Winkelmand

Geen producten in je winkelwagen.

‘Ik wil niet managen, ik wil ondernemen’

Je leest nu: ‘Ik wil niet managen, ik wil ondernemen’

Sinds zijn verkiezing tot ‘Ondernemer van het jaar’ stroomden bij Arjen de Koning van Paradigit de uitnodigingen binnen om te komen praten over ondernemerschap. Regel nummer 1: alles kan altijd beter.

 

De beste ondernemer van de wereld is Arjen de Koning van Paradigit niet. Dat is H. Wayne Huizenga (zie kader), althans volgens de jury van de World Entrepreneur of the Year. Tijdens de prijsuitreiking in het mondaine Monte Carlo van deze wereldwijde competitie ging de Amerikaan van Nederlandse afkomst er met de prestigieuze titel vandoor. Maar zijn uitverkiezing tot beste ondernemer van Nederland vorig jaar was voor politici en het bedrijfsleven voldoende aanleiding om De Koning uit te nodigen om zijn verhaal te komen vertellen. Zo zat hij in panels met minister Brinkhorst van Economische Zaken en sprak hij de verkopers van kopieerapparatenfabrikant Océ in Venlo toe. Ondernemerschap is namelijk in. De Nederlandse economie zit in het slop en het vaderlandse bedrijfsleven dreigt hopeloos achterop te raken bij het Chinese wonder. ‘Innovatie’ is het veelgebezigde toverwoord voor dit probleem. De overbodige kosten zijn inmiddels uit het bedrijfsproces gesneden, nu is het tijd om met nieuwe producten en diensten nieuwe markten aan te boren.Maar hoe? De meeste nieuwe producten die wij in Nederland tegenwoordig verzinnen zijn variaties op een thema, iets waar Chinezen veel beter in zijn. Nederlanders lijken het innoveren te zijn verleerd. Dus vroegen Brinkhorst en Océ aan De Koning: ondernemen, hoe doe je dat eigenlijk? Wat is jouw geheim? Gelukkig kan Arjen de Koning – als genomineerde ook aanwezig in Monte Carlo – daar uren over vertellen.

In de tuin van het luxe Hermitage-hotel vertelt hij bijvoorbeeld dat hij altijd bezig is om te kijken of dingen te verbeteren zijn. Op het obsessieve af. “Af en toe worden mensen om mij heen daar helemaal gek van, maar ik kan het niet uitzetten. Er is altijd wel iets te verbeteren.” Is dat dan ondernemerschap: dat je het altijd beter wilt doen? Het is zeker een van de geheimen van het succes van Paradigit. Voor alle duidelijkheid: Paradigit is eigenlijk gewoon een retailer, een keten van computerwinkels, een dozenschuiver. Niet echt een groeimarkt, sterker nog, een markt die sterk gedomineerd wordt door prijsvechter Dell. Toch slaagde De Koning erin om binnen enkele jaren vijf procent van de Nederlandse markt te veroveren. Mogelijk nog interessanter voor de toekomst is het gat in de markt dat Paradigit vorig jaar aanboorde met zijn Skool-project. Skool is een netwerkoplossing via een adsl-lijn voor scholen, zodat ze zelf geen netwerkbeheerder meer nodig hebben. Inmiddels zijn honderd basisscholen aangesloten en de belangstelling onder schoolbesturen is enorm. De mogelijkheden zijn vrijwel eindeloos: Paradigit kijkt al naar het buitenland en ook beroepsgroepen als huisartsen en tandartsen zouden er enorm mee zijn geholpen. “Het aardig van Skool is dat het geen initiatief van mij is maar van een medewerker,” zegt De Koning. “Dat geeft wel aan dat het ondernemerschap ook dieper in de organisatie zit.” Maar dat is precies wat managers in het grote bedrijfsleven dan graag willen weten: hoe krijgt-ie dat voor elkaar?

Hoe krijg je ondernemerschap in de organisatie? Je kunt het wel in je personeelsadvertenties zetten en erop hameren tijdens allerlei heisessies, maar de meeste grote concerns zijn nog steeds zo ondernemend als een luiaard. “Het allerbelangrijkste is toch om je medewerkers plezier in hun werk te laten hebben. Als ze hun werk leuk vinden, dan hoef je ze niet aan te moedigen, dan komen verbeteringen uit henzelf.” Maar zoals iedere manager weet, dat is makkelijker gezegd dan gedaan. “Elke drie maanden hebben mijn managers een gesprek met alle medewerkers. We vragen ze dan: wat zou je willen veranderen aan je baan? Wat zou beter kunnen, wat zou jij anders willen doen? Dat is zo belangrijk: dat je als manager weet wat je mensen willen. Wat je niet weet, daarvan weet je niet dat je het niet weet. Daar moet je doorheen breken. En nog belangrijker, de medewerker voelt zich serieus genomen.” 

Successen

Sinds kort heeft De Koning een managementteam bij Paradigit geïnstalleerd. Vier mannen: een operationeel manager, een technisch, een financieel en een commercieel manager. De Koning is voorzitter, maar heeft al zijn dagelijkse taken overgedragen aan het mt. “Ik wil niet bezig zijn met managen, ik wil ondernemen. Wat ik dan wel doe? Ik loop rond, lees interne memo’s, praat veel met medewerkers, help soms mee in de winkel. Dan krijg ik ideeën. Over hoe het beter kan. Hoe we een bepaald probleem kunnen oplossen. Af en toe weet ik meer van wat er speelt op een afdeling dan de verantwoordelijk manager, want ik heb het overzicht. Dat probeer ik bij mijn medewerkers ook te stimuleren. Als je terugkomt van vakantie, ga dan niet gewoon door met waar je mee bezig was, maar denk eerst even na over wat je eigenlijk anders zou willen doen. Hoe het beter kan.” Het kan altijd beter. Geldt dat ook voor De Koning zelf? Na lang aandringen: “Nou ja, ik zou soms wat meer tijd moeten nemen om onze successen te vieren. Ik wil altijd verder, ik moet leren me soms in te houden.”

Ondernemerschap volgens Arjen de Koning

> Alles kan altijd beter > Neem je medewerkers serieus > Wat je niet weet, daarvan weet je niet dat je het niet weet > Maak je hoofd en agenda leeg, zodat je ruimte krijgt voor de beste ideeën

Nederlands tintje

De winnaar van de World Entrepreneur of the Year, een verkiezing georganiseerd door Ernst & Young, heet dit jaar H. Wayne Huizenga (68). Dat klinkt bekend. Huizenga’s grootvader vertrok uit Groningen om zijn geluk in de VS te proberen. Kleinzoon Wayne is daar aardig in geslaagd. Huizenga, met een geschat vermogen van 1,8 miljard dollar, heeft in zijn loopbaan maar liefst zes bedrijven opgericht die nu aan de beurs van New York genoteerd staan, waaronder videoverhuurketen Blockbuster, autodealer AutoNation en vuilverwerkingsbedrijf Waste Management. Een oeuvreprijs dus met een Nederlands tintje. Wie zegt dat wij niet ondernemend kunnen zijn?