven of een opera te componeren. ‘Kapitalisme heeft vele gezichten in de wereld en heeft ten onrechte een slechte naam. Het gaat maar om één ding: de problemen van mensen oplossen, of het leven van mensen gemakkelijker maken. Het maakt echter nogal uit of je een Duitse kapitalist bent in een familiebedrijf dat niet naar de beurs wil of een Amerikaanse aandeelhouder die zo snel mogelijk winst wil maken.’ Waarom is het zo moeilijk voor bedrijven om het potentieel van hun mensen beter te ontwikkelen? ‘De ongemakkelijke waarheid is dat bedrijven het niet nodig hebben dat iedereen creatief is of zijn maximale potentieel benut. Er zijn ook gewoon mensen nodig die uitvoeren wat anderen verzinnen. In grote bedrijven ben je eerder de uitvoerder van andermans visie en ideeën. In de meeste organisaties is het slechts een handjevol mensen dat de huizen ontwerpt, een strategie bedenkt of de software ontwikkelt. In moderne bedrijven is het moeilijk om je betrokken te voelen, omdat er te veel afstand en een gebrek aan verbondenheid is. Een meerderheid van bedrijven heeft honderden medewerkers, soms duizenden. In een grote machine lijden medewerkers aan een gebrek aan richting of een duidelijk doel. Ze zien niet in hoeverre hun bijdrage ertoe doet. Toch maakt het wel degelijk uit, alleen moet dat wel duidelijk gemaakt worden. En steeds weer. Mensen moeten er continu aan herinnerd worden waarom ze doen wat ze doen.’ De meeste visies of mission statements zijn abstract en moeilijk te vertalen naar de werkvloer. ‘Ja, ik ben altijd verbaasd over hoeveel tijd en moeite er gestoken wordt in producten of in “operational excellence” en hoe weinig in communicatie. Dat is dan iets voor marketing of voorlichting. De IT- en de juridische afdeling krijgen de beste mensen en stellen hoge eisen, maar als het om het schrijven van mission statements of de bedrijfsbrochures gaat, lijkt elke ambitie verdwenen. Je hoort de beste schrijvers in te huren om je verhaal goed te vertellen. Ik kom soms bij fantastische bedrijven en als ik dan hun brochure of website bekijk, denk ik: oh my God! Wie heeft dit geschreven?’’ Waarom zijn goede verhalen belangrijk? ‘Omdat het steeds om verleiding gaat. Je wilt klanten ertoe verleiden je producten te kopen en goede mensen verleiden om voor je te komen werken. Om mensen te overtuigen of over te halen heb je goede verhalen nodig. Om het beste talent aan te trekken heb je de beste verhalen nodig. Verleiding is helaas ondergesneeuwd geraakt en hoort niet alleen bij de marketingafdeling thuis.’ Moeten bedrijven dan romanschrijvers of filosofen inhuren of horen die in de raad van bestuur? ‘Ik vind het lastig om daar iets over te zeggen, maar feit is dat bedrijven er belang bij hebben om in het hoofd en het hart van mensen te geraken en mensen te begrijpen. Daar zijn psychologen of filosofen goed in. Veel innovatie is niet alleen technologisch, maar ook psychologisch van aard. Het gaat erover dat mensen de dingen anders doen of gebruiken. Je kunt nog zulke fantastische technologieën verzinnen, als niemand er iets mee doet, heb je er niets aan. Bedrijven vinden het vaak lastig zich in klanten te verplaatsen en doen onhandig onderzoek naar klanttevredenheid. Dat heeft weinig zin. Als je mensen vroeger had gevraagd wat voor muziek ze wensten, had niemand gezegd: “Mozart.” De meeste klanten weten niet wat ze willen. Echte creativiteit is iets maken waarvan het publiek nog geen idee had dat het dit nodig had of wilde hebben.’ Alain de Botton (1969) is een Britse filosoof en bestsellerauteur van boeken als Statusangst, Hoe Proust je leven kan veranderen en Ode aan de Arbeid. Hij is oprichter van The School of Life, die inmiddels wereldwijd vestigingen heeft, waaronder één in Amsterdam. Hij woont in Londen, is getrouwd en heeft twee kinderen. Wil je het volledige interview met Alain de Botton lezen? Bestel dan hier een abonnement op MT of koop een los nummer. 
Mark Horn
Je leest nu: Alain de Botton over werk: ‘Ik ben sceptisch over geluk als doel’

Succesvol zijn betekent volgens filosoof en schrijver Alain de Botton niet veel geld verdienen of status en aanzien verkrijgen. Er zijn bedrijven of organisaties die betekenisvol zijn en niet alleen op winst zijn gericht. Ze verdienen weliswaar geld, maar zijn vooral geïnteresseerd in het maken van mooie producten. Hij geeft het voorbeeld van het Zwitserse bedrijf Pilatus, dat propellervliegtuigen maakt. ‘Ze hebben al honderd keer geweigerd het bedrijf te verkopen en hebben ook niet de ambitie een soort Google te worden. Het gaat ze steeds om de kwaliteit die ze leveren.’

Kapitalisme is zo slecht nog niet, vindt De Botton. We moeten oppassen voor de romantische houding dat geld verdienen verwerpelijk is. Dat het waardevoller of betekenisvoller is om een roman te schrijven of een opera te componeren. ‘Kapitalisme heeft vele gezichten in de wereld en heeft ten onrechte een slechte naam. Het gaat maar om één ding: de problemen van mensen oplossen, of het leven van mensen gemakkelijker maken. Het maakt echter nogal uit of je een Duitse kapitalist bent in een familiebedrijf dat niet naar de beurs wil of een Amerikaanse aandeelhouder die zo snel mogelijk winst wil maken.’

Waarom is het zo moeilijk voor bedrijven om het potentieel van hun mensen beter te ontwikkelen?

‘De ongemakkelijke waarheid is dat bedrijven het niet nodig hebben dat iedereen creatief is of zijn maximale potentieel benut. Er zijn ook gewoon mensen nodig die uitvoeren wat anderen verzinnen. In grote bedrijven ben je eerder de uitvoerder van andermans visie en ideeën. In de meeste organisaties is het slechts een handjevol mensen dat de huizen ontwerpt, een strategie bedenkt of de software ontwikkelt. In moderne bedrijven is het moeilijk om je betrokken te voelen, omdat er te veel afstand en een gebrek aan verbondenheid is. Een meerderheid van bedrijven heeft honderden medewerkers, soms duizenden. In een grote machine lijden medewerkers aan een gebrek aan richting of een duidelijk doel. Ze zien niet in hoeverre hun bijdrage ertoe doet. Toch maakt het wel degelijk uit, alleen moet dat wel duidelijk gemaakt worden. En steeds weer. Mensen moeten er continu aan herinnerd worden waarom ze doen wat ze doen.’

De meeste visies of mission statements zijn abstract en moeilijk te vertalen naar de werkvloer.

‘Ja, ik ben altijd verbaasd over hoeveel tijd en moeite er gestoken wordt in producten of in “operational excellence” en hoe weinig in communicatie. Dat is dan iets voor marketing of voorlichting. De IT- en de juridische afdeling krijgen de beste mensen en stellen hoge eisen, maar als het om het schrijven van mission statements of de bedrijfsbrochures gaat, lijkt elke ambitie verdwenen. Je hoort de beste schrijvers in te huren om je verhaal goed te vertellen. Ik kom soms bij fantastische bedrijven en als ik dan hun brochure of website bekijk, denk ik: oh my God! Wie heeft dit geschreven?’’

Waarom zijn goede verhalen belangrijk?

‘Omdat het steeds om verleiding gaat. Je wilt klanten ertoe verleiden je producten te kopen en goede mensen verleiden om voor je te komen werken. Om mensen te overtuigen of over te halen heb je goede verhalen nodig. Om het beste talent aan te trekken heb je de beste verhalen nodig. Verleiding is helaas ondergesneeuwd geraakt en hoort niet alleen bij de marketingafdeling thuis.’

Moeten bedrijven dan romanschrijvers of filosofen inhuren of horen die in de raad van bestuur?

‘Ik vind het lastig om daar iets over te zeggen, maar feit is dat bedrijven er belang bij hebben om in het hoofd en het hart van mensen te geraken en mensen te begrijpen. Daar zijn psychologen of filosofen goed in. Veel innovatie is niet alleen technologisch, maar ook psychologisch van aard. Het gaat erover dat mensen de dingen anders doen of gebruiken. Je kunt nog zulke fantastische technologieën verzinnen, als niemand er iets mee doet, heb je er niets aan. Bedrijven vinden het vaak lastig zich in klanten te verplaatsen en doen onhandig onderzoek naar klanttevredenheid. Dat heeft weinig zin. Als je mensen vroeger had gevraagd wat voor muziek ze wensten, had niemandMT Magazine 7 2017 cover gezegd: “Mozart.” De meeste klanten weten niet wat ze willen. Echte creativiteit is iets maken waarvan het publiek nog geen idee had dat het dit nodig had of wilde hebben.’

Alain de Botton (1969) is een Britse filosoof en bestsellerauteur van boeken als Statusangst, Hoe Proust je leven kan veranderen en Ode aan de Arbeid. Hij is oprichter van The School of Life, die inmiddels wereldwijd vestigingen heeft, waaronder één in Amsterdam. Hij woont in Londen, is getrouwd en heeft twee kinderen.

Wil je het volledige interview met Alain de Botton lezen? Bestel dan hier een abonnement op MT of koop een los nummer.