Winkelmand

Geen producten in je winkelwagen.

Je doet het toch allemaal voor je kinderen

Je leest nu: Je doet het toch allemaal voor je kinderen

Het werkende ouderschap is een voortdurend gevecht tegen de tijd. Het schuldgevoel loert voortdurend, aangewakkerd door negatieve berichten in de media. Ondertussen gaat het met onze kinderen best goed. Een hommage aan de werkende ouder.

 

Mijn kinderen (10 en 8) vinden dat ik te veel werk. Ze hebben de enquête ingevuld die u terugvindt op pagina 16 en op die vraag waren ze allebei vrij duidelijk. Ze zijn wel blij dat ik werk, want dan verdien ik tenminste geld en kunnen zij ‘dingen’ kopen. Maar iets minder mag ook wel, vinden ze. Op zich hebben wij het thuis prima geregeld. Ik werk fulltime en een beetje meer, mijn vrouw parttime. Ze werkt in het onderwijs, staat om drie uur op het schoolplein en heeft de schoolvakanties vrij. Traditioneel, inderdaad, en daar voelen we ons allemaal prettig bij. Bovendien: ik breng de kinderen drie dagen in de week naar school, ben er bijna altijd met het avondeten en ik steek echt wel eens een hand uit in het huishouden. Maar is het genoeg? Als werkende ouder heb je eigenlijk altijd het gevoel dat je tekortschiet. Tegenover je kinderen omdat je weer niet mee kunt op schoolreisje. Tegenover je partner omdat je toch altijd te weinig doet in het huishouden en omdat je wel erg veel van de zorg voor de kinderen aan haar overlaat. Tegenover jezelf omdat je te weinig sport en ’s avonds te veel voor de tv hangt. Spreek ik te veel voor mezelf? Ben ik de enige werkende ouder die zich in een permanente staat van licht schuldgevoel bevindt? Als ik om me heen kijk, betwijfel ik dat. Ik zie moeders die stoppen met werken omdat ze het allemaal niet kunnen bolwerken en zich vervolgens schuldig voelen omdat ze hun carrière om zeep helpen en niets ‘zinvols’ met hun leven doen. Ik zie werkende moeders die zich verontschuldigen omdat ze hun kind vijf dagen per week naar de crèche brengen. Ik zie vaders die eigenlijk wel minder zouden willen werken, maar dat van hun baas niet mogen. Ik zie kortom een hoop schuldgevoel. Vroeger kwam dat nauwelijks voor. Als vrouw schaamde je je er niet voor dat je thuis bleef met de kinderen, als man niet dat je veel werkte. Zo hoorde dat en vrijwel iedereen legde zich erbij neer. Maar tegenwoordig moeten we zo veel. We moeten een glanzende carrière hebben, we moeten nog op wereldreis, we moeten er een uitgebreid sociaal leven op nahouden, we moeten een spannende, bruisende relatie onderhouden, we moeten kinderen en die kinderen moeten alles krijgen wat hun hartje begeert. Ga er maar aanstaan. 

Verantwoorden

Dat ‘moeten’ leggen we ons zelf op, zult u zeggen, en deels is dat ook zo. Het zou al enorm helpen als we keuzes maken: die carrière komt later wel weer, als de kinderen groter zijn. Die wereldreis kan ook als we met pensioen zijn. Maar welke keuze je ook maakt, je moet hem altijd wel verantwoorden tegenover de buitenwereld. Collega’s, vrienden, werkgever, de overheid: allemaal moeten ze wat van je. De overheid verwacht bijvoorbeeld van vrouwen dat ze kinderen krijgen, maar wel door blijven werken, het liefst fulltime. Ondertussen heeft het huidige kabinet de kinderopvang zo’n beetje eigenhandig de nek omgedraaid . 

Ongenuanceerd

Een paar weken geleden had het weekblad Intermediair een artikel op de cover met als kop: ‘Collega’s met kinderen: wie haat ze niet?’ Het is een grappig bedoelde, maar erg persoonlijke en ongenuanceerde aanval op al die collega’s die zo nodig een kind moesten krijgen. En die vervolgens de kantjes ervan aflopen, die altijd voorrang krijgen bij vakanties en die alleen nog maar kunnen praten over hun kroost. Maar die zich vooral superieur voelen, omdat ze werk en kinderen zo goed weten te combineren, omdat ze hun tijd o zo efficiënt weten in te delen. Even los van de soms wat boude formuleringen, de auteur van het stuk heeft natuurlijk gelijk. Wij ouders hebben een negen-tot-vijf-mentaliteit. Dat komt: wij hebben ontdekt dat er meer is in het leven dan alleen werken. We vinden inderdaad dat mensen met schoolgaande kinderen in de schoolvakanties op vakantie moeten kunnen gaan en dus soms voorrang moeten hebben op collega’s zonder kinderen. We begrijpen eigenlijk niet zo goed waarom zij zo nodig in de drukste en duurste periode van het jaar op vakantie moeten. En ja, wij vinden het inderdaad behoorlijk knap van onszelf dat we meerdere ballen in de lucht weten te houden. Doe het ons maar eens na. Oké, af en toe valt er een bal naar beneden. Dan belt de crèche dat je kind ziek is en of je haar zo snel mogelijk wilt komen ophalen. Dacht je nou echt dat we ons dan niet lullig voelen tegenover collega’s die ons werk moeten overnemen? Het is een trend: ouder-bashing is erg populair onder bladen- en televisiemakers. Twee weken eerder had een ander weekblad, HP/De Tijd, een coveritem met als kop ‘Opvoeden is best simpel. 18 experts leggen het uit’. Ook de teneur van dit artikel is buitengewoon negatief en ongenuanceerd. De huidige ouders kunnen het namelijk niet meer, opvoeden. “Zij groeiden op in een tijd vol keuzevrijheid en flexibele normen. Nu moeten ze hun kinderen bijbrengen wat wel en niet kan. En ze hébben het al zo druk.” Dat vijf van de achttien deskundigen benadrukken dat ouders het gemiddeld genomen ‘reuze aardig doen’, daar wordt snel overheen gepraat. Wie dan ook nog eens programma’s op tv ziet als De opvoedpolitie, kan niet anders concluderen dan dat Nederland afstevent op een opvoedkundige ramp. 

Zakgeld

Zo erg is het natuurlijk allemaal niet. Laat u dat ook vooral niet aanpraten. De makers van dit soort artikelen en televisieprogramma’s hebben ook helemaal niet het welzijn van uw kroost op het oog, zij mikken vooral op hoge verkoop- en kijkcijfers. En negatieve berichten verkopen nu eenmaal beter dan de boodschap dat we het zo slecht nog niet doen. Want dat is wel de conclusie uit allerlei onderzoeken: met onze kinderen gaat het best goed. Onlangs nog bracht het Sociaal Cultureel Planbureau een onderzoek naar buiten onder vijfduizend kinderen van nul tot twaalf jaar met die conclusie. Slechts bij vijf procent van de kinderen is sprake van (ernstige) opvoedproblemen. De ondervraagde kinderen hebben een druk sociaal leven, maar worden daar volgens dit onderzoek niet gestrest van. Ze zeggen juist dat ze dat fijn vinden, omdat ze zich dan minder vervelen. En kinderen van tweeverdieners zijn niet minder tevreden dan kinderen waarvan alleen de vader of moeder werkt. Ook uit ons eigen onderzoek komt duidelijk naar voren dat de kinderen van (vaak hardwerkende) managers niet veel tekort komen. Ze zouden wel graag willen dat hun ouders meer tijd voor ze zouden hebben en ’s middags met de thee klaar zitten, maar als ze ze nodig hebben, zijn hun ouders er voor ze. Kinderen van managers hebben ook meer zakgeld dan de gemiddelde Nederlandse kinderen, en gaan vaker met vakantie. Een cynicus zou wellicht beweren dat dat afkopen is van schuldgevoel, een goedmakertje voor al die uren dat je er als werkende ouder niet bent. Maar dat harde werken doen we toch ook voor onze kinderen? We willen toch het beste voor onze kinderen? We willen toch dat ze niets tekort komen, dat ze kunnen studeren en dáárom werken we zo hard? Natuurlijk, opvoeden is niet gemakkelijk. En uiteraard laten wij moderne ouders soms steken vallen. Maar laten we nu niet net doen alsof onze ouders het er altijd zo goed afbrachten. Elke generatie heeft zijn eigen problemen. Misschien is het gros van de moderne ouder te vrij opgevoed en weet hij daardoor niet meer hoe hij regels moet stellen. Maar daar staat dan weer tegenover dat er tegenwoordig minder vaak klappen vallen. Dat kinderen veel langer kind mogen zijn en zich volop kunnen ontplooien. En misschien willen we te veel uit het leven halen en moeten we nodig keuzes maken. Maar daar staat dan weer tegenover dat vader nog nooit zo veel tijd aan de opvoeding van zijn kinderen heeft besteed als nu. En dat moeder eindelijk ook de ruimte krijgt om zich te ontplooien. 

Loyaler

Deze special is een hommage aan al die mensen die het lef hebben gehad om in deze moderne tijd kinderen op de wereld te zetten en een poging doen daar fatsoenlijke mensen van te maken. Ga er maar aanstaan, inderdaad. We hebben bijvoorbeeld een verhaal over de overeenkomsten tussen opvoeden en managen. Ik kan uit eigen ervaring vertellen dat opvoeden nog veel moeilijker is, al was het maar omdat je je eigen kinderen niet kunt ontslaan. We volgden een daglang een spitsuurgezin. Hij is uitgever van Intermediair (ja ja!), zij vice president international marketing bij Sara Lee. Samen hebben ze drie kinderen, van 5, 4 en 2. De oudste kinderen gaan allebei naar een andere school, de jongste gaat naar de crèche. Een au pair probeert nog enige regelmaat in hun leven aan te brengen. We hebben zoals gezegd het eerste grootschalige onderzoek onder kinderen van managers. Wat vinden zij er eigenlijk van dat hun ouders (zo veel) werken, gaan ze vaker met vakantie? Dat deze zomerspecial is opgedragen aan managers met kinderen, wil overigens niet zeggen dat managers zonder kinderen er niets in kunnen vinden. Al was het maar omdat zij weer leiding geven aan ouders. Dat is inderdaad wel eens om gek van te worden. Dan gaat die weer met zwangerschapsverlof, dan heeft die weer een ziek kind thuis… Maar als u daar als manager flexibel en begripvol mee om weet te gaan, zal de beloning in betrokkenheid en motivatie van die medewerker groot zijn. Ik heb er weliswaar geen onderzoek naar gedaan, maar ik vermoed dat medewerkers met kinderen namelijk veel loyaler zijn dan zij die geen gezin hoeven te onderhouden.